Straat of pak? Dat was de vraag tijdens de Parijse mannenmodeweek

Mode

Tijdens de Parijse mannenmodeweek werden alle clichés over pakken onderuit gehaald.

De Amerikaanse ontwerper Virgil Abloh maakte zijn debuut bij Louis Vuitton tijdens de Parijse mannenmodeweek. Op de foto was hij bij de show van Dior. Foto François Guillot/AFP

Louis Vuitton

De Parijse mannenmodeweek voor voorjaar 2019 was vooral de week van Virgil Abloh. Twee shows had de 37-jarige Amerikaanse ontwerper afgelopen week – de presentatie van de nieuwe collectie van zijn eigen merk Off-White, en, voor het eerst, die van Louis Vuitton, dat hem in maart creatief directeur van de mannenlijn maakte. Als toetje was er een tentoonstelling in de Parijse vestiging van de beroemde Gagosian-galerie.

Het vijf jaar oude Off-White is een hit. Vooral jongeren zijn dol op de modieuze, draagbare stukken waar vaak het logo, de naam van het label of teksten als “hoodie” of “bomber” op staan. Er is ook kritiek: Abloh, die werd opgeleid als architect en zijn carrière begon als creatieve directeur van Kanye West, kijkt wel erg goed naar collega’s als Raf Simons en Miuccia Prada.

Dat Louis Vuitton hem in huis haalde zegt veel over de stand van de mode, en die van de mannenmode in het bijzonder. Het gaat niet meer om originele ontwerpen, maar om streetwear, merken en logo’s. Zeker onder de millennials waar ieder luxemerk nu op jaagt – want de toekomst – is streetwear de grote trend.

Logo’s kent Louis Vuitton natuurlijk als geen ander, de aantrekkingskracht van streetwear kent het merk sinds het in 2017 een samenwerking aanging met skatemerk Supreme – zelden vlogen kostbare stukken zo razendsnel de winkel uit als die rode sweaters en accessoires met beide logo’s.

Lees ook: Hoe Kim en Kanye de mode-industrie ontwrichten

Voor de show van Off-White was het dit keer niet zo gevaarlijk druk als tijdens de vrouwenmodeshow in maart – er was dan ook gekozen voor een minder smalle straat – maar bij de Gagosian waren op de openingsavond de rijen zo lang dat veel belangstellenden helemaal niet binnen kwamen en de volgende dag moesten terugkomen om de werken te zien die hij samen had gemaakt met de Japanse kunstenaar Takashi Murakami, die bij het grote publiek vooral bekend is van zijn ontwerpen voor de tassenlijn van Louis Vuitton. Op de tentoonstelling waren lachende, met bloemblaadjes omringde hoofdjes van hout te zien die op een eveneens houten logo van Off-White waren bevestigd. Een driedimensionaal bloemhoofdje van plastic piepte uit een met graffiti beklad kasje waarop in Off-Whitestijl de tekst “life itself” was aangebracht.

De show van Abloh, samen met Olivier Rousteing van Balmain de enige zwarte ontwerper die aan het hoofd staat van een bekend luxehuis, had als thema ‘We are the world’, en de setting draaide helemaal om ‘inclusiviteit’. De modellen kwamen uit alle delen van de wereld, de lange catwalk op de binnenplaats van het Palais Royal had alle kleuren van de regenboog. Achter de lange banken stond Louis Vuitton-personeel en schoolkinderen in T-shirts in kleuren die pasten bij het gedeelte van de catwalk waar ze stonden.

Een tikje minder inclusief was de collectie, die alleen betaalbaar is voor de rijken, wat nog eens werd benadrukt door het veelvuldige gebruik van kostbaar wit krokodillenleer voor accessoires en zelfs een trenchcoat. Verrassend was het zuinige gebruik van logo’s – wel op accessoires, nauwelijks op kleding – en de aanwezigheid van non-streetmode als de elegante crèmekleurige double-breasted blazer over bijpassende, wijde pantalonpijpen waarmee de show opende (met sneakers, dat weer wel). Een aantal van de sportievere kledingstukken, zoals (mouwloze) jasjes met driedimensionale zakken en holsters van leer en textiel deden denken aan het werk van de Oostenrijkse ontwerper Helmut Lang, wiens stijl van grote invloed was op de mode van de jaren negentig.

Verrassend was het zuinige gebruik van logo’s bij Louis Vuitton

Op alle zitplaatsen lag het zes pagina’s tellende alfabetische The vocabulary according to Virgil Abloh klaar. Het woord ‘hype’ had het niet gehaald, maar verder had Albloh een antwoord op alle mogelijke kritiek. Volgens hem is het genoeg om 3 procent te veranderen om van een ‘normatief’ voorwerp iets speciaals te maken, dat was nog vóór de A te lezen. Bij de D van ‘designer’ vertelde hij ontwerper noch imagomaker te zijn, maar dat hij „de titel van creatief directeur wil definiëren voor een nieuw tijdperk”. Bij de M van ‘millennials’ stond dat het een „term is die wordt gebruikt voor consumenten die zijn geboren tussen de late jaren tachtig en de vroege jaren negentig, en die vaak geassocieerd [...] wordt met Virgil Abloh, een non-millennial met gevoel voor millennials.”

Bij de I van ironie: „De filosofie van een nieuwe generatie. De aanwezigheid van Virgil Abloh bij Louis Vuitton.”

Dior Men

Virgil Abloh was niet de enige die zijn debuut maakte bij een groot modehuis. Kim Jones, Ablohs voorganger bij Louis Vuitton die opstapte omdat hij last zou hebben van een ‘seven year itch’, tekende al een week later bij Dior Homme, dat inmiddels herdoopt is tot Dior Men. Onder voorganger Kris Van Assche stond het merk bekend om de scherpe en donkere pakken. Jones gooide het roer in een keer om. Ook hij koos niet voor de gemakkelijke weg van de streetwear, maar had zich vooral laten inspireren door de haute couture van de legendarische ontwerper, en dat leverde een opvallend zacht beeld op. Rondom een enorm, met 70.000 bloemen bedekt beeld van de kunstenaar Kaws, dat een Christian Dior met zijn hondje voorstelde, liepen modellen in zacht getinte, elegante pakken, broeken die van onder transparant waren, een witte kante blouse, jassen met een lieflijk bloemmotief (van Diors servies) of toile de jouy (dat aan de muur van Diors eerste boetiek hing). Het zou zomaar het begin van een nieuwe richting in de mannenmode kunnen zijn.

Dries Van Noten

Twee weken geleden werd bekend dat Dries Van Noten, na 32 jaar onafhankelijk te zijn geweest, een meerderheidsaandeel heeft verkocht aan het Spaanse parfumbedrijf Puig, ook eigenaar van Jean Paul Gaultier en Carolina Herrera. De ontwerper heeft niet gezegd wat precies de reden is, maar het zou zomaar kunnen dat hij wat minder verantwoordelijkheid wil en de toekomst van zijn modehuis veilig wil stellen; in mei werd hij 60. Af te lezen aan zijn mannencollectie is hij er blij mee, want die was zelfs voor een ontwerper die bekend staat om zijn opgewekte collecties uitbundig. Als eerste modeontwerper mocht hij de dessins van de Deense meubel- en interieurontwerper Verner Panton (1926-1998) gebruiken, en naar believen vergroten. De golvende motieven in blauw, groen en rood en typische jarenzestigkleuren als bruin en oranje gebruikt hij voor alle mogelijke kledingstukken: T-shirts, sweaters, de pakken die bezig zijn aan een comeback en de zwembroeken waarmee de show opende en sloot. Ook combinaties van effen kledingstukken, zoals een oranje jas over een baksteenrode overall, lieten weer eens zien hoe goed hij is met kleur.

Lees ook het interview met Dries Van Noten: ‘Ik ben zot van mode, maar soms weet ik echt niet meer waar ik naar aan het kijken ben’

Undercover

Veel modehuizen leken in de ban van stammen, zowel in de letterlijke zin (de indianencollectie van het Japanse Sacai, compleet met een veer in het haar) als in de figuurlijke – jeugdculturen en protestbewegingen. De show van het Japanse Undercover stond zelfs helemaal in het teken van subculturen – die door ontwerper Jun Takahashi zelf waren bedacht, zoals de Dead Hermits (multiculturele hippies met haarbanden en beige broeken met scheuren en uitlopende pijpen) de Vlads (bleke new-wavers met stripachtige prints op hun zwarte jassen) en de Bloody Geekers (bebrilde nerds in camouflagejasjes, Manga-sweaters, brillen en hamers in hun handen). Takahashi liet zijn modellen groep voor groep opkomen – acht waren er in totaal. Aan het einde van de show marcheerden ze gezamenlijk door de zaal, allemaal met een eigen vlag. Bijna een modemusical.

Van links naar rechts: Louis Vuitton, Dior Men en Dries Van Noten
Foto’s Frederique Dumoulin/Patrice Stable/ Victor Virgile/Bertrand Guay

Comme des Garçons

Streetwear of pakken, of iets ertussenin – dat was de belangrijkste modevraag tijdens de Parijse show. Rei Kawakubo, de vrouw achter Comme des Garçons, liet haar modellen sneakers dragen, en een paar ondefinieerbare kledingstukken die aan anoraks of T-shirts deden denken. Maar haar show was vooral een pakkenshow. En wat voor pakken: met korte broeken, met ingewikkeld plooiwerk, slierten, gemaakt van felgekleurde glansstoffen, bezet met kleine stukjes losse groene stof die samen een camouflagemotief vormden. En zo haalde ze elk cliché over het pak onderuit.

Jacquemus

Voor zijn allereerste mannencollectie liet Fransman Simon Porte Jacquemus zich inspireren door de stoere jonge straatmannen van Marseille. Om dat goed over te brengen, zo meende hij, moest die ter plaatse worden geshowd. En dus eindigde de Parijse mannenmodeweek voor voorjaar 2019 aan een strand net buiten Marseille, waar modellen blootsvoets door het zand liepen in uiterst draagbare, maar sexy kleding: kleine zwembroekjes, openhangende shirts, strakke truitjes, lage broeken met opgerolde pijpen. De op de buik gedragen tasjes waren een duidelijke verwijzing naar de kleine messengerbags van grote merken als Gucci en Louis Vuitton waar jonge mannen zo dol op zijn.

Van links naar rechts: Undercover, Commes des garçons, Jacquemus en Lanvin.
Foto’s Frederique Dumoulin/Patrice Stable/ Victor Virgile/Bertrand Guay

Lanvin

De Nederlandse mannenmodeontwerper Lucas Ossendrijver kan het niet makkelijk hebben: sinds de succesvolle vrouwenmodeontwerper Alber Elbaz werd ontslagen, rommelt het bij het huis, dat onlangs werd overgenomen door een Chinees conglomeraat. Elbaz’ twee opvolgers zijn allebei alweer weg, een opvolger is nog niet gevonden, de inkomsten zijn ernstig teruggelopen. Maar Ossendrijver maakte wederom een prachtcollectie. Hij koos niet voor streetwear of elegantie, maar vond in bijna elke outfit en soms zelfs kledingstuk een combinatie van die twee – zie bijvoorbeeld een blouse met een rits en een bolle kraag die doet denken aan een neergeslagen capuchon of een elegante pantalon met de valling van een trainingsbroek. Zulke nu zo actuele hybrides zijn overigens al jaren zijn handelsmerk, net als zijn heel eigen, fraaie kleurpalet. Dit keer vielen vooral (lavendel)blauw, bruin en gedempt rood op.

    • Milou van Rossum