Samsung en Apple leggen patentenstrijd in stilte bij

Smartphones De smartphonemakers beëindigen hun patentenoorlog: ze hebben grotere belangen.

Illustratie Roland Blokhuizen

Zo luidruchtig als ze hun patentenoorlog uitvochten in de rechtbank, zo stilletjes hebben Samsung en Apple vrede gesloten. De telefoonproducenten beslechten hun conflict in de VS, de belangrijkste markt, na zeven jaar. Dat blijkt uit documenten die een Californische rechtbank deze week publiceerde.

In 2014 legden Apple en Samsung al hun wederzijdse aanklachten in andere landen, waaronder Nederland, neer.

Jarenlang lagen de bedrijven met elkaar in de clinch over afgeronde hoeken, inzoomen met twee vingers, scrollen met stuiterend beeld en de rangschikking van apps op het beginscherm. Alle peperdure advocaten ten spijt lijken smartphones, ruim tien jaar na de eerste iPhone, nog altijd sprekend op elkaar.

Slaafs kopiëren

Apple introduceerde de iPhone in 2007. Toen Samsung met zijn eigen Galaxy-smartphones volgde, beschuldigde Apple de Zuid-Koreaanse fabrikant van slaafs kopiëren.

Apple gebruikte de patenten om verkoopverboden af te dwingen en zo de voorsprong van de iPhone zeker te stellen. Apple had de iPhone en iPad, en met name de bediening via het aanraakscherm, stevig beschermd.

Dat vloeide voort uit de angst om opnieuw het onderspit te delven in een patentenstrijd, zoals Apple overkomen was met Microsoft Windows. Hoewel iOS in omvang snel werd ingehaald door Google Android, heeft iOS nog altijd zo’n 15 procent marktaandeel. Zo domineert Apple het lucratieve premium segment.

In de VS kreeg Apple in 2012 een schadevergoeding van 1 miljard dollar toegewezen. Dat werd uiteindelijk 539 miljoen dollar, waarvan Samsung al 399 miljoen had betaald.

Het tot op de bodem uitvechten van de patentenzaak was voor Apple deels een erekwestie; het was oprichter Steve Jobs die een ‘kernoorlog’ uitriep over het Android-systeem. Hij voelde zich verraden door Google, dat volgens Jobs met Android een schaamteloze kopie van het besturingssysteem van de iPhone had gemaakt. Jobs overleed in 2011, het jaar waarin Apple de rechtszaak tegen Samsung aanspande.

Lees ook: Het keiharde spel om de smartphone-markt

Grotere belangen

Zeven jaar later heeft Apple grotere belangen. Apple en Samsung zijn met elkaar verweven: Samsung is bijvoorbeeld leverancier van het oled-scherm van de iPhone X en wil graag chips voor toekomstige iPhones gaan leveren. Nu bouwt alleen TSMC de belangrijkste chip (A11) voor de iPhone. Met een tweede producent – Samsung bijvoorbeeld – is Apple minder kwetsbaar voor leveringsproblemen en kan het betere prijzen afdwingen. Samsung leverde in het verleden de A-chip, totdat de relatie met Apple verslechterde. Die lijkt nu hersteld.

De strijd in de rechtbank mag dan afgelopen zijn, de concurrentie in de winkel is er niet minder om. Apple en Samsung domineren de markt voor premium telefoons, waarvan de prijzen inmiddels zijn opgelopen tot ver boven de duizend euro. Samsung en Apple hebben samen bijna veertig procent van de markt in handen, de rest wordt bediend door Chinese fabrikanten als Huawei, Oppo en Xiaomi.

Samsung zal zijn toptoestel, de Galaxy Note 9, introduceren op 9 augustus, een maand voordat Apple nieuwe iPhones aankondigt.

Apples topmodel wordt dit jaar vermoedelijk de iPhone X Plus; met een nog groter oled-scherm en een nog groter prijskaartje.

Correctie (29 juni 2018): In een eerdere versie stond dat Samsung inmiddels 399 miljard heeft betaald. Dat is aangepast naar 399 miljoen.

    • Marc Hijink