Opinie

Laat de zestiger nog even knallen op kantoor

De ouder wordende ontving ongevraagd kortingsbonnen voor ouderen. Ondertussen ziet hij gezonde en energieke zestigers als een kaarsje uitdoven op hun werk. „Wat is dit voor zottigheid?”

Foto Getty Images

Tot in de twintigste eeuw werden vrouwen in de westerse wereld als tweederangs burgers gezien. Geen stemrecht, geen handelingsbekwaamheid binnen het huwelijk, geen carrière. In onze ogen absurde noties die in honderd jaar tijd gelukkig verdwenen zijn.

Net zulke absurde noties bestaan er nu over ouderen. Kortgeleden werden ouderen na hun vijftigste min of meer afgedankt. Decennialang werd je uiterlijk op je 65ste gepensioneerd, als het even kon weggestopt in een bejaardentehuis, en dan maar wachten op het einde. In de jaren tachtig en negentig werd het, met het enorme aantal jonge toetreders op de arbeidsmarkt, normaal voor een 53-jarige om zich met een vutregeling terug te trekken. Dat werd als heel wenselijk beschouwd.

Gelukkig zijn deze denkbeelden verlaten. Maar de culturele, maatschappijbrede verdrukking van ouderen houdt aan: in vele beroepsgroepen en bij vele werkgevers (artsen- en advocatenmaatschappen, grote bedrijven) is ‘pensionering’ na je zestigste verplicht. De lineaire ontwikkeling van het werkend leven is nog steeds de norm: ‘up or out’. Op mijn vijftigste ontving ik van mijn gemeente ongevraagd een pasje met brochure waarmee vele geneugten voor mij toegankelijk werden gesteld: korting in musea, wandel- en fietstochtjes, cursussen van velerlei aard. Nu mag je eindelijk gaan genieten van het leven, zo lijkt de boodschap.

Wat is dit voor zottigheid? Zijn wij met z’n allen gek geworden? Met welk recht beslissen wij over de levens van anderen? Welk achterhaald collectivistisch denken ligt ten grondslag aan dit wegzetten van een heel grote bevolkingsgroep?

Lees ook: We worden massaal honderd. Wat gaan we met die extra tijd dóén?

Zoals vrouwen eind negentiende eeuw beschouwd werden als tweederangs burgers, zo worden nu ouderen dat. Vrouwen hebben hun emancipatie moeten bevechten, in een strijd die ten minste tachtig jaar geduurd heeft. Zo zullen de komende decennia ook de ouderen hun vrijheid moeten veroveren.

Wij moeten wég van het naoorlogse socialistische zieligheidsdenken. Wég van het verzorgen, van het afhankelijk maken. Ouderen zijn juist krachtiger. Bevrijd van de knellende banden van het leven dat achter ze ligt, als adolescent, als jongvolwassene die zijn plek nog moest veroveren, als ouder die zijn kinderen moest laten opgroeien. Als midlifewerknemer die in de hiërarchie van twee kanten onder druk stond.

Verspillend om de werkkracht, wijsheid en ervaring van zestigers weg te gooien. En verspilling is toch juist wat wij níét meer willen?

Als oudere vanaf circa zestig jaar ben je van al deze zorgen los. Niets hoeft meer bewezen of veroverd te worden. Je bent al in minder of meerdere mate geslaagd in het leven: als vader, als professional, als echtgenoot, als vriend, als mens. Velen hebben financiële reserves. Dat geeft ongelooflijk veel ruimte: ruimte in je agenda, ruimte in de financiën, ruimte in je hoofd. De ruimte om keuzes te maken.

Bovendien komen wij als maatschappij tot het besef, dat het wel erg verspillend is om de werkkracht, wijsheid en ervaring van de zestigers zomaar weg te gooien. En verspilling is toch juist wat wij in de duurzame wereld níét meer willen? De circulaire economie is het nieuwe streven; waarom niet in de arbeidsmarkt?

De grote aantallen gezonde, energieke en kundige zestigers kunnen niet allemaal hun weg vinden in een zzp-bestaan: een portefeuille van bijvoorbeeld adviesopdrachten, bestuurs- en vrijwilligerswerk. Nee, deze mensen moeten doodeenvoudig langer in dienst blijven. Niet als uitgebluste oudjes die geparkeerd worden in onaantrekkelijke banen en hun tijd uitzitten, omdat ze voor het echte werk niet geschikt meer zijn. Maar in échte rollen waarin zij échte verantwoordelijkheid dragen.

Lees ook: Wen er maar aan: een collega van 74

Hiervoor moet een heel nieuw denken binnen organisaties op gang komen. Recent onderzoek wijst uit dat multigenerationele teams effectiever zijn. In de nieuwe, niet-hiërarchieke organisaties met zelfsturende teams en agile werken, zijn ouderen juist op een heel slimme en effectieve manier goed in te passen. Werkgevers moeten het langer in dienst blijven van ouderen veel actiever gaan stimuleren. Er moet veel creatiever tegen carrières worden aangekeken: niet lineair, maar circulair of parabolisch.

De Facebook-generatie van de millennials en de late babyboomzestigers hebben zo hetzelfde belang: het afscheid nemen van hiërarchiek en lineair denken. Transparantie en anarchie waren ín in de jaren zestig en zeventig. Komen de idealen van de flowerpowergeneratie alsnog uit?