Iraniërs de straat op na koersval van munt

Economische malaise Iraniërs voelen de gevolgen van Trumps besluit het nucleaire pact op te zeggen. Het verbiedt de import van ruim 1.300 goederen.

Betogers in Teheran begin deze week. De opzegging van het nucleaire akkoord door president Trump van vorige maand verdiept de economische problemen in het land. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken riep dinsdag de wereld op na november geen Iraanse olie meer te kopen. Foto EPA

Maak geen buitenlandse pleziertripjes meer, die maar kostbare buitenlandse valuta opslokken. Wees goede patriotten en help de regering de economische problemen van Iran op te lossen. Met zulke oproepen proberen Irans hoogste geestelijke ayatollah Ali Khamenei en andere leiders de schade te beperken die de opzegging van het nucleaire akkoord door president Trump van vorige maand al teweeg brengt.

Begin deze week gingen vele honderden handelaren van de grote bazaar in het centrum van Teheran de straat op om te protesteren tegen de snel stijgende prijzen van de laatste maanden. De politie greep hard in met traangas om de betogers te verdrijven. Onder geen beding willen de machthebbers een herhaling van de golf van demonstraties en stakingen die Iran ook al rond de jaarwisseling trof. Toch kwamen er dinsdag ook uit steden als Kermanshah en Isfahan berichten over onrust.

Lees ook: De belangrijkste vragen over het nucleair akkoord

De prijsstijgingen raken vooral importgoederen zoals auto’s en mobiele telefoons. Ze zijn veroorzaakt door een slinkend vertrouwen in de Iraanse economie, wat zich weerspiegelt in een drastische koersval van de Iraanse munt, de rial. Eind vorig jaar was een dollar nog 42.000 rial waard, deze week 90.000 rial. „We zijn allemaal boos wegens de economische situatie”, zei een handelaar in Teheran tegen persbureau Reuters. „Zo kunnen we onze zaken niet voortzetten.” Wie kon, stalde zijn spaargeld al eerder in het buitenland.

Zware tijden

De Iraanse autoriteiten probeerden de daling in eerste instantie een halt toe te roepen door een verplichte wisselkoers vast te stellen van 42.000 rial per dollar. Die opzet mislukte. De koers bleef dalen op de markt. Importbedrijven konden echter nog steeds tegen de kunstmatige koers van 42.000 rial dollars kopen bij de overheid. Sommige van die bedrijven deinsden er vervolgens niet voor terug, meldde de gerespecteerde website Middle East Eye, hun dollars met aanzienlijke winst door te verkopen.

De regering van president Rohani, die zich er tot voor kort juist op beroemde de economie te hebben gestabiliseerd na een periode van forse inflatie, bereidt zich intussen op zware tijden voor. De minister van Handel en Industrie, Mohammad Shariatmadari, kondigde maandag een verbod aan op de invoer van ruim 1.300 goederen, waaronder machines, huishoudelijke artikelen, textiel en schoenen. Die goederen kunnen ook in eigen land worden gemaakt, meent hij.

Ook de afzet van Irans belangrijkste exportproduct, olie, wordt onzeker. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, dat via minister Mike Pompeo Iran onlangs met „de strengste sancties uit de geschiedenis” dreigde, riep dinsdag de wereld op na november geen Iraanse olie meer te kopen. Naar verwachting zullen de Amerikanen vooral druk uitoefenen op bondgenoten die Iraanse olie invoeren zoals Zuid-Korea, Italië, Spanje en Frankrijk. De grootste afnemers, China en India, zullen zich daar vermoedelijk minder van aantrekken.

Iran wil dat Europa bewijst dat het echt wil vasthouden aan het nucleaire pact van 2015. Lees ook: Iran laat zich niet langer aan het lijntje houden

Zo stevent Iran af op een nieuwe periode van groeiend economisch isolement, waarbij het zoveel mogelijk zelfvoorzienend probeert te zijn.

Vervlogen hoop

Na het bereiken van het akkoord in 2015 met de internationale gemeenschap over de beperking van Irans nucleaire programma – in ruil voor de opheffing van economische sancties – was de hoop van velen juist dat Iran meer deel zou kunnen uitmaken van de wereldeconomie en welvarender zou worden. Die hoop lijkt goeddeels vervlogen.

Weliswaar wil Europa het pact met Iran voortzetten, maar het lijkt er niet op dat Europese landen de druk kunnen weerstaan van de VS, die met sancties tegen Europese bedrijven dreigen die nog handel drijven met Iran. Grote concerns als Total en PSA (Peugeot en Citroën) hebben al laten weten dat ze overwegen te vertrekken uit Iran, ondanks aantrekkelijke toekomstperspectieven.

Intussen probeert ayatollah Khamenei, bijna 79 jaar oud en al 29 jaar aan het bewind, de moed erin te houden. „De mensen zijn wakker, ze zijn gemotiveerd en ze zijn niet vermoeid”, verklaarde hij onlangs - zoner veel bewijs - in een toespraak. „Degenen die dat idee steunen, volgen de propaganda van de vijand.”

    • Floris van Straaten