Verzetsopera Thijl is na 78 jaar weer actueel

Verzetsopera

In een locatietheater van 90 zeecontainers brengen Utrechtse studenten de romantische Nederlandse verzetsopera ‘Thijl’ uit 1940.

De verzetsopera Thijl, opgedragen ‘aan de strijders voor recht en vrijheid’, stamt uit 1940 maar is nu weer „zeer actueel” Foto Wouter Jansen

De ligging in een open veld maakt het moderne gebouw nog imposanter. Dit is het Nationaal Militair Museum, in 2014 geopend op de plek van de voormalige vliegbasis Soesterberg. Achter de glaswanden strijden tanks en gevechtsvliegtuigen om de aandacht – als de bezoeker niet al was afgeleid door de negentig hemelsblauwe zeecontainers die tijdelijk tegen de gevel staan.

Vanaf dit weekend vormen die containers een compleet theater, inclusief de tribunes en de met zand bespoten bühne waar geuzenheld Thijl met welluidende zang (‘Mijn hart had maar één haat/ mijn vuist wist maar één taak!’) de Spanjaarden van repliek zal dienen.

„We wilden onze lustrumopera Thijl op een bijzondere plek brengen”, zegt Petra Sanders, student geneeskunde en daarnaast hoboïste en bestuurslid van het Utrechts Studenten Concert. „Eerst dachten we aan een tent. Maar dit bleek handiger, bijzonderder en steviger.”

Binnen snijdt een gure zomerstorm door rijtjes met 750 stoelen, op het podium wikkelt een groepje kindfiguranten zich in fleecedekentjes. „We zingen vandaag met tegenwind”, zegt bariton Anthony Heidweiller (Thijl) monter. Dirigent Bas Pollard: „Hoe de akoestiek straks écht uitpakt, is spannend. Deze opera is georganiseerd door het orkest, dus de musici laten zich niet wegstoppen in een orkestbak. Maar we willen ook geen versterking voor de zangers. Dus zijn we de partituur op veel plekken aan het uitdunnen. Hier geen drie hoorns, maar één. En daar misschien maar even helemaal geen contrabassen. Je moet de zangers goed kunnen horen.”

Anti-fascist

De laatromantische, Nederlandstalige opera Thijl (1940) is het hoofdwerk van dirigent, componist en verzetsman Jan van Gilse (1881-1944). De ontstaansgeschiedenis is een tragedie: van Gilse, in Duitsland opgeleid en tot de jaren dertig zowel hier als daar succesvol, verliet Duitsland zodra Hitler aan de macht kwam. In Nederland werd hij als fel anti-fascist meteen lid van het verzet. Hij weigerde ook als eerste om zich aan te sluiten bij de ‘Kultuurkamer’ en dook met zijn vrouw onder op een serie adressen.

Thijl, opgedragen ‘aan de strijders voor recht en vrijheid’, is een verzetsopera, al deed het Van Gilse genoegen het revolutionaire karakter „historisch te maskeren”, zoals hij schreef aan collega-componist Matthijs Vermeulen.

„Maar de tekst was in 1940 wel degelijk zeer actueel, en is dat nu opnieuw”, vindt bariton Antony Heidweiller. „‘Het zijn de gekken die de wereld leiden’, zing ik. Hoe toepasselijk wil je het hebben? Ik beschouw onze opvoeringen van Thijl ook echt als een eerbetoon aan de uitzonderlijke moed van Van Gilse, die zijn eigen leven én dat van zijn gezin riskeerde in zijn strijd tegen onrecht.”

Van Gilses beide zonen, óók actief in het verzet, werden in 1943 en 1944 geëxecuteerd. Van Gilse zelf kwam daar niet overheen en overleed in 1944. En Thijl kreeg zijn scenische première uiteindelijk pas in 1980. Kranten noemden het „onbegrijpelijk” dat het zo lang had moeten duren. Maar na 1980 verdween Thijl opnieuw geheel van het toneel – tot nu.

„Natuurlijk heb ik me afgevraagd of we niet beter voor Puccini, Verdi of Mozart hadden kunnen kiezen”, zegt dirigent Bas Pollard. „Zeker omdat je werkt met studenten die hun hele leven waarschijnlijk geen andere opera meer zullen uitvoeren.”

Treurmuziek

Maar USC-bestuursvoorzitter Jaap van Hellenberg Hubar (26) wist hem te overtuigen. „Mijn vader had al belangstelling voor de figuur van de Utrechtenaar Jan van Gilse, in die zin is mijn fascinatie me met de paplepel ingegoten”, lacht Hubar. „Muzikaal kende ik de treurmuziek uit Thijl, die ik altijd al erg mooi vond. Dus toen ik gevraagd werd onze lustrumopera te organiseren en ontdekte dat daar een hele opera bij hoorde, prikkelde dat mijn nieuwsgierigheid. Iedereen raadde het me af: te groot bezet, te omvangrijk, te complex. Waarop ik alleen maar dacht: als er een groep is die het wél kan, dan wij.”

Een orkest met enorme bezetting: aanwezig. Ervaring in de productie van een grote opera op locatie: idem. En dan zijn er nog de drive en wilskracht van acht vrijwilligers uit het orkest die zich een vol jaar fulltime voor het project inzetten. „En fulltime betekent ook fulltime”, lacht Petra Sanders – dagelijks van 7 tot 22 uur aanwezig.

Hubar: „Dus waarom zou je dan níét? Als we iets willen toevoegen aan het Nederlands muzieklandschap, moeten we juist niet weer de zoveelste Traviata gaan doen.”

Thijl door het Utrechts Studenten Concert o.l.v. Bas Pollard. Regie: Wim Trompert. Voorstellingen 30/6 en 2, 4, 6, 7, 11, 13, 15 en 17/7 naast het Nationaal Militair Museum. Voorafgaand is er een festivalprogrammering met muziek en sprekers en foodtrucks. Inl: thijl2018.nl
    • Mischa Spel