Albumoverzicht: slaapkamerpop, een stormkrachtstem en een overdonderend jazzalbum

Christina Aguilera heeft nog altijd een stormkrachtstem, en Kamasi Washington heeft opnieuw een overdonderend jazzepos gemaakt. Nieuwelingen zijn er ook: Sophie en Yuno.

  • ●●●●●

    Christina Aguilera: Liberation

    Christina AguileraPop: Christina Aguilera vraagt wat van de luisteraar. Op haar nieuwe album staan powerballades als ‘Fall In Line’ waarin haar stem op stormkracht langsraast. In deze tegenwind is het moeilijk de nuance te ontdekken. Of ze presenteert zich juist nadrukkelijk gevoelig, over haar verkeerde keuze in mannen bijvoorbeeld, in het voorspelbare ‘Masochist’ („I must be some kind of masochist”).
    Tot zover de nadelen. Want Liberation maakt in enkele opzichten zijn titel waar. Aguilera neemt de vrijheid om door de genres te surfen: reggae, hiphop, musical. Het album klinkt levendig, en verrast met plotselinge fluitsolo’s in rapnummer ‘Like I Do’.De zware funk-opening van ‘Sick Of Sittin’ (over staan bij een concert) krijgt een gespierd vervolg in Aguilera’s wilde en dribbelige stembuigingen, in de stijl van Janis Joplin. De intermezzo’s zijn soms knullig (over meisjes die president willen worden) maar dat is te vergeven. De klank van Aguilera’s bevrijde stem is ruiger dan de inhoud.
    Hester Carvalho

  • ●●●●

    Kamasi Washington: Heaven and Earth

    Kamasi WashingtonJazz: Zijn ambitieuze spirituele jazz-ode Epic (2015) maakte de Californische tenorsaxofonist Kamasi Washington in korte tijd een veelbesproken jazzartiest. Dit bijna drie uur durende jazzepos door band, fors koor en orkest droeg ver en was grensoverschrijdend. Niemand kon er om heen.
    Heaven and Earth is een wederom copieuze opvolger waarop Washington dezelfde lijn volgt. Dat is in de eerste plaats weer prachtig en overdonderend: vier elpees in een schitterende hoes, met ook weer tweeënhalf uur aan rijk geschakeerde jazz (psychedelica, seventies funk, feestelijke souljazz afgewisseld met vlagen van freejazz) vol orkestrale lyriek, koorzang en veel musici.
    Het deel ‘Earth’ is aards en rauwer met overtuigende historische verbanden. Het tweede deel, het hechtere, introspectieve ‘Heaven’, zweeft meer op melancholieke ondertonen.
    In alles is Kamasi Washingtons drive voelbaar, maar herhaling ligt bij dit album op de loer. Het is wederom veel en overvloedig. Wat zou het zonde zijn als dit een formule wordt.
    Amanda Kuyper

  • ●●●●

    Sophie: Oil Of Every Pearl’s Un-Insides

    SophieElektronisch: Intro ‘It’s Okay to Cry’ is een hartverwarmende ballad en vast niet toevallig een variatie op het adagium ‘Boys don’t Cry’ dat transvrouw Sophie met haar laatste album lijkt te willen verbrijzelen. Een suikerzoet synthesizer-loopje gaat over in beats die plots exploderen in je gezicht. Die dualiteit is de rode draad in het album van de post trance-producer: je hoort catchy computerpop, maar ook harde, ruwe en verstoorde beats.
    Nummers als ‘Infatuation’ klinken extreem zoet, het sinistere ‘Pony Boy’ klinkt juist futuristisch en bruusk alsof het gejaagde heipaal-muziek voor op de catwalk is. Na een variatie op Madonna’s ‘Material Girl’ (‘Immaterial’) volgt het prachtige ‘Is it Cold in The Water’. Het is alsof de Britse producer de luisteraar vrij en uitdagend tegemoet treedt, maar ook de keerzijde van die hard bevochten vrijheid toont. De synths en blokkerige beats worden bijna grotesk in ‘Faceshopping’, maar dat past bij een nummer over plastische chirurgie.
    Sophie speelt op ingenieuze wijze met klankkleur en poëtische teksten.
    Rolinde Hoorntje

  • ●●●●

    Yuno: Moodie

    YunoPop: In slechts zes nummers overtuigt zanger/muzikant Yuno Moodie de luisteraar van zijn mogelijkheden om een ongepolijst maar betoverend geluidsbeeld te scheppen. Yuno, die zijn debuut naar zijn eigen achternaam noemde, maakt muziek in zijn slaapkamer, in zijn eentje. De rudimentaire omstandigheden zijn te horen en dat is gunstig. Nummers als ‘Amber’ en ‘Fall In Love’ hebben een vernuftige opbouw en zitten zo vol muzikale ideeën en koortjes dat de productie aangenaam ontnuchterend werkt.
    Zo sneert de gitaar lomp door Yuno’s galmende woorden in ‘Why For’ en behoedt het nummer daarmee voor zweverigheid. Yuno, uit Florida, schrijft lome melodieën en bedenkt voor elk lied een handelsmerk: een repetitieve krakerige sample of een onderaards lage zoemtoon. In elke context klinkt Yuno’s stem ontheemd maar gevoelig. „I can’t make you fall in love with me”, zingt hij in ‘Fall In Love’; de tekst is droevig, de falsetzang teder.
    Hester Carvalho

    • Peter van der Ploeg