Ook Eerste Kamer keurt boerka- en nikabverbod goed

In onderwijs- en zorginstellingen, overheidsgebouwen en het openbaar vervoer mag geen gezichtsbedekkende kleding meer worden gedragen.

Foto Bart Maat/ANP

Er komt definitief ‘een boerkaverbod’ in onderwijs- en zorginstellingen, overheidsgebouwen en in het openbaar vervoer. De Eerste Kamer stemde dinsdag in met een wetsvoorstel hiertoe. Het heet officieel geen boerkaverbod, maar een gedeeltelijk verbod “op het dragen van gezichtsbedekkende kleding”. Hieronder vallen theoretisch dus ook bivakmutsen en integraalhelmen. GroenLinks, de SP, D66 en de Partij van de Arbeid (PvdA) stemden tegen het wetsvoorstel.

Lees ook: Twistgesprek: ‘Boerkaverbod is vrije samenleving onwaardig’

De steun in de senaat voor het voorstel was minder groot dan eind 2016 in de Tweede Kamer. Toen stemden alleen D66, GroenLinks en de huidige Denk-Kamerleden Öztürk en Kuzu tegen.

De wet heeft alleen betrekking op werknemers in een publieke functie - individuele bedrijven mogen zelf in hun huisregels bepalen of er wel of geen gezichtsbedekkende kleding gedragen mag worden. In het wetsvoorstel is opgenomen dat de wet na drie jaar geëvalueerd moet worden door de Tweede Kamer. Daarbij moet ook worden gekeken hoe de wetgeving in het buitenland wordt uitgevoerd. Met de het besluit komt er een einde aan een jarenlange discussie over een verbod op gezichtsbedekkende kleding.

‘In strijd met godsdienstvrijheid’

De SP liet weten dat dergelijke kleding “goede communicatie in de weg staat”, maar dat een verbod bij wet niet noodzakelijk is. Daarbij vreesde de partij dat een verbod voor onnodige problemen in instellingen zou zorgen.

In het debat ging het voortdurend over het dragen van boerka’s en nikabs. De PvdA was weliswaar van mening dat een boerka het aankijken tijdens bijvoorbeeld het lesgeven of het behandelen van patiënten tegenwerkt, maar zei niet overtuigd te zijn van de toegevoegde waarde van een wettelijk verbod. Volgens de partij is een dergelijk verbod in strijd met vrijheid van godsdienst. Onder meer de VVD, PVV, ChristenUnie en 50PLUS stemden voor.

Lees ook: Een boerka in de tram mag straks echt niet meer

‘Belang van communicatie en veiligheid’

Het voorstel voor een gedeeltelijk ‘boerkaverbod’ werd al ingediend door het kabinet-Rutte II. Het huidige kabinet besloot het voorstel door te zetten. Minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren (D66) zei vorige week in het debat in de Eerste Kamer over het voorstel dat ermee “een rechtvaardige balans” is gevonden tussen de vrijheid om je te kleden zoals je wil en “het algemeen belang van communicatie en veiligheid”. Tijdens het debat in de Eerste Kamer benoemde Ollongren opnieuw “het maatschappelijk belang van herkenning”, dat steeds is afgewogen tegen de individuele vrijheid van expressie.

Wanneer het verbod ingaat is nog niet duidelijk. Ollongren gaat met de betrokken instellingen en vervoersbedrijven in gesprek over welke datum realistisch is. Andere Europese landen waaronder Frankrijk, België en Denemarken, besloten al eerder om een verbod op gezichtsbedekkende kleding in te voeren. Controle op naleving bleek in de praktijk lastig omdat het in veel gevallen onduidelijk was of er sprake was van een overtreding. Geen van de landen besloot tot een specifiek verbod op boerka’s (gaasje voor ogen) en nikabs (ogen zichtbaar) omdat dit mogelijk in strijd zou zijn met de wet op de godsdienstvrijheid.

Lees ook: Hoe wordt het boerkaverbod nageleefd in andere landen?

Correctie woensdag 27-06: In een eerdere versie werd gesproken van een motie. Het betreft een wetsvoorstel en is in het bericht hierboven aangepast.

    • Pim van den Dool
    • Maartje Geels