Recensie

Het bed als seksuele gruwel

Drama De verfilming van Ian McEwans ‘On Chesil Beach’ gaat over angst voor seks. De film is nadrukkelijker dan het boek, soms onnodig nadrukkelijk.

De jonge geliefden Florence en Edward (Saoirse Ronan en Billy Howle) in ‘On Chesil Beach’.

Dreigend rijdt de camera langzaam richting een bed in een hotelkamer. Het is een shot dat de taal van horrorfilms leent, en dat is niet voor niets. Dit hotelbed is de gruwelplek waar anno 1962 schaamte botst op begeerte, afkeer op lust en gereserveerdheid op gretigheid. De verfilming van Ian McEwans On Chesil Beach, met een scenario van McEwan zelf, gaat over angst voor seks, waarbij de subtiele beschrijvingen zijn omgezet in beelden van samengeknepen vuisten, gekruiste voeten en een onsmakelijke tongzoen.

Tijdens hun huwelijksnacht lukt het violiste Florence niet om ‘het’ te doen met haar man Edward. Ze houdt van hem, maar voelt te veel walging en angst. Waarom? Is het de benepen tijdgeest, zijn het klassenverschillen of het onvermogen erover te praten? De roman is daar implicieter over dan de film: het beeld is nadrukkelijker dan het woord. In deze bewerking soms onnodig nadrukkelijk, want waarom loopt Edwards moeder hier, anders dan in het boek, naakt rond? Om extra te benadrukken hoe geestesziek zij is?

On Chesil Beach wisselt de huwelijksnacht af met flashbacks over de voorgeschiedenis van Florence en Edward, sterk gespeeld door Saoirse Ronan en Billy Howle. Anders dan in de roman speelt de teleurstellende climax zich af in 2007, wat acteurs oplevert met lelijke latexmaskers. Het is bovendien een ‘literairder’ einde dan in het boek, wat het boek paradoxaal genoeg filmischer maakt. Gelukkig is het laatste shot wel pure cinema, waarbij het beeld meer zegt dan duizend woorden.

    • André Waardenburg