Opinie

    • Arjen Fortuin

Zomerfilosofen malen niet om haalbaarheid

Zap Het Filosofisch Kwintet buigt zich over overbevolking. Liever wereldvreemd dan opportunistisch, is het devies.

Het Filosofisch Kwintet olv Clairy Polak. Human

HUMAN is een beetje wereldvreemd. Iedereen in de verre omtrek van het Mediapark heeft begrepen dat het niet de bedoeling is dat er nu andere dingen worden uitgezonden dan voetbal, detectives en programma’s die zo op elkaar lijken dat je eindeloos twijfelt of je nu naar een herhaling zit te kijken of niet.

Behalve de humanistische omroep dan, die zondag plotseling kwam aanzetten met de denkende talkshow Het Filosofisch Kwintet. Dat gebeurde om tien over twaalf op zondag (met een herhaling om kwart over één ’s nachts), dus heel erg viel het niet op – maar toch. Het programma zelf is ook op een prettige manier wereldvreemd: „Hier is luisteren belangrijker dan spreken”, leidde presentator Clairy Polak in. Luisteren: een voor de Nederlandse tv revolutionair concept. En het was wáár: tot tweemaal toe hoorde ik een van de sprekers „Mag ik?” vragen voor ze het woord nam.

Niet dat de kwintetleden allemaal vakfilosofen waren. Rondom Polak zaten een historicus (Philipp Blom), een politicoloog (Kiza Magendane), een ethicus (Ingrid Robeyns) en een hoogleraar filosofie van duurzame ontwikkeling (Marc Davidson). Het thema was overbevolking, door de redactie geherformuleerd tot „Is de aarde een Ark van Noach?” – een curieus poëtisch beeld, waar ik wel wat bezorgd van werd. Welke haven in het universum zou ons, de mensheid, in ’s hemelsnaam van boord laten gaan?

In de losse formule van Het Filosofisch Kwintet schetst ‘stamgast’ Blom eerst een scenario voor het jaar 2050. Voor ‘overbevolking’ leverde dat een apocalyptisch beeld op. Grote delen van de wereldbevolking ‘in beweging’ op zoek naar water, zwaarbewapende grenswachten, het hele Westen gedomineerd door ‘zeer rechtse’ regeringen.

Zoals dat hoort in een filosofisch programma, werd eerst het leidende begrip aan mootjes gehakt. Want hoezo overbevolking. Ten opzichte van wat? Wie bepaalt dat? Polak stelde dat er een taboe rond het thema heerst, een erfenis van de twintigste-eeuwse geschiedenis. Robeyns gaf toe dat ze had overwogen de uitnodiging af te slaan – om de historische connotatie, maar ook omdat ‘overbevolking’ een reden is om in de discussie over het klimaat uit de losse pols naar anderen (lees: naar Afrika) te wijzen.

De mens als burger, niet als consument

De vier min-of-meer-filosofen waren het erover eens dat het zinloos is om in morele termen over bevolkingsgroei te spreken. Ze stelden zichzelf en elkaar vooral veel relevante vragen. Want wat is nu eigenlijk het probleem? Het aantal mensen of hun consumptiepatroon? En als het dat laatste is, kun je dan van een ander offers vragen die je zelf niet wilt brengen? Zijn we bereid – en in staat – om bij de oplossing van het klimaatprobleem niet in grenzen te denken?

Het ging maar gedeeltelijk om de antwoorden. En zeker niet om wat ‘haalbaar’ is. Wel om wat belangrijk is. Robeyns: „De mens moet zichzelf niet alleen als consument zien, maar ook als burger.”

Het Filosofisch Kwintet is een belangrijk programma, juist omdat het contrast met de dagelijkse talkshowpraktijk zo groot is. Daarin draait het vrijwel steeds om het duiden van opportunisme in politiek en beleid. Soms ook om het duiden in termen van opportunisme wat in werkelijkheid principiële opvattingen zijn. Opportunisme bepaalt vaak hoe de hazen lopen. Maar als je te goed weet hoe de hazen lopen, verlies je de essentie uit het oog.

Een zekere mate van wereldvreemdheid is precies wat de wereld nodig heeft.

    • Arjen Fortuin