Sorgdrager: ‘Je moet altijd bezig zijn met voedselveiligheid’

Winnie Sorgdrager

Voedselveiligheid stond te weinig op de radar van de NVWA, de pluimveesector en de betrokken ministeries. Tijdens de fipronilcrisis nam niemand de verantwoordelijkheid

"Pas op het moment dat er een crisis uitbreekt, staat voedselveiligheid op het netvlies." Bas Czerwinski

„Ze hadden allemaal boter op het hoofd.” Winnie Sorgdrager had nogal wat tijd nodig om te concluderen wie wat precies verkeerd deed in de fipronilcrisis, vorig jaar. De ex-minister van Justitie (70), net voorgedragen als minister van Staat en sinds haar vertrek bij de Raad van State in mei met pensioen, onderzocht acht maanden lang hoe het verboden middel fipronil in eieren terecht kon komen en doet aanbevelingen hoe dit soort voedselaffaires in de toekomst te voorkomen zijn.

De conclusies van haar onderzoek zijn hard: niemand nam verantwoordelijkheid en betrokkenen wezen vooral naar elkaar, waardoor de schade opliep tot miljoenen geruimde kippen, vernietigde eieren, en verloren euro’s.

„De pluimveesector, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en de betrokken ministers gaven voedselveiligheid te weinig prioriteit. Meldingen dat er iets mis was werden genegeerd, de sector schoof de schuld naar de NVWA en de politiek nam geen regie. Voedsel is heel kwetsbaar, ook voor fraude, maar daar wordt veel te weinig op gecontroleerd.”

Wat zegt de aanpak van dit incident over hoe er in Nederland met voedselveiligheid wordt omgegaan?

„Zolang er niets mis gaat is de houding: ach, het is wel oké. Pas op het moment dat er een crisis uitbreekt, staat voedselveiligheid op het netvlies. Dat moet je niet willen. Je moet er altijd mee bezig zijn.”

Terug naar het begin. In het najaar van 2016 krijgt de NVWA al meldingen over het gebruik van fipronil bij het reinigen van kippenstallen. Pas in de zomer van 2017 wordt er echt ingegrepen. Waarom duurde het zolang?

“Er is niet één oorzaak. Dat je een eerste melding laat liggen, kan. Maar bij de volgende signalen moet je in actie komen. Pas in januari werd er overlegd over de mogelijke risico's van de melding. De NVWA concludeerde dat er geen acuut gevaar was voor de volksgezondheid. Maar niemand stelde vervolgens de vraag: wat is het dan wel? Het werd doorgestuurd naar de eigen opsporingsdienst en daarmee verloor de toezichtstak van de NVWA het zicht op de meldingen. Niemand vroeg zich af: moeten we die overtreding niet stoppen?”

Terwijl dat wel haar taak is.

„Maar het mechanisme was er niet bij de NVWA. Er werd geen onderzoek gedaan, geen monsters genomen, niet gekeken hoe schadelijk fipronil in eieren nou eigenlijk was. Er is een keer gezegd: laten we organen van kippen onderzoeken. Had dat dan gedaan! En door capaciteitsgebrek liet de recherchedienst het onderzoek ook lang liggen.”

Heeft de NVWA niet gewoon te veel taken en te weinig middelen?

„Daar mag je de politiek wel op aankijken, ja. De NVWA is twee keer gefuseerd, terwijl er ook bezuinigd moest worden. Het duurt jaren voordat zoiets echt op orde is. Maar de politiek dacht dat inspecties dan veel efficiënter zouden worden.”

Lees ook deze reconstructie: Hoe fipronil een crisis werd en toen ineens niet meer

Voor de sector is de NVWA ook een makkelijke zondebok geweest.

„Dat kán gewoon niet. De pluimveesector moet zich realiseren dat ze zélf primair verantwoordelijk is voor het voedsel dat ze leveren. Dan mag je niet zeggen dat het allemaal de schuld is van de NVWA. De sector moet zijn eigen kwaliteit controleren.”

Deden ze dat niet?

„Voedselveiligheid is geen prioriteit geweest. De sector betaalt zijn controles zelf, en dat is best duur. Economische belangen spelen dan natuurlijk een rol. De controles moeten beter. Nu zijn er vaak alleen papieren controles, waar ook gemakkelijk mee gefraudeerd kan worden. Er moeten ook monsters van eieren genomen worden.”

Maar dan zegt de kippenboer: ik kan al die wetten en regels ook niet kennen.

„Je kunt inderdaad niet van alle bedrijven verwachten dat ze alles weten. Maar ze moeten wel ergens terecht kunnen om die informatie te krijgen.”

Moet de rol van de overheid niet groter?

„De overheid kan niet al het voedsel controleren. Dat is onmogelijk. Maar de ministeries van Landbouw en Volksgezondheid, die allebei over voedselveiligheid gaan, hadden wel moeten zien dat de controles van de sector niet goed zijn. Dat is ze aan te rekenen. De ministeries doen heel weinig zelf, alles wordt aan de NVWA overgelaten. Dat zag je ook bij het fipronilincident. Te lang is gezegd: NVWA, los het maar op. Dat was onverstandig. De politiek had eerder moeten ingrijpen.”

Als iedereen gefaald heeft, kunnen we er dan wel van uitgaan dat de instanties doen wat ze moeten doen?

„Ja, dat denk ik wel. Toen de NVWA eenmaal begreep hoe urgent het was, hebben ze goed ingegrepen, bijvoorbeeld door stallen te blokkeren. De sector heeft toen wel steken laten vallen. Ze moesten een plan van aanpak maken, maar dat is niet gelukt. In plaats daarvan hielden ze de discussie op gang of de metingen van fipronil in de eieren door de NVWA wel correct waren. Daarmee schaadden ze de geloofwaardigheid van de NVWA.”

Ondanks dat de NVWA goed ingreep, lagen er tot januari dit jaar fipronileieren in de schappen, blijkt uit uw onderzoek.

“Ik kan dat ook niet uitleggen. De stallen zijn vrijgegeven, dus je denkt dat de eieren oké zijn. Maar het afbreken van fipronil in de stallen duurt verschrikkelijk lang. Veel langer dan we allemaal dachten. Dat is ook voor de boer heel naar.”

Hoe erg was deze fipronilaffaire nou eigenlijk allemaal?

„Er is niemand ziek geworden en er is niemand overleden door fipronil in eieren. Maar de schade is enorm: economische schade voor de boeren, maar ook de miljoenen kippen en eieren die vernietigd zijn. Iedereen moet veel alerter zijn op voedselveiligheid. De NVWA, de ministeries én de hele landbouwsector moeten dit veel serieuzer aanpakken.”

    • Mark Lievisse Adriaanse
    • Geertje Tuenter