De etterende wond van Rutte III

Kamerdebatten Deze dinsdag debatteert de Kamer opnieuw over de dividendbelasting. Zwicht de coalitie voor de kritiek? „De druk neemt toe.”

Premier MarkRutte (VVD) praat voor de derde keer met de Tweede Kamer over de dividendbelasting. Deze keer gaat het over een door de Belastingdienst goedgekeurde constructie met Shell. Foto Jerry Lampen/ANP

De afschaffing van de dividendbelasting terugdraaien? ChristenUnie en D66 zullen er geen enkele moeite voor doen. Wie aandringt op het terugdraaien van deze gevoelige maatregel, weten ze, moet ervoor bloeden. Alle vier de coalitiepartijen hebben in het regeerakkoord eigen punten binnengesleept, niemand heeft zin om die weer in te leveren.

Dus nee hoor, zeggen ze bij de ChristenUnie en D66, het zal echt van premier Mark Rutte of CDA-fractievoorzitter Sybrand Buma moeten komen. Alleen als zíj op andere gedachten worden gebracht, gaat er op dit dossier misschien iets schuiven.

Door de warmbloedige verdediging van Mark Rutte van zijn plan de dividendbelasting af te schaffen is die maatregel uitgegroeid tot een prestigekwestie tussen de premier en de oppositie. Tien vragen over de dividendbelasting.

De afschaffing van de dividendbelasting is voor het kabinet-Rutte III een wond die maar blijft etteren. Sinds de maatregel in het regeerakkoord opdook, terwijl geen van de coalitiepartijen het in haar verkiezingsprogramma had staan, blijft het onderwerp terugkomen. Deze dinsdagavond is er weer een debat, het derde met de premier. Deze keer naar aanleiding van nieuws in Trouw over een door de Belastingdienst goedgekeurde constructie met Shell, waardoor dat bedrijf belastingvrij dividend kan uitkeren aan buitenlandse aandeelhouders.

De coalitiepartijen willen dat het deze keer niet over de geloofwaardigheid van het kabinet gaat, maar over de inhoud: welke afspraak heeft de Belastingdienst nu precies gemaakt met Shell? Maandag was het plan dat de coalitiepartijen niet hun fractievoorzitters sturen, maar hun financieel specialisten. Bij het vorige debat over dividendbelasting, waarbij de in de formatie al dan niet geraadpleegde memo’s centraal stonden, kwamen de fractievoorzitters wél zelf. Toen moesten zij als onderhandelaars tekst en uitleg geven, was de redenering. Urenlang kregen Rutte en zijn coalitiepartners de vraag: wie wist wat, en wanneer? Dat debat, eind april, eindigde in een motie van afkeuring voor Rutte, die met uitzondering van de SGP door de voltallige oppositie werd gesteund.

Zo veel aandacht voor een belastingtechnisch voorstel, en dan ligt er nog niet eens een uitgewerkt wetsvoorstel.

Desondanks lijkt het kabinet niet van plan de afschaffing van de dividendbelasting te heroverwegen. De ChristenUnie en D66 hebben hun pijn tijdens de formatie al genomen. Vooral bij de ChristenUnie was de afkeer van de maatregel van meet af aan duidelijk. „Het was een flinke meloen om door te slikken”, zoals Tweede Kamerlid Eppo Bruins het verwoordde.

Tijdens de formatie heette de maatregel binnenskamers bij de ChristenUnie „ontwikkelingssamenwerking voor Amerikaanse en Britse aandeelhouders”, schreef NRC, die tijdens de formatie meekeek achter de schermen bij de christelijke partij. Partijleider Gert-Jan Segers houdt zijn achterban voortdurend voor dat de maatregel een compromis is dat hij niet inhoudelijk gaat verdedigen.

NRC keek mee achter de schermen bij de Christen tijdens de formatieonderhandelingen. Eén lange ontgroening voor de kleine ChristenUnie

Hoewel ook D66-leider Alexander Pechtold er geen traan om zal laten als de dividendbelasting níét wordt afgeschaft, leed zijn partij aanvankelijk meer in stilte. Op het Binnenhof nemen D66’ers echter steeds openlijker afstand van de maatregel. „Wíj hebben dit niet bedacht”, klinkt het. Met andere woorden: Rutte moet alle kritiek zelf maar pareren.

Verdedigen

Dat de maatregel in geen enkel verkiezingsprogramma stond, is een verklaring voor het feit dat de oppositie alles aangrijpt om het besluit – waarmee minimaal 1,4 miljard euro per jaar gemoeid is – te torpederen. Want: wie heeft het dan bedacht? Unilever? Shell? De bedrijven hebben er uitvoerig voor gelobbyd.

Voor de oppositie is de dividendbelasting hét thema om te illustreren dat het kabinet het bedrijfsleven wil plezieren. Ach, zeggen ze binnen de coalitie monter: als ze dit er niet hadden uitgepikt, was het de btw-verhoging geweest. En: de oppositie zoekt altijd iets om uit te vergroten en aan te tonen dat het kabinet niet deugt.

Rutte en Buma blijven de afschaffing van de dividendbelasting verdedigen. De VVD-leider verontschuldigde zich onlangs op het voorjaarscongres weliswaar dat zijn leden hem zo hadden zien „stuntelen” op dit dossier. Maar: „Als wij alleen maar maatregelen nemen die populair zijn, dan verliezen wij het recht om te regeren.”

Op het CDA-congres, een week later, ging Buma nog iets verder. „Het was een verantwoordelijkheid die ik tijdens de onderhandelingen nam. En ik zou hem vandaag wéér nemen”, zei hij hartstochtelijk. „Ik kies liever voor een preventieve maatregel om een bedrijf hier te houden, dan dat ik met een rood hesje aan de poort sta te demonstreren als het te laat is – en het bedrijf vertrekt.”

Een VVD-senator betwijfelt of de maatregel om de dividendbelasting af te schaffen ooit de Eerste Kamer haalt – oftewel: of Rutte het niet al eerder terugtrekt. Maar volgens bronnen in de coalitie ziet het er niet naar uit dat Rutte snel zal opgeven. Een regeerakkoord is een zorgvuldig in elkaar getimmerd geheel – je kunt er niet zomaar één ding uithalen. Maar, zegt een VVD’er: „Mark Rutte is ook niet gek. Er is veel ongemak en de druk neemt toe.” Net zoals de premier geen antwoord geeft op de vraag of hij naar Brussel gaat, zegt een ingewijde, zal hij nooit laten merken of hij twijfelt over de afschaffing van de dividendtaks. „Mocht dat toch het geval zijn, dan horen we dat op een dag ineens.”

    • Barbara Rijlaarsdam