Alle betrokkenen in de fout bij fipronilcrisis

Eindrapport commissie-Sorgdrager

In de pluimveesector was onvoldoende toezicht op de voedselveiligheid, aldus de onderzoekscommissie.

Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Zowel de overheid als de pluimveesector maakte fouten bij de eiercrisis vorig jaar. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) liet meldingen over het illegale gebruik van bestrijdingsmiddel fipronil te lang liggen. Ministeries onderschatten de crisis en informeerden de Tweede Kamer onjuist en onvolledig. En de pluimveesector controleerde de eigen eieren niet voldoende. Het gevolg: de voedselveiligheid in Nederland was niet gewaarborgd.

Dat is de harde conclusie van de commissie-Sorgdrager, die acht maanden lang onderzoek deed naar de ‘fipronilcrisis’. In de zomer van 2017 werden er zo’n drie miljoen kippen geruimd omdat het verboden bestrijdingsmiddel was gebruikt om bloedluis in stallen tegen te gaan. Eenvijfde van de bedrijven met legkippen werd stilgelegd na het aantreffen van fipronil in eieren en stallen. De schade voor de pluimveehouders werd door de Wageningen Universiteit becijferd op zo’n 70 miljoen euro.

Besmette eieren

Zelfs toen duidelijk was hoe groot het probleem was, waren de betrokken instanties onvoldoende in staat fipronil uit de eieren te krijgen. Daardoor hebben tot zeker januari van dit jaar eieren in de winkel gelegen die besmet waren met het verboden bestrijdingsmiddel. In een NVWA-rapportage van november vorig jaar wordt zelfs gesproken van een percentage tussen de 15 en 20 procent.

De grootschalige affaire had tot veel minder schade geleid, stelt de commissie in haar maandagmiddag gepresenteerde onderzoeksrapport, als de NVWA beter was omgegaan met meldingen over fipronil die ze al in 2016 kreeg.

Lees ook deze reconstructie: Hoe fipronil een crisis werd en toen ineens niet meer

Sommige van die meldingen gingen zeer specifiek in op de manier waarop Chickfriend, het Barneveldse stalreinigingsbedrijf dat fipronil gebruikt, te werk ging en de regels overtrad. Medewerkers van de toezichthouder vermoedden dat het schoonmaakmiddel van stallen in de eieren kon belanden en de volksgezondheid in gevaar kon komen.

Maar met hun kennis werd niets gedaan. „In januari concludeerde de NVWA dat er geen acuut gevaar is voor de volksgezondheid”, zegt Winnie Sorgdrager. „Maar niemand stelde vervolgens de vraag: wat is het dan wel?” De melding kwam terecht bij de recherchedienst van de NVWA. „Toen verloor de NVWA het zicht op de meldingen. Niemand vroeg zich af: moeten we die overtreding niet stoppen?” De recherchedienst besloot pas in april 2017 een strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar Chickfriend. Door capaciteitsgebrek kwam de dienst, de IOD, daar toen echter niet aan toe.

De NVWA heeft haar taak als toezichthouder op de voedselveiligheid daarom onvoldoende waargemaakt, concludeert het rapport. Sterker: de dienst is onvoldoende voorbereid op crises in de voedselveiligheid, terwijl het voorkomen en bestrijden daarvan wel haar taak is. De NVWA negeerde bij de fipronilcrisis haar eigen protocollen en regels toen er voor het eerst meldingen binnenkwamen. Ze werden niet geregistreerd op de manier en plek waar dat moest, waardoor er niet op tijd begonnen werd met onderzoek.

Geen prioriteit

Ook alle andere betrokkenen ontliepen hun verantwoordelijkheid en grepen te laat in. Voor de pluimveesector was voedselveiligheid „geen prioriteit”, zegt Sorgdrager. Economische redenen spelen daarbij een rol. „De pluimveesector moet zich realiseren dat ze zélf primair verantwoordelijk is voor het voedsel dat ze leveren. Dan mag je niet zeggen dat het allemaal de schuld is van de NVWA”, zegt Sorgdrager. De zelfregulerende sector controleert namelijk te weinig op voedselveiligheid.

Van eieren worden zelden monsters genomen om ze te controleren. Controles zijn van ‘papier’ en betreffen vooral de administratie. Daardoor wordt fraude of misleiding, zoals bij de op papier kloppende facturen van Chickfriend het geval was, niet ontdekt. Bij een deel van de kippenboeren ontbreekt het bovendien aan kennis over voedselveiligheid.

De ministeries van Volksgezondheid en Landbouw, politiek verantwoordelijk voor voedselveiligheid, onderschatten in de zomer van 2017 in eerste instantie de omvang van de fipronilcrisis. Het ontdekken van fipronil in eieren werd bestempeld als incident, niet als crisis, waardoor het ministerie te laat ingreep.

    • Mark Lievisse Adriaanse
    • Geertje Tuenter