Mario Kempes juichend in 1978, nadat hij Argentinië op 1-0 heeft gezet in de WK-finale tegen Nederland, en zittend in 2018 in een kleedkamer in Ezeiza, een stad in de provincie Buenos Aires.

Foto’s Topshots en AFP

De wereldtitel van 1978 was voor alle Argentijnen, niet alleen Videla

Mario Kempes De Argentijnse spits Mario Kempes was precies veertig jaar geleden, op 25 juni 1978, de beul van Oranje in de WK-finale.

Mario Alberto Kempes. Zijn naam zal voor altijd verbonden blijven aan de WK-finale van 1978. De Argentijnse aanvaller was met twee doelpunten ‘de beul van Oranje’. Veertig jaar later wordt hij vrijwel dagelijks nog herinnerd aan het toernooi in eigen land. Voor het eerst in de historie werd Argentinië wereldkampioen, maar kleefde er onder de dictatuur van Jorge Videla geen bloed aan de paal? „We voetbalden voor ons volk. We wilden de mensen in moeilijke tijden gelukkig maken. En dat lukte”, stelt de 63-jarige Kempes tijdens een telefonisch interview vanuit de Verenigde Staten. „Met andere zaken hadden we niets te maken.”

Voor, tijdens en na het WK rustte er in Argentinië een taboe op politieke uitspraken. Het land was in 1976, na een staatsgreep, in handen gekomen van een militair regime dat hardhandig afrekende met zijn tegenstanders. Het moorden, folteren en laten verdwijnen van mensen speelde zich af buiten het zicht van veel Argentijnen. ‘De Dwaze Moeders’ die iedere donderdagmiddag zwijgend over La Plaza de Mayo van Buenos Aires liepen om opheldering te eisen over hun verdwenen kinderen, waren het enige symbool van protest. „Nee”, zegt Kempes nogmaals, „we wisten als spelers destijds echt niet wat er allemaal precies gaande was.”

Kempes maakte, in tegenstelling tot vrijwel al zijn ploeggenoten, de voorbereiding op het WK nauwelijks mee. Hij speelde in Spanje bij FC Valencia, waarmee hij begin mei nog een competitiewedstrijd moest spelen tegen FC Barcelona, met Johan Cruijff en Johan Neeskens. De eerste zou ontbreken op het WK. „We zien elkaar in Argentinië”, zeiden Kempes en Neeskens na afloop tegen elkaar. Anderhalve maand later, op 25 juni 1978, was het zover, in de finale in El Estadio Monumental in Buenos Aires. „Dat was de wedstrijd waar ik als kleine jongen over had gedroomd. En de rest van mijn leven zal die finale me bijblijven”, zegt Kempes.

Toegesproken door Videla

In aanloop naar de WK-finale van 1978 werd het Argentijnse elftal persoonlijk toegesproken door Videla. De dictator maakte de spelers duidelijk dat hij rekende op een zege. Op televisiebeelden is te zien dat Kempes de speech luchtig opvatte, als die van een leider die het nationale elftal een steun in de rug wil geven. Meer niet. De Argentijnse internationals luisterden volgens Kempes slechts naar de orders van César Menotti. De bondscoach van Argentinië hing een korte maar krachtige boodschap op in de kleedkamer: Argentina Campeón del Mundo.

De bus van het Nederlands elftal liep op weg naar het stadion volledig vast in het verkeer. Uitzinnige Argentijnse fans sloegen tegen de ramen en bezorgden de Oranje-spelers angstige momenten. Kort voor het eerste fluitsignaal stapte de Argentijnse captain Daniel Passarella op de vorige week overleden Italiaanse scheidsrechter Sergio Gonella af om te klagen over een gipsen manchet van René van de Kerkhof. Een aantal van de Nederlandse internationals bekroop het gevoel dat ze de finale nooit konden winnen.

Mario Kempes in 2018, in een kleedkamer in Ezeiza, een stad in de provincie Buenos Aires. Foto AFP

Kempes kan zich het tumult vlak voor het begin nog goed voor de geest halen. „René van de Kerkhof had iets hards om zijn arm. Dat is gevaarlijk. Het is toch logisch dat wij daar over klaagden? Dachten sommigen echt dat ze niet kónden winnen? Dat vind ik zeer dom. Je speelt een finale toch om te winnen? Je stapt het veld toch niet op als je weet dat je gaat verliezen? En de Nederlanders klapten er anders vol op, hoor. Nee, dat zijn smoezen achteraf van slechte verliezers”, zegt de voormalige spits met de lange, zwarte manen. „Als Rensenbrink in de slotfase had gescoord, waren jullie gewoon kampioen geworden. Dan was hij voor altijd jullie held geweest en zou niemand het over mij hebben gehad.”

Respect voor Oranje

De Argentijnen hadden volgens Kempes „zeer veel respect” voor Nederland. „Ze beheersten alle facetten van het spel. Maar wij ook! En die dag hadden wij het geluk van de wereldkampioen. Nederland had de pech dat het, net als in 1974 [tegen West-Duitsland, red.], een uitwedstrijd speelde in de finale.”

Kempes maakte aan het einde van de eerste verlenging zijn tweede doelpunt van de avond. Het gejuich in het Monumental was zo hard dat de gevangenen van het regime het in de martelkamers van de militaire academie ESMA, zevenhonderd meter verderop, konden horen. Vlak voor tijd maakte Daniel Bertoni met de 3-1 een einde aan de illusies van Oranje. Passarella ontving de wereldbeker uit handen van een tevreden Videla. Foto’s van Kempes en de dictator ontbreken. De sterspeler was moe, bleef weg van het gewoel op de tribune en genoot op het veld na. Pas in de kleedkamer raakte hij de cup voor het eerst aan. Sommigen zagen daar volgens Kempes ten onrechte een politiek statement in. „Ik had juist een intens gevoel van geluk. Dat ik daarnaast de topscorer was, maakte het extra mooi”, aldus El Matador.

Eenmaal terug in Spanje werd Kempes geconfronteerd met kritische verhalen over de Argentijnse dictatuur. Het regime van Videla hield stand tot 1983. Drie jaar later werd Argentinië, onder leiding van sterspeler Diego Maradona, opnieuw wereldkampioen, nu in Mexico. In de decennia die volgden werd steeds meer bekend over de gruweldaden. Videla werd meerdere malen veroordeeld en overleed in 2013 op 87-jarige leeftijd in de gevangenis.

De wereldkampioenen van 1978 bleven met gemengde gevoelens achter. Een deel van de spelersgroep weigerde simpelweg over de dictatuur te praten, aanvaller Leopoldo Luque sprak openlijk zijn steun uit aan ‘De Dwaze Moeders’ en de dit jaar overleden middenvelder René Houseman schaamde zich er later voor dat hij Videla’s hand had geschud. En Kempes? De matchwinnaar van weleer probeert zich nog steeds afzijdig te houden. „Voetbal en politiek moet je niet met elkaar vermengen. Voor mij is er geen verschil tussen het WK van 1978 en dat van 1986. Ik zeg het nogmaals: wij voetbalden voor het volk en voor niemand anders. De wereldtitel was voor alle Argentijnen. Die hebben we op eigen kracht verdiend.”

    • Koen Greven