De leesadviezen van NRC-lezers

Vorige week vroegen we aan de NRC-lezers wat zij zouden aanbevelen om met vakantie mee te nemen. Uit de bijna tweehonderd reacties die we kregen, vielen twee onbekende titels op, die vaak voorkwamen: het autobiografische De Zaaier van Violette Ailhaud (14 keer), een in 1919 geschreven waargebeurd verhaal over het jaar 1852 in een Frans dorp, en Volle Bloei van Hetty Kleinloog (12 keer), een verhaal over vijf vrouwen op leeftijd (‘geschikt voor een strandvakantie’).

Verder was de uitslag gevarieerd en van een hoog literair gehalte. Natuurlijk kwam Homo Deus van Yuval Noah Harari vaak voor, omdat je het wereldraadsel altijd het best kunt oplossen tijdens een vakantie. Ook Lampje! het bekroonde kinderboek van Annet Schaap (‘voor alle bestemmingen waar een vuurtoren staat’), Paolo Cognetti’s De acht bergen scoorden hoog. Maar wat vooral opviel was dat er zoveel klassieke romans de voorkeur van de NRC-lezers genoten: Tolstois Anna Karenina (in de vertaling van Hans Boland), Als op een winternacht een reiziger van Italo Calvino. Bekentenissen van Zeno van Italo Svevo, Drie plagen van Jaan Kross, Lawrence Durrels Sicilian Carousel,Van het westelijk front geen nieuws van Erich Maria Remarque en W.F. Hermans’ Nooit meer slapen.

Eigentijdse schrijvers werden slechts door een enkeling aanbevolen: Stephen Fry, Lawrence Osborne, Arthur Japin, Stefan Brijs, David Grossman, Murat Isik, P.F. Thomése, Julian Barnes, Graham Swift, Jane Gardam, Ali Smith en Hanya Yanagihara.

En dan waren er onder die sporadische keuzes nog enkele minder bekende titels, zoals de schelmenroman De koffiedief van Tom Hillenbrand en Zoete zee van Arie Kok, een moderne roman over Nederland waterland.

Een van de fans van De Zaaier nam zelf Sexdagboek van Heleen van Royen als vakantieboek mee.

    • Michel Krielaars