Nico Schoen raapt plastic tijdens het hardlopen: ‘Ik ga door tot alles weg is’

Plastic roerstaafjes, een frisdrankflesje langs de waterkant. Fanatieke ‘troeptrimmers’ als Nico Schoen pikken het zwerfafval al rennend op.

Schoen gaat tot het uiterste: "Ik ga door tot alles weg is." Walter Herfst

Nico Schoen doet rekoefeningen. Af en toe zoekt hij houvast bij de bagagedrager van zijn ouderwetse Gazelle. Hij draagt hardloopkleding. De wind blaast door zijn grijze haar en maakt kleine golfjes in het water van de Amsterdamse Sloterplas. Het is nog vroeg. Op het zwemstrandje zijn een troep meeuwen en een eenzame zwemmer neergestreken.

Uit een blauw rugzakje haalt Schoen een paar plastic tassen, een set tuinhandschoenen en een ringvormige band te voorschijn. De handschoenen gaan aan, hij vouwt de bovenkant van een Albert Heijn-tas om de ringband. „Zullen we maar gaan?”

Schoen holt weg om vrijwel direct weer stil te staan. Hij bukt. Op het wandelpad ligt een wit plastic kaartje met de tekst ‘Entreebewijs Arcade’. Het verdwijnt in de Albert Heijn-tas. Hetzelfde gebeurt met een sigarettenpeuk, een fles waar sinaasappelsap in heeft gezeten en twee verfrommelde blikken Shakura energydrink. En een snoeppapiertje. Een bierdopje. Een koffiebekerdeksel. Ondefinieerbare snippers. Een roerstaafje. Meer blikjes. Meer peuken. Een halfvol flesje Fanta. Een witte vork. Doorzichtige handschoenen van het tankstation op de hoek, meegenomen door de wind.

Lopen en speuren. Bukken en rapen. Dat is wat Schoen (69) doet. Drie of vier keer per week, al 16 jaar lang. De Zweden zijn het ‘plogging’ gaan noemen – een combinatie van jogging en het Zweedse woord voor oppakken: plocka upp. Schoen houdt het op ‘troeptrimmen’. Dit rondje om de Sloterplas is zijn favoriete parcours. Afstand: een kilometer of zes. Er zijn dagen dat hij wel vier uur van huis is. Dan komt hij mensen tegen met wie hij een praatje maakt. „En ik ben fanatiek hoor, ik ga door tot alles weg is.”

Zwerfafval is de bron van diverse kwaden: het ziet er lelijk uit, opruimen kost geld en het deel dat blijft liggen komt uiteindelijk in zee of in de bodem terecht. Naar schatting belandt er in Nederland jaarlijks 50 miljoen kilo afval in de natuur en op straat. Zo’n 40 procent bestaat uit flessen en blikjes. Naast individuen als Nico Schoen zijn er talloze initiatieven van mensen die afval opruimen. In de Gelderse gemeenten Beuningen, Druten, Heumen, Nijmegen en Berg en Dal kun je Wijkhelden op een schoonmaakronde tegenkomen. In Waalwijk staan inmiddels meer dan honderd ZwerfAfvalPakkers geregistreerd. De Universiteit Utrecht organiseerde vorige maand een Green Office Plogging Run, en het Amsterdamse Vondelpark wordt opgeruimd door hardlopers tijdens het evenement We make the city clean. Wie niet van rennen houdt, kan zich via trashwalk.nl voor een wandeling inschrijven.

Lees ook: Geen deksel meer op fruit, dat scheelt 300.000 kilo plastic

Vuil trekt vuil aan

Maar heeft het zin? Op precies die vraag zocht ondernemer Dirk Groot een antwoord. Hij liep 548 kilometer op plekken in heel Nederland en deed ruim 200 metingen. Een traject in zijn woonplaats Purmerend liep hij 29 keer. Hij hield het extra goed schoon, in de hoop dat zijn gedrag anderen zou beïnvloeden. Zijn conclusie, na een half jaar: het helpt niet. Waren er door heel Nederland gemiddeld 36,8 drankverpakkingen per kilometer te vinden, op het testtraject waren dat er 28,3. „Schoon houdt niet schoon”, aldus Groot. „Dat is een hardnekkig misverstand. Vuil trekt wel vuil aan. Troep oprapen heeft veel positieve kanten, maar het helpt niet voorkomen dat zwerfafval ontstaat.”

Wie het over het voorkomen van zwerfafval heeft, belandt al snel bij de statiegelddiscussie. Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat, D66), verantwoordelijk voor milieu, gaf de industrie onlangs tot het najaar van 2020 om zwerfafval van plastic flesjes drastisch terug te dringen – anders wordt het statiegeld uitgebreid naar kleine flesjes en blikjes. Onderzoeksbureau CE Delft berekende eerder dat het zwerfafval dan met 70 tot 90 procent zou afnemen.

Bioloog en kunstenaar Merijn Tinga, ook wel bekend als de Plastic Soup Surfer, is voorstander van het opruimen van zwerfafval, maar noemt het ook symptoombestrijding. Hij kwam onlangs met een aanvullende oplossing: een app met fotoherkenningstechnologie van Google waarmee gebruikers zwerfafval kunnen identificeren. Doel is om op den duur met de verzamelde data bij grote vervuilers als Coca-Cola en Unilver aan te kloppen, en hen aan te spreken op hun verantwoordelijkheid.

Onderweg raapt Schoen allerlei zwerfvuil op: een sigarettenpeuk, een fles waar sinaasappelsap in heeft gezeten en twee verfrommelde blikken Shakura energydrink.
Walter Herfst
Schoen noemt het zelf ‘troeptrimmen’.
Walter Herfst
Dan maakt hij onderweg een praatje.
Walter Herfst

Eén ding is zeker: zolang er zwerfafval is, zal Nico Schoen het blijven oprapen. Voorbijgangers in het Sloterpark kijken er nauwelijks van op. Een vrouw met een grote zonnebril komt twee lege Red Bull-blikjes, een flesje aloëveradrank en een pak vruchtensap brengen.

De schaamte is hij al lang voorbij, zegt Schoen. En het woord vies komt niet voor in zijn vocabulaire: zelfs hondenpoepzakjes met inhoud verdwijnen in zijn Albert Heijn-tas. „Wat moet ik dan? Laten liggen?” Hij duikt het hoge gras in om er een rondslingerende wikkel van een flesje bronwater uit te vissen. „Kijk, ik heb er echt een derde oog voor gekregen.”

    • Anne-Martijn van der Kaaden