Elke keer stal de zorgverlener 150 euro

Ouderenmishandeling ‘Financiële benadeling’ is de meest voorkomende vorm van ouderenmishandeling, met familie of een zorgverlener als dader.

Foto iStock

Bondi Sciarone (79) had een klein zorgbedrijf in Breda ingehuurd om zijn jongere broer thuis te verzorgen. Zijn broer had eerder een hersentumor gehad, leed aan epilepsie en zag slecht. Een paar maanden lang leek alles goed te gaan, elke dag kwam een aardige vrouw van het zorgbedrijf langs. Maar op een dag ontdekte Sciarone dat elke keer dat mevrouw boodschappen had gedaan voor zijn broer, met diens pinpas, er buiten de supermarkt ook 150 euro was gepind. Dat was tien keer gebeurd.

Sciarone deed aangifte. Hij was zo boos dat hij tegen de vrouw zei: „Ik ga hier werk van maken! Ik weet dat jij dat geld hebt gestolen.” Ze ontkende aanvankelijk. Maar later, vertelt hij, betaalde ze het hele bedrag (1.500 euro) terug. Wel bleek er op de valreep een dure computer uit het huis van zijn broer te zijn meegenomen. „Toen ik haar daarmee confronteerde, zei ze dat een vriend van mijn broer de Apple had meegenomen. Volgens mijn broer was er helemaal geen vriend langs geweest.” Zijn broer heeft hij uiteindelijk laten opnemen in een verpleeghuis.

Het verhaal van Bondi Sciarone had in het onlangs verschenen Aard en Omvang Ouderenmishandeling van onderzoeksbureau Regioplan kunnen staan. Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid onderzocht Regioplan in 2017 en begin 2018 hoeveel 65-plussers worden ‘mishandeld’. Daaruit blijkt ‘financiële benadeling’ de meest voorkomende vorm van mishandeling te zijn. Onderzoekers interviewden 1.015 ouderen thuis, met een gemiddelde leeftijd 74,8 jaar. Bijna de helft was alleenstaand. De uitkomst: 3 procent van de geïnterviewden is bestolen, 1,6 procent is ‘psychisch mishandeld’ en 1,1 procent ‘lichamelijk mishandeld’.

De definitie van mishandeling: dat de oudere het minimaal tien keer heeft meegemaakt. Niemand zei verwaarloosd te zijn, slechts een enkeling is seksueel mishandeld.

Lees ook: Ouderenmishandeling betreft meer dan blauwe plekken

Geen aangifte

Opmerkelijk is dat 70 procent van de slachtoffers bij geen enkele instantie melding of aangifte heeft gedaan. Eenderde van de slachtoffers heeft er zelfs met niemand over gesproken. Waarom niet? Ruim de helft zei dat de gebeurtenissen „niet belangrijk genoeg waren om te bespreken”. Een paar zeiden dat „het probleem al is opgelost” en één slachtoffer wilde voorkomen dat de pleger in de problemen kwam. Zes mensen zeiden dat „het anderen niets aangaat” of „het toch niet helpt”.

Een paar maanden na zijn aangifte kreeg Bondi Sciarone een brief van de politie die meldde dat het Openbaar Ministerie geen tijd had om de zaak voor de rechter te brengen, wegens het grote aantal zaken dat ze dagelijks binnenkrijgen. Sciarone: „Ik begrijp dat wel hoor. Maar ik vraag me nog af: hoe kunnen we voorkomen dat oude, kwetsbare mensen op deze manier worden bestolen?” Zijn broer overleed een paar maanden geleden.

Wie besteelt bejaarden? De plegers, zo blijkt uit de interviews, zijn meestal de kinderen (en stiefkinderen), echtgenoten of, als derde groep, ‘contactpersonen uit de zorg’. Een enkele keer een ‘vriend’, schoonzoon of kleinkind. Zij hebben op hun beurt meestal ook weer psychische of financiële problemen.

Lees ook: Een op de twintig thuiswonende ouderen uitgebuit of mishandeld

Stress, angst en woede

De meerderheid van de slachtoffers beschrijft voor de interviewers de gevolgen van de mishandeling: verdriet, last van stress, angst en woede. Soms verbreken ze het contact, worden ze eenzaam en voelen ze zich minder prettig thuis.

De overheid is al drie jaar met het thema bezig. Een publiekscampagne op de televisie – ‘Een veilig thuis, daar maak je je toch sterk voor’ – wees kijkers op mishandeling van ouderen. Professionals die met ouderen werken, hebben trainingen gehad om mishandeling te herkennen. Maar uit het onderzoek van Regioplan blijkt dat gemeenten, die sinds drie jaar verantwoordelijk zijn voor de zorg voor thuiswonende ouderen, er weinig aandacht voor hebben.

Ook financieel misbruik van ouderen is langer bekend. Uit een enquête onder 1.032 lezers van ouderen-magazine Plus, in 2015, bleek al dat 10 procent van de ouderen wordt bestolen door familie, zorgverleners of onbekenden.

Sinds vorig jaar houdt de politie Rotterdam een publiekscampagne om ouderen en hun naasten te waarschuwen voor oplichters die met ‘babbeltrucs’ aan de deur komen. Dat gaat dus om onbekenden.

Probleem is dat de meeste ouderen bestolen worden door die iemand die ze vertrouwen, zegt Erik Passchier, die al 36 jaar bij de politie werkt en nu woordvoerder is van de politie Zeeland-West-Brabant. „Het is meestal familie of een zorgverlener.” Wat kun je doen als je vermoedt dat iemand je moeder of vader besteelt? Passchier: „Samen met die persoon naar zijn bank om zeggenschap te krijgen over zijn rekening. Je kunt dan op afstand precies zien hoeveel en wanneer er iets afgaat. Je kunt ook met de bank een daglimiet afspreken: dat er niet meer gepind kan worden dan hij of zij normaal gesproken nodig heeft.” Blijf tegen de oudere zeggen, waarschuwt Passchier, dat ze nooit hun pincode moeten geven aan iemand. En dat ze zo min mogelijk contant geld in huis moeten bewaren.

    • Frederiek Weeda