De strijd om de alternatieve WK-titel

WK voetbal

Australië en Denemarken spelen al in de groepsfase om een titel. Wie mag zich donderdag, zolang het duurt, de onofficiële wereldkampioen gaan noemen?

Het Deens elftal viert de 1-0 winst op Peru zaterdag op het WK in Rusland. Foto Carlos Garcia Rawlins/Reuters

Er staat voor Bert van Marwijk meer op het spel dan hij denkt, als zijn Australië donderdagmiddag tegen Denemarken speelt. Meer dan hij weet ook, waarschijnlijk. Winst is na het verlies tegen Frankrijk (1-2) gewenst als het land kans wil houden op de achtste finales op het WK. Maar zoals een Australische fan deze week op Twitter opmerkte: „Als we Denemarken verslaan, zijn we de onofficiële wereldkampioen. Ik had gewild dat dit nieuws groter was geweest.”

In de marge van het internationale voetbal zijn datafetisjisten al jaren bezig met een alternatief wereldkampioenschap. Denemarken is sinds ze afgelopen zaterdag Peru met 1-0 versloegen volgens de regels van deze Unofficial Football World Championships (UFWC) de wereldkampioen bij de mannen.

Het begon allemaal, officieel dan, in 2002. Toen werd de UFWC als organisatie (en competitie) opgericht, een jaar later volgde de website die nog steeds wordt bijgehouden. Initiatiefnemer was Engelsman Paul Brown (44), sportjournalist en auteur.

De Schotten

Het idee van een onofficiële wereldtitel is terug te voeren tot 15 april 1967. Op die dag versloeg Schotland Engeland in een interland op Wembley. Engeland was na de wereldtitel in eigen land het jaar ervoor niet meer verslagen. Gekscherend zeiden Schotse fans toen: eigenlijk zijn wij nu wereldkampioen. Verwijzend naar het boksen: versla je daar de titelhouder, dan ben jij de titelhouder.

Een beller bracht die anekdote in 2002 in een radioshow ter sprake en vroeg zich af wie dan op dat moment de onofficiële wereldkampioen zou zijn. Sindsdien houden Brown en een schare fans het alternatieve kampioenschap bij.

Het UFWC besloot te tellen vanaf 1872. Er was toen geen WK, maar dat was wel de eerste internationale voetbalwedstrijd. Schotland-Engeland eindigde onbeslist, een jaar later won Engeland met 4-2 en werd het de eerste onofficiële wereldkampioen – met terugwerkende kracht.

Vanaf dat moment tellen alle internationale A-wedstrijden mee, waarin landen een A-team opstellen. Dat geldt voor vrijwel elke vriendschappelijke wedstrijd tegenwoordig.

Het nietige Peru pakte op 31 augustus 2017 de titel, toen het het eveneens nietige Bolivia in de WK-kwalificatie versloeg. Daarna bleef het land ongeslagen, tot de WK-wedstrijd tegen Denemarken. De regels van het UFWC hebben ervoor gezorgd dat zelfs het team van de Nederlandse Antillen ooit wereldkampioen kon worden, na winst op Mexico.

Oranje speelde, als uitdager of titelhouder, al 82 wedstrijden om de onofficiële titel. Vijftig keer was Nederland de beste, wat een vierde plek op de eeuwige ranglijst oplevert, achter Schotland, Engeland en Argentinië.

Denemarken won vier eerdere titelwedstrijden, Australië maar één. De een mag zich donderdag nog steeds onofficieel wereldkampioen noemen, de ander de nieuwe. De vraag is of ze er lang van kunnen genieten.

Correctie (21 juni 2018): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Australië en Denemarken vrijdag tegen elkaar zouden spelen.

    • Frank Huiskamp