Senegal is nu de hoop van Afrika

WK voetbal

Senegal is het eerste Afrikaanse land dat in Rusland een WK-wedstrijd wint. Het voetbal op dat continent is een beetje ziek.

Alfred N’Diaye (rechts) namens Senegal in duel met de Pool Thiago Cionek. Foto Carl Recine/Reuters

Op de valreep is daar Senegal, na nederlagen van achtereenvolgens Egypte, Marokko, Nigeria en Tunesië het eerste Afrikaanse land dat zijn wedstrijd op het WK wint. De zege (2-1) op Polen neemt niet weg dat het continent, de kraamkamer van prachtige voetballers, een belabberd begin van het toernooi beleeft. Geen toeval, maar een symptoom, want het Afrikaanse voetbal is een klein beetje ziek.

Niet dat Afrikanen er op een WK voetbal ooit met prijzen vandoor gingen, zo buitengewoon werd er niet gepresteerd. Maar Kameroen, Senegal en Ghana bereikten met hartverwarmend voetbal ooit de kwartfinales. De Afrikanen doen doorgaans intensief mee en gelden als gevaarlijke, vooral fysiek sterke tegenstanders. Maar voorbij is de tijd dat Kameroener Roger Milla na een doelpunt in 1990 met zijn heupwiegdansje model stond voor de opkomst van ongebonden, artistiek voetbal.

Wat er mis is? Hebt u een uurtje, zou de voormalige Nederlandse bondscoach Leo Beenhakker zeggen. Het traditionele probleem van de sociaaleconomische achterstand op westerse voetballanden is structureel en zal op korte termijn niet verbeteren. Zeker niet zo lang corrupte bestuurders aan de touwtjes trekken. Ghana en Nigeria, twee toonaangevende Afrikaanse voetballanden, zijn daar recente voorbeelden van.

Undercoverjournalist

In Ghana onthulde een undercoverjournalist dat bondsvoorzitter Kwesi Nyantakyi, tevens lid van het uitvoerend comité van de FIFA, 65.000 dollar (56.000 euro) wilde aannemen in ruil voor het aanbrengen van een sponsor van de nationale competitie. Amos Adamu, het Nigeriaanse lid van het FIFA-bestuur, werd tweemaal voor een periode van drie jaar geschorst wegens het aannemen van steekpenningen.

Mochten regeringen van die landen al willen ingrijpen – overheden en voetbalbonden zijn in Afrika nauw met elkaar verbonden – dan staan de FIFA-regels dat niet toe. Kenia, Nigeria, Ethiopië en Tsjaad zijn vanwege inmenging al eens flink op de vingers getikt.

Corruptie zal nooit uit het Afrikaanse voetbal verdwijnen, maar het beïnvloedt het spel tegenwoordig niet meer, zegt Mark Gleeson, Zuid-Afrikaanse journalist en groot continentaal voetbalkenner. De magere resultaten in Afrika reflecteren volgens hem vooral het ontbreken van kroonjuwelen.

„Er zijn geen topspelers meer van het kaliber Milla, George Weah of Didier Drogba. Voorheen was er ook altijd gebrek aan geld, maar sinds wereldvoetbalbond FIFA WK-deelnemers miljoenen euro’s uitkeert, kunnen Afrikaanse landen trainingskampen beleggen en zich goed voorbereiden. Die inkomsten garanderen bovendien rust en voorkomen het bijna traditionele geruzie om wedstrijdpremies. Van zwendel, zoals decennia terug, is nauwelijks sprake meer”, claimt Gleeson.

Uitbuiting jonge talenten

Blijft het probleem van zwakke nationale competities en vooral uitbuiting van jonge talenten bestaan. De bondsbesturen zijn onbekwaam of onwelwillend om de gezwellen weg te snijden. De dubieuze makelaars die jonge voetballers loze beloften doen en hun daarmee het hoofd op hol brengen, blijven actief in Afrika.

Hun werkwijze bestaat uit het vragen van torenhoge honorariums als garantie voor een plek bij een Europese club. Sommige families besteden complete vermogens in de verwachting dat hun kind de nieuwe Drogba wordt. De ene keer verdwijnen die makelaars met complete spaargelden of in het minst slechte geval laten zij de jonge voetballer in Europa aan zijn lot over.

Volgens Foot Solidaire, een door de voormalige Kameroense international Jean-Claude Mbvoumin opgezette organisatie die de illegale handel in jeugdspelers bestrijdt, zijn er zeker 1.500 jonge voetballers uit West-Afrika onder die valse voorwendselen naar Europa gelokt.

Afgetrapte kicksen

De Senegalese topspeler Sadio Mané had het geluk uit de klauwen van die boeven te blijven. Als jongetje uit Bambali, een dorpje in een uithoek van Senegal nabij de grens met Guinee-Bissau, trok hij met zijn oom naar Dakar om testtrainingen van een betrouwbare voetbalschool uit Metz te bezoeken.

Ondanks zijn versleten kleren en afgetrapte kicksen werd Mané geselecteerd, waarna hij via Frankrijk, RB Salzburg en Southampton bij Liverpool belandde, waar hij zich aan de zijde van een andere Afrikaan, Egyptenaar Mohamed Salah, tot een sensationele voetballer ontwikkelde.

Lees ook: Mané maakt deel uit van een angstaanjagende trio bij Liverpool.

Met dank aan zijn wilskracht, een dosis zelfvertrouwen en de steun van zijn oom. Want Manés vader wilde van geen voetbalcarrière weten. Als imam van de moskee in Bambilla had hij andere toekomstplannen voor zijn zoon en was hij fel tegen diens reisje naar Dakar. Inmiddels heeft de imam zijn mening bijgesteld, maar helemaal passend bij zijn opvattingen vindt de vrome moslim de keus van zijn zoon nog steeds niet.

Mané is nu de absolute ster van de nationale Senegalese ploeg, die dinsdag op het WK Polen aan de kant schoof. Een goed stel, die huidige generatie Senegalese voetballers, met verdediger Kalidou Koulibaly (SSC Napoli) en middenvelder Idrissa Gueye (Everton) als andere smaakmakers. Het team roept herinneringen op aan het elftal dat in 2002 via strafschoppen de Afrika Cup aan Kameroen verspeelde en een half jaar later op het WK in Japan en Zuid-Korea in de kwartfinales vrij ongelukkig met 1-0 door Turkije werd uitgeschakeld.

Neeskensachtige speelwijze

In dat succesteam was Aliou Cissé met zijn rastakapsel en Neeskensachtige speelwijze zowel een karakteristieke speler als een belangrijke, tactisch sterke schakel.

Als trainer van het nationale jeugdteam kreeg hij in 2015 het vertrouwen als bondscoach. Een ongewone stap in Afrika, waar die positie doorgaans wordt bekleed door ervaren, westerse trainers. Maar Cissé, met 42 jaar de jongste coach op het WK, heeft de Senegalezen tot sluipmoordenaars op voetbalschoenen gesmeed.

Senegal speelt compact, modern voetbal en is fysiek oersterk. En ze zijn vooral hongerig, die Leeuwen van Terange.

    • Henk Stouwdam