Recensie

Doofpot van Ted Kennedy

Drama Senator Ted Kennedy raakte in 1969 betrokken bij een dodelijk ongeval, dat hij in de doofpot wilde stoppen. ‘The Last Son’ slaagt er niet in veel begrip voor hem te wekken.

Ted Kennedy (Jason Clarke) in opspraak.

Midden in de nacht reed de licht-benevelde senator Ted Kennedy in 1969 zijn auto van een brug in Chappaquiddick, een eilandje dat vastzit aan Martha’s Vineyard in de staat Massachusetts. Naast hem zat Mary Jo Kopechne, een jonge vrouw die meewerkte aan de verkiezingscampagne van Teds een jaar eerder doodgeschoten broer Bobby. Ted deed niets om haar te redden en lichtte de politie pas tien uur later in. Een team cynische, door de wol geverfde advocaten en pr-medewerkers deed er vervolgens alles aan om de waarheid te verbergen, zodat Kennedy herkozen kon worden als senator.

Over deze doofpot-affaire gaat The Last Son (originele titel: Chappaquiddick). De film maakt het de kijker lastig zich te verplaatsen in Ted Kennedy (Jason Clarke). De makers proberen sympathie voor hem te wekken door hem gebukt te laten gaan onder zowel de ‘Kennedy-vloek’ als de hoge verwachtingen van zijn dominante vader, Joe Kennedy. Maar erg overtuigend is dat niet.

De Kennedy-vloek verwijst naar de tragiek die de familie achtervolgt: de dood van achtereenvolgens Joseph Kennedy Jr. in 1944, JFK in 1963 en Robert Kennedy in 1968. The Last Son portretteert Ted vooral als schlemiel en plaatst de kijker in de positie van zijn adviseur Joe Gargan (een sterke Ed Helms), die hoofdschuddend toekijkt hoe Ted zichzelf moreel compromitteert.

    • André Waardenburg