Opinie

    • Marc Hijink

Het internet is al een tijdje stuk

Het Europees Parlement praat deze week over een uniforme digitale markt in de EU. Nieuwe copyright-regels dwingen webbedrijven om inhoud die gebruikers delen, vooraf te screenen.

Gaat het internet stuk of wordt het gerepareerd? Deze week buigt het Europees Parlement zich over een dossier waar ze niet alleen in Brussel koppijn van krijgen. Het gaat om het wetsvoorstel voor een uniforme digitale markt in de EU. Nieuwe copyright-regels dwingen webbedrijven om inhoud die gebruikers delen, vooraf te screenen.

Aan dit omstreden plan wordt al jaren gesleuteld. Hoofdpijnpunt is de content recogniton technology van Artikel 13, die controleert of creatieve werken – muziek, video’s, teksten, foto’s of softwarecode – auteursrechtelijk beschermd zijn. Tegenstanders van de wet noemen het een uploadfilter, dat het web stuk maakt. Creatief hergebruik, parodieën en satires: alles moet door dezelfde algoritmemolen. Onbetrouwbaar. Te duur voor startups. Weg ermee.

Die term ‘uploadfilter’ is onterecht, zeggen lobbyisten uit de muziekindustrie. Het gaat er niet om gebruikers de mond te snoeren, maar (grote) internetbedrijven meer te laten betalen. Een platformbelasting, plat gezegd.

Het web is al een tijdje stuk. YouTube – onderdeel van Google – en Facebook houden 500 miljoen Europeanen aan het scherm gekluisterd. Een minuscuul deel van de enorme advertentie-inkomsten gaat naar de rechthebbenden, zoals platenmaatschappijen. Dat is de scheve verdeling die Artikel 13 probeert recht te zetten.

Een groep internetpioniers, waaronder Google-ambassadeur Vint Cerf, waarschuwt dat Artikel 13 de innovatie bedreigt. Er zal nooit – daar is ie weer – een ‘Europese Google’ opstaan als we start-ups smoren met regels waaraan alleen rijke Amerikaanse internetbedrijven kunnen voldoen.

Dat klinkt vreemd uit de mond van zo’n rijk Amerikaans internetbedrijf, maar rondom Artikel 13 woedt een loopgravenlobby waarin geen enkel argument ongebruikt blijft. De platenindustrie schiet met ‘cultuurgoed’ en ‘arme artiesten’, de websector vuurt terug met ‘censuur’ en ‘surveillance’.

Ik bel twee mensen die zich over de voorstellen bogen: Paul Keller die lobbyt tegen de wet en Mauritz Kop, een auteursrechtenspecialist die de Europese Commissie adviseerde. Beiden vinden ze dat de EU met een te grote knuppel zwaait.

Keller schildert een machtsstrijd tussen de internetsector en de traditionele contentindustrie, over wie de distributie controleert en er het meeste aan verdient.

Kop vreest een onwerkbaar compromis tussen de drie onverenigbare doelstellingen van het voorstel: toegang tot legale diensten, een innovatievriendelijk klimaat én handhaving van auteursrechten. De invoering kan nog jaren duren.

Er zijn effectievere manieren om het web meer in balans te brengen. De Amerikaanse (!) krant The Boston Globe pleit voor de ‘logische opsplitsing’ van Google – door de advertentietak los te weken van YouTube, Search en Android. Ook Facebook zou gescheiden moeten worden van WhatsApp en Instagram.

Het internet repareren door monopolies aan stukken te knippen, dat is een nóg grotere knuppel om mee te slaan. Maar er wordt in elk geval beter gemikt.

    • Marc Hijink