De plastic-industrie: slecht imago en populair tegelijk

Plastic verpakkingen De verpakkingsindustrie baalt ervan dat plastic gezien wordt als oorzaak van allerlei problemen.

Plastic is de meest gebruikte verpakking voor voedingsmiddelen. In Nederlanden werken er 9.000 mensen in deze industrie. Foto ROMEO GACAD / AFP

De provinciale weg tussen Eethen en Aalburg snijdt dwars door het Land van Heusden, een land- en tuinbouwgebied in het noorden van Brabant. De kleuren groen en bruin overheersen in deze streek.

Maar er is ook industrie, bloeiende industrie zelfs. Want vlak buiten het dorpje Genderen zit het hoofdkantoor van Oerlemans Packaging, producent van plastic verpakkingen, met zo’n zeshonderd werknemers en een omzet van 185 miljoen euro (2017), naar eigen zeggen marktleider in de Benelux. En het bedrijf groeit hard – in tien jaar tijd verdriedubbelde de omzet – ondanks snel toenemende milieukritiek op de sector én de dreiging van maatregelen uit Brussel.

Hoe dat komt? „Critici zijn behalve burger ook consument”, geeft Joan Hanegraaf, eigenaar van Oerlemans Packaging, het begin van een verklaring. „’s Avonds op een feestje noemen ze plastic de oorzaak van alle problemen. Maar de volgende dag kopen ze kaas het liefst in een handige verpakking.”

Dat Oerlemans Packaging juist tussen de boerenbedrijven zit en niet tussen de schoorstenen en pijpleidingen van de chemische industrie, heeft een historische oorzaak. Oerlemans was van oorsprong fruitteler, begonnen in de jaren vijftig. Al snel breidde hij uit, met een handeltje in de kunststof folies die nodig waren om land- en tuinbouwgronden te prepareren.

Met de oliecrisis in 1973 werd het steeds moeilijker de folies in te kopen, terwijl het basismateriaal nog wel verkrijgbaar was. Dus ging Oerlemans de folies zelf maken en verkopen. Al snel ontdekte ook de voedings- en levensmiddelenindustrie de voordelen van kunststof. Oerlemans groeide mee. Intussen heeft het bedrijf zes fabrieken in Nederland en maakt het verpakkingen voor friet, kattenvoer, potgrond, plastic tassen, broodzakjes, landbouwfolie, noem maar op – als het maar van plastic is.

Korrels smelten

„Iedere week komt 1,5 miljoen kilo kunststof binnen”, vertelt verkoopmanager Merijn Bos op het parkeerterrein achter de fabriek, waar grote opslagtanks staan opgesteld. Het plastic komt in korrels van verschillende chemische samenstellingen, ook wel granulaat genoemd. Oerlemans koopt het spul van één van de grote chemiebedrijven Sabic, Total, Dow Chemical of ExxonMobil, voor gemiddeld zo’n 1,50 euro per kilo. Het Brabantse bedrijf smelt de korrels, mengt ze tot de juiste mix en voegt zo nodig nog wat chemische stofjes of kleurstoffen (additieven) toe, om er vervolgens folies, tassen of verpakkingen van te maken.

Marges zijn dun in de plasticverpakkingsindustrie, die volgens cijfers van de brancheorganisatie NRK in Nederland werk biedt aan negenduizend mensen bij 550 bedrijven. Afgaande op de jaarresultaten houdt Oerlemans van iedere euro omzet na kosten doorgaans net iets meer dan 3 cent over.

Daar staat tegenover dat de verpakkingssector behoorlijk crisisbestendig is, zegt Bos. Ook als het slecht gaat kopen mensen immers etenswaren en voer voor hun huisdier. Bovendien is de verpakking van die spullen voor producenten zo’n klein deel van de kosten dat er niet of nauwelijks op te bezuinigen valt. Een recent rapport van Rabobank bevestigt: het gebruik van plastic verpakkingen neemt al jaren gestaag toe in Europa.

Zorgwekkender voor Oerlemans en zijn branchegenoten is het slechte imago van plastic en de Europese plannen om het gebruik ervan terug te dringen. Wie kent niet de beelden van kilometers ronddrijvend kunststof afval op zee of vogels die na overlijden meer plastic dan ingewanden in hun lijfjes blijken te hebben? Volgens cijfers van de Verenigde Naties wordt wereldwijd jaarlijks acht miljoen ton plastic in zee gedumpt. Als het aan de Europese Commissie ligt, is onder meer wegwerpplastic zoals rietjes, borden en bestek daarom binnenkort verboden.

„Ik vind het rampzalig wat er allemaal in het milieu wordt gedonderd”, zegt Hanegraaf, die al decennia voor Oerlemans Packaging werkt en het bedrijf tien jaar geleden overnam. Toch noemt hij de plannen uit Brussel „symptoompolitiek”. Een betere inzameling van plastic afval en vooral meer recycling, dáár moeten we volgens Hanegraaf de oplossingen zoeken.

Laagjes

Dat impliceert ook een verantwoordelijkheid voor de industrie, erkent hij. Die moet verpakkingen maken die zich gemakkelijk laten recyclen. Dus niet allerlei laagjes verschillende materialen over elkaar, die niet of nauwelijks te ontleden zijn, maar ‘enkelvoudige’ plastics. Op dit moment wordt iets meer dan de helft van de kunststof verpakkingen in Nederland gerecycled volgens cijfers van Eurostat.

Het zoveel mogelijk uitbannen van plastic werkt juist averechts, stelt Hanegraaf, die zelfs een TED Talk heeft opgenomen om zijn boodschap uit te dragen. Alternatieven als papier of blik zijn namelijk óók slecht voor het milieu als ze daarin terechtkomen, zegt hij, en plastic verpakkingen doen het goed als het gaat om het tegengaan van bederf en beschadiging. Dat leidt er dan weer toe dat mensen minder weggooien.

Lees ook:Weg met plastic in laagjes: dat is niet te recyclen

Voorlopig heeft Hanegraaf Europese beleidsmakers nog niet overtuigd. Desondanks zijn fabrikanten en veel consumenten onverminderd enthousiast over plastic verpakkingen, merkt Oerlemans aan de stijgende omzet. Vooral portie- en kleinverpakkingen winnen aan populariteit. Wat weer slechter lijkt voor het milieu dan het is, zegt Hanegraaf. Want hoe kleiner de verpakking, hoe minder voedsel in de vuilnisbak belandt.

Van paniek in de sector is dan ook geen sprake, zegt Hanegraaf. „Plastic gaat de wereld echt niet uit.”

Lees ook: Plastic heeft zoveel mogelijk gemaakt, hoe kunnen we ooit zonder?
    • Joris Kooiman