Vergoeding voor zonnepanelen wordt in 2020 aangepast

Duurzame energie Particulieren krijgen vanaf 2020 een lagere vergoeding van de overheid voor hun zonnepanelen. Maar omdat deze goedkoper worden, blijft de terugverdientijd ervan wel gelijk.

Op het dak van een woonhuis worden zonnepanelen geplaatst. Foto Sander Koning/ANP

De vergoeding die de overheid betaalt aan particulieren die zonne-energie op hun eigen dak opwekken, wordt in 2020 verminderd, maar omdat de panelen goedkoper worden, blijft de terugverdientijd van zonnepanelen gemiddeld zeven jaar, net als nu.

Minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) maakte de nieuwe regeling vrijdagavond bekend in een brief aan de Tweede Kamer. Alle huishoudens met eigen zonnepanelen – nu al een half miljoen – krijgen met de bezuiniging te maken.

Toch zijn de branchevereniging Holland Solar en de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE) „blij” met de nieuwe regeling, schreven ze zaterdag in persverklaringen. De organisaties hadden vorig jaar al gepleit voor deze aanpassing.

De huidige ‘salderingsregeling’ voor zonne-energie op daken verdwijnt in 2020. Dat was in het regeerakkoord al aangekondigd. De regeling was „een relatief kostbaar instrument”, zo noemde de minister in zijn brief van vrijdag als de belangrijkste reden.

Lees ook: Dure regeling zonnepanelen gaat op de schop. Wat nu?

Ervoor in de plaats komt een ‘terugleversubsidie’, voor stroom die particulieren aan het net leveren. Holland Solar schrijft dat de nieuwe terugleversubsidie „de gewenste investeringszekerheid” biedt. De NVDE wijst er ook op dat het in de nieuwe regeling voordeliger is om je hele dak vol panelen te leggen. Onder de oude regeling was het gunstig om nooit meer energie te produceren dan je zelf gebruikte.

Twintig andere organisaties (zoals milieuorganisaties, de Consumentenbond en de installatiebranche) hadden vorig najaar juist geprotesteerd tegen het afschaffen van de salderingsregeling. Klimaatorganisatie Urgenda is tegen de nieuwe regeling omdat de organisatie vreest dat burgers erdoor ontmoedigd zullen worden in zonnepanelen te investeren.

De huidige salderingsregeling is duur per kilowattuur, vergeleken met andere subsidies voor duurzame energie. ‘Salderen’ kostte de overheid in 2015 zo’n 80 miljoen euro. Nieuwe berekeningen zijn niet bekend. Omdat het aantal zonnepanelen in Nederland snel toeneemt, is het logisch dat de kosten in 2017 al bijna het dubbele bedroegen (circa 150 miljoen euro).

Vorig jaar had minister Henk Kamp (Economische Zaken, VVD) al aangekondigd dat het salderen zou verdwijnen, maar hij pleitte er toen nog voor om dat pas in 2023 te doen.

Koudwatervrees

Door de bezuiniging zal een deel van de burgers ervan afzien om zonnepanelen op hun dak te leggen. Dat komt door de algemene koudwatervrees die een nieuwe, nog onbekende, regeling met zich meebrengt en door de kosten, voorzag energie-instituut ECN in een prognose. Miljoenen huishoudens zullen de komende tien jaar zonnepanelen plaatsen, maar mét salderingsregeling zouden dat er 20 procent meer zijn, zo becijferde ECN.

Gevolg is ook dat de klassieke meter met een wieltje (dat terugdraait als je stroom opwekt) straks niet meer mag in een huis met zonnepanelen. Die kan niet meten hoeveel stroom een huis aan het net levert.

De invoering van de terugleversubsidie zal in 2020 veel administratief werk voor de overheid betekenen. Alle huishoudens met panelen op het dak moeten straks zelf subsidie aanvragen. De NVDE waarschuwde er zaterdag voor dat er „voldoende budget moet worden gereserveerd” om voor al die huishoudens de subsidie te regelen.

Minister Wiebes maakte vrijdag bekend dat ook de ‘postcoderoosregeling’ na 2020 op de schop gaat. Daarmee kunnen mensen samen zonnepanelen leggen op het dak van hun eigen appartementengebouw of bijvoorbeeld een school in de buurt. Ook die regeling is duur, maar ze is ook impopulair: er blijken maar 110 groepen gebruik van te maken. Mogelijk komt er voor zulke coöperaties ook een terugleversubsidie.

    • Hester van Santen