Opinie

    • Bastiaan Rijpkema

Bedreigingen voor Team Rechtsstaat

Een wereldkampioenschap voetbal zonder Nederland. Dat is pijnlijk. En dan ga je hopen tegen beter weten in. Voetbal International-journalist Süleyman Öztürk speelde daar mooi op in. De Spaanse bondscoach werd een dag voor de start van het toernooi ontslagen. Mag niet volgens de FIFA-regels, twitterde Öztürk, Spanje zou gediskwalificeerd kunnen worden – en Nederland was de eerste reserve! Slippers uit, voetbalschoenen aan, het veld op tegen Portugal. Uiteraard stond Spanje er.

Nog een teleurstelling: deze column gaat niet over het WK, maar over de rechtsstaat. Daar krijg je mensen minder snel voor op de banken. Hoewel dat natuurlijk niet voor de lezer van NRC geldt, de krant met een rechtsstaat-column. Toch is het niet alleen een opzetje om uw aandacht te trekken tussen al het WK-geweld. Ons laatste internationale voetbalsucces bij de mannen, zo wordt gezegd, was bovenal een teamprestatie; ik wil het hebben over rechtsstatelijk samenspel.

Binnen de Europese Unie woedt een felle rechtsstaat-discussie, met het Polen van PiS en het Hongarije van Orbán in de beklaagdenbank.

Laten we ook eens naar onszelf kijken: hoe staat het ervoor met ónze rechtsstaat? Oud-president van de Hoge Raad Geert Corstens deed dat eerder en kaartte terecht de gebrekkige waarborgen tegen politieke rechtersbenoemingen in Nederland aan. Acuut was het niet: „Onze cultuur is anders”. Dat lijkt me juist. Daarbij meldde het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) afgelopen maart nog dat het vertrouwen in de rechtspraak toeneemt.

Toch zie ik bedreigingen voor het kwetsbare samenspel dat onze rechtsstaat is. Zonder me te willen opwerpen als coach van Team Rechtsstaat, doe ik drie suggesties aan enkele essentiële spelers.

1) Burgers. Uit de VS weten we hoe juridische procedures gebruikt worden als politiek strijdmiddel. Maar ook hier heeft dat voorzichtig wortel geschoten. Vorige maand begon het hoger beroep in de Urgenda-zaak: de regering moet zich houden aan CO2-afspraken – uiteindelijk een politiek vraagstuk. De rechter in eerste aanleg hapte. Slecht voor de democratie, stelden de critici. Maar óók slecht voor de rechtsstaat: op politiek terrein is de rechter kwetsbaar. Burgers kunnen de rechtsstaat overvragen; voor politiek moeten ze op het Binnenhof zijn.

2) Politici. Partijen buitelden onlangs over elkaar heen om commentaar te leveren op de opheffing van Volkert van der G.’s meldingsplicht: Attje Kuiken (PvdA) vond de uitspraak „niet uit te leggen”, net als Madeleine van Toorenburg (CDA). Het kan nog bonter. Natuurlijk, „neprechtbank” (PVV) is een categorie apart. Maar denk ook aan oud-VVD-minister Van der Steur. Eerder dit jaar kreeg hij een standje in het vonnis inzake politiemol Mark M.; de minister (nota bene zelf jurist) had in een Kamerdebat gezegd dat een „zeer hoge straf” bij veroordeling terecht zou zijn. Rechters kunnen zich, buiten hun vonnis, niet verdedigen; de rest van de trias politica past daarom terughoudendheid. Rondom Van der G. lukte dat vrijwel alleen de minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker (géén jurist, zo zie je maar).

3) Juristen. Je kunt het net van de rechtsstaat ook té wijd uitslaan. Prominent voorbeeld: het rechtsstaat-rapport dat de Orde van Advocaten liet opstellen bij de verkiezingen van 2017. Het rapport signaleerde belangrijke pijnpunten, maar de conclusie was opmerkelijk: alle partijen ter rechterzijde van D66 hebben antirechtsstatelijke plannen. Tja, als je plannen omtrent abortus (SGP) of de doorwerking van internationaal recht (VVD) al als zodanig kwalificeert, gaat het inderdaad hard. Terwijl de voorstellen van de PVV, zoals het sluiten van moskeeën en islamitische scholen, toch echt van een andere antirechtsstatelijke orde zijn. Er kwam dan ook voorzichtige kritiek uit juridische hoek. Het rechtsstaat-argument maakt alleen indruk als het spaarzaam en met precisie ingezet wordt. Juristen moeten daarin vooroplopen.

Zo, terug naar het WK – wist u dat Orbán in zijn jonge jaren een niet-onverdienstelijk voetballer was?

Bastiaan Rijpkema is rechtsfilosoof aan de Universiteit Leiden. Rosanne Hertzberger wordt tijdens haar zwangerschapsverlof per toerbeurt vervangen door Kiza Magendane, Emma Bruns, Stine Jensen, Bastiaan Rijpkema en Haroon Sheikh.
    • Bastiaan Rijpkema