Operaties gebundeld in Maasstad

Prostaatkanker Het Maasstad Ziekenhuis wordt het grootste operatieve centrum in Nederland voor prostaatkaker .

De operaties van de hele regio zullen In het Maasstadziekenhuis worden gehouden, waar een extra operatiekamer wordt ingericht. Foto SONY DSC

De meeste prostaatoperaties in Nederland vinden vanaf volgend jaar plaats in Rotterdam. Zeven ziekenhuizen hebben besloten hun specialisatie te bundelen en de operaties te concentreren in het Maasstad Ziekenhuis.

Elk van de deelnemende ziekenhuizen blijft onder de naam Anser Prostaatcentrum verantwoordelijk voor de diagnose en de voor- en nabehandeling van prostaatkanker. Zo hoopt het samenwerkingsverband de patiëntenzorg dicht bij huis te houden en tegelijkertijd de expertise op een hoger plan te brengen. Het initiatief heeft de steun van patiëntenorganisatie ProstaatKankerStichting.nl.

Behalve het Maasstad zijn het Franciscus Gasthuis & Vlietland en drie ziekenhuizen buiten de regio Rotterdam onderdeel van Anser: het Albert Schweizer in Dordrecht, het Haaglanden Medisch Centrum in Den Haag en het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) in Amsterdam. Ook hebben zich met het Erasmus MC en het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) twee academische ziekenhuizen aangesloten.

Vrijwel gelijktijdig met de aankondiging van Anser vorige week werd bekend dat het Antoni van Leeuwenhoek in Amsterdam met een aantal ziekenhuizen in voornamelijk Noord-Holland een soortgelijk prostaatcentrum opzet. Deze combinatie heeft als streven om 750 van de jaarlijks ongeveer 2600 operaties in Nederland uit te voeren. Het Reinier Haga Prostaatkankercentrum in Delft doet er circa 250 per jaar.

Het Rotterdamse centrum verwacht zo’n duizend ingrepen voor zijn rekening te nemen, zegt professor Chris Bangma, voorzitter en initiatiefnemer van Anser en afdelingshoofd urologie in het Erasmus MC. Nu zijn dat er nog zeshonderd, maar halverwege volgend jaar is de tweede operatiekamer gereed die voor dit doel in het Maasstad wordt ingericht. De keuze om in het ziekenhuis in Lombardijen te opereren, is een voornamelijk pragmatische, aldus Bangma. „Daar was nog ruimte.”

Ziekenhuizen met minder dan 100 prostaatoperaties per jaar moeten stoppen

Praktisch gezien betekent de samenwerking dat vier urologen (twee uit het Maasstad, één uit het Erasmus en één uit het Franciscus) voortaan gaan opereren in het Maasstad. Volgend jaar komen daar nog twee bij. Ze zijn geselecteerd met het criterium van minimaal 250 operaties in de laatste vijf jaar.

Met de vrije keuze voor een behandelaar staat het streefgetal van duizend operaties per jaar geenszins vast, zegt Bangma. „Dat halen we alleen als we kwaliteit bieden. We moeten laten zien aan de patiënten dat ze bij ons krijgen wat ze mogen verwachten. Zowel qua dienstverlening als qua resultaten van de behandelingen, die we natuurlijk gaan meten.”

De vorming van de prostaatcentra in Nederland komt mede tot stand door druk van buitenaf, beaamt Bangma. Nederlanders zoeken steeds vaker hun heil bij hooggespecialiseerde ziekenhuizen in het buitenland, met name Duitsland en België. Daar zijn patiënten minder afhankelijk van de arts of het ziekenhuis waar zij min of meer toevallig terechtkomen. Kees van den Berg, voorzitter van ProstaatKankerStichting.nl, juicht de vorming van Anser daarom toe. „Dit zal de variatie in behandelingen verminderen en is dus goed voor de patiënt.”

Onderzoek wijst uit dat in ziekenhuizen waarin weinig prostaatoperaties worden uitgevoerd, de kans op complicaties groter is. De Nederlandse Verenging voor Urologie scherpt daarom de normen aan. Nu ligt die nog op vijftig operaties per jaar, maar vanaf 2019 moeten ziekenhuizen met minder dan honderd prostaatoperaties per jaar daarmee stoppen. Aansluiting bij een groter geheel is voor die ziekenhuizen dan de enige mogelijkheid om zorg voor prostaatkankerpatiënten te blijven aanbieden.

De zorgverzekeraars hebben de strengere norm overgenomen en stimuleren daarmee eveneens de concentratie. „Anderhalf jaar geleden hebben verzekeraars mij gevraagd dit initiatief te nemen”, zegt Bangma. „Zij willen per specialisatie zogenaamde koploperinstituten. Het voordeel voor die instituten is dat zij daardoor meer faciliteiten krijgen.”

Makkelijk waren de onderhandelingen niet, aldus Bangma. „Die beginnen voor iedereen met de vraag: wat verlies ik, wat moet ik opgeven? Met name bestuurders die verantwoordelijk zijn voor de productie zorgen voor tegengas. Daarom hebben we voor dit model gekozen: de diagnose blijft lokaal, de behandeling ook voor zover dat kan. De concentratie zit hem meer in de faciliteiten: de operaties in het Maasstad en het wetenschappelijk onderzoek in het Erasmus MC en het LUMC. De gezamenlijke naam Anser zorgt voor draagvlak bij de andere deelnemers: wij doen dit met elkaar.”

Van de andere kant krijgen de ziekenhuizen die de prostaatoperaties opgeven weer de ruimte om te kiezen voor een ander specialisme, al dan niet in samenwerking met andere instellingen. Bangma is daarover optimistisch: „Tien jaar geleden was de gezondheidszorg in Nederland competitief. We moesten allemaal aan marktwerking doen, maar dat had als averechtse werking dat men elkaars concurrent werd. Nu vinden artsen en bestuurders elkaar weer in dit soort initiatieven. Het is weer meer teamwork.”

    • Frank de Kruif