Nog ligt het Westen niet in duigen

Nieuwe wereldorde

De VS in de gedaante van president Trump gedragen zich niet meer als een bondgenoot. Europa heeft daar nog geen antwoord op.

De Britse premier May, de Duitse bondskanselier Merkel, de Canadese premier Trudeau, de Franse president Macron en de Japanse premier Abe wachten op Trump bij de G7 in Québec. Foto Leah Millis/REUTERS

Het is niet zeker of Donald Trump er écht op uit is zijn westerse bondgenoten van zich te vervreemden, maar hij is er wel verdraaid goed in. Zijn lompe gedrag afgelopen weekend op het jaarlijkse uitje van de G7, de kleine club rijke industrielanden, was de laatste oprisping in een lange reeks fricties en beledigingen.

De Europese Unie? Opgericht als machtsinstrument tegen de Verenigde Staten, zei Trump na zijn verkiezing. De NAVO? Een achterhaalde club van profiteurs die zelf weinig geld aan defensie uitgeven en hopen dat de VS het wel zullen opknappen. Het door Europa gewaardeerde internationale klimaatverdrag? In het voordeel van China. De mondiale nucleaire afspraken met Iran, waar Europa zo hard aan gewerkt had? Slechtste deal ooit gesloten.

Het is niet de eerste keer dat in de westerse familie servies sneuvelt. Toen president Bush steun vroeg voor de oorlog tegen Irak viel het bondgenootschap uiteen in voor- en tegenstanders van een aanval op Saddam Hussein. En de G7 zelf was in 1975 het Franse antwoord op een jarenlange crisis in de Europees-Amerikaanse betrekkingen. Amerikanen vroegen zich al vaak terecht af of ze niet te veel betalen, Europeanen of de VS hun macht wel goed gebruiken.

Voorheen draaiden conflicten veelal om zakelijke meningsverschillen. Zijn er wel of geen massavernietigingswapens in Irak? Wie betaalt de rekening? Nu gaat het om de vraag wat het westerse bondgenootschap nog bijeenhoudt.

In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog groeide in het Westen de idee dat de wereld een gemeenschap moest zijn. De VS waren economisch sterk en vol zelfvertrouwen uit die oorlog tevoorschijn gekomen en namen het leiderschap van de nieuwe, naoorlogse orde op zich. De Amerikanen gaven de statenorde een normatieve lading: ze werden de ambassadeurs van vrijheid en democratie, van zelfontplooiing en vrije handel, van mensenrechten en de scheiding van machten. De internationale orde werd machtsspel én waardenstelsel.

Lees ook: ‘Trump is uit op vernietiging van de oude wereldorde’

Onder de tram

De Amerikaanse orde veranderde de wereld niet in een paradijs, die normen en waarden kwamen meer dan eens onder de tram. Maar, al met al, werd het westerse project, gedragen door de trans-Atlantische as, een succes. De andere machtscentra in de wereld konden in elk geval niet aan de westerse suprematie tippen.

Met de val van de Muur boette de NAVO snel aan urgentie in en de Amerikanen kregen in de gaten dat de toekomst wel eens in Azië kon liggen, niet in Europa. China kreeg mondiale ambities, en het Rusland van Vladimir Poetin werd assertiever. Het westerse project stond dus al onder spanning, lang voordat Trump in de politiek ging.

Een systeem dat in hoge mate afhankelijk is van de leider is uiterst kwetsbaar. Het westerse model is geknipt voor een welwillende overlegmachine met omgangsvormen. Het systeem is niet gebouwd op een conservatieve nationalist met een minderwaardigheidscomplex die in elke bondgenoot een profiteur ziet en die in de omgang met collega-leiders ‘volks’ verwart met ‘boers’.

Voor het waardendeel van de orde heeft Trump niet bijster veel respect en van internationaal overleg ziet hij eigenlijk de noodzaak niet in. Een president die vindt dat hij zó machtig is dat hij zichzelf thuis gratie zou kunnen verlenen, is van nature niet geneigd om op zaterdagmiddag naar de pijntjes van middelgrote leiders te luisteren.

Het dédain dat hij thuis aan de dag legt voor democratische instellingen, brengt hij mee naar het internationale podium. Hij wil graag dat de G7 Rusland weer verwelkomen, dat na de annexatie van de Krim buiten werd gezet. Hij ziet niet in waarom Rusland voor die actie gestraft moet worden en heeft in het algemeen nauwelijks bedenkingen bij de omgang met autocratische regimes. Hij gaat, schreef een analist deze week op Twitter, liever naar de D7, met mannen als de Filippijnse president Duterte, Poetin en Kim, dan naar de G7 met liberale lieden als Trudeau, Merkel en Macron.

Luister ook onze podcast waarin Michel Kerres de diplomatieke verschuivingen op het wereldtoneel bespreekt: Rutte, Europa en de rest

Van internationaal overleg ziet Trump eigenlijk de noodzaak niet in

Trump heeft in elk geval geen enkele ambitie getoond om het leiderschap van het oude stelsel op zich te nemen. Hij onderstreept liever de rauwe kanten van de Amerikaanse macht. Hoever hij daarin zal gaan, is onduidelijk. Niets duidt erop dat het ergste al voorbij is. Eerst trof hij Europa en Canada met handelstarieven, nu is China aan de beurt.

De VS doen afstand van de mondiale rol heet het; de boeken over die abdicatie worden nu geschreven. Een voormalig NAVO-ambassadeur voor de VS, de Democraat Ivo Daalder, bijvoorbeeld, publiceert in oktober The empty throne.

Kunnen de VS eigenlijk wel zonder bondgenoten? Het lijkt niet aanbevelenswaardig. Bondgenoten dragen bij in geld en mankracht. Bondgenoten leveren in de strijd tegen terrorisme cruciale informatie. Bondgenoten kunnen Amerikaanse optredens – in Afghanistan of tegen Syrië – legitimiteit verschaffen.

Kunnen de bondgenoten zonder de VS? Nee. De Europeanen kunnen zichzelf niet verdedigen – noch militair, noch economisch. Na de annexatie van de Krim en de Russische inmenging in Oekraïne brachten de Amerikanen de tanks, die ze na de Koude Oorlog hadden weggehaald uit Europa, snel weer terug. De euro kan in de internationale handel niet tippen aan de dollar en als de Amerikanen met sancties Iran straffen en Europese bedrijven beletten handel te voeren met dat land, hebben de Europeanen geen goed antwoord paraat.

Stilstand

Nog ligt het Westen niet in duigen. Veel arrangementen functioneren – komende week worden bijvoorbeeld via Rotterdam weer zestig helikopters en duizend Amerikaanse legervoertuigen naar Duitsland gebracht. Maar de kans dat op korte termijn nieuwe samenwerkingsverbanden van de grond komen met de VS is minimaal. En de vraag is of een systeem dat niet groeit op den duur levensvatbaar is.

Intussen sneuvelt met elke confrontatie vertrouwen. Trump draalde vorig jaar vrij lang voordat hij zich committeerde aan de NAVO-belofte dat een aanval op één land een aanval op het hele bondgenootschap is. Veel Amerikaanse functionarissen hebben die belofte later herhaald. En toch. Iets bleef hangen. Het is, zei een diplomaat, alsof je je partner opbiecht dat je één keer bent vreemdgegaan. Ook al ga je daarna niet meer vreemd, het zal nooit meer zo worden als het was.

Als de immer ingetogen kanselier Merkel thuiskomt van een top en de gang van zaken openlijk „licht deprimerend” noemt, dan is er écht iets gebeurd. Als de immer koele Europeaan Mark Rutte warme Europese toespraken houdt omdat hij niet meer blind kan varen op de VS, dan weet je dat in de trans-Atlantische verhoudingen een nieuw hoofdstuk begint. De Europeanen zien de verandering, maar vinden ze ook een antwoord?

    • Michel Kerres