Marokkaanse fans uit Harderwijk zien hun ploeg verliezen in Sint-Petersburg

WK Voetbal

Duizenden Marokkaanse Nederlanders zijn naar Rusland afgereisd om Marokko aan te moedigen.

Sofian Khottour poseert met de Marokkaanse vlag. Foto’s Steven Derix

Op weg naar het Stadion Sint-Petersburg heeft Sofian andere Marokkaanse supporters in het Arabisch begroet: ‘salaam aleikum’. Al gauw merkt hij dat Nederlands eigenlijk veel handiger is. Enthousiast: „Er zijn zó veel Nederlandse Marokkanen hier vandaag!”

Marokko speelde vrijdag tegen Iran, en verloor in de slotfase met 1-0. Op die tribune stonden heel wat Nederlanders bittere tranen te wenen. Oranje doet niet mee aan het WK, maar er zijn in Nederland inmiddels ruim elfduizend kaarten verkocht. De overgrote meerderheid hiervan is waarschijnlijk gekocht door Nederlanders van Marokkaanse afkomst.

Zoals door Sofian Khottour en zijn drie vrienden uit Harderwijk: Sofian Chakour, Ismail Ban Musa en Farid Raoudi. Veluwse huisvaders met een eigen bedrijfje: alleen Sofian Chakour (kelner bij een bekend hotel) is in loondienst. Sofian Khottour is zzp’er in de zorg, Farid heeft een eigen stratenmakersbedrijf en Ismail runt een firma in liften. Terwijl zijn vrienden zich opmaken voor de wedstrijd staat Ismail in de slaapkamer te bellen: zaken.

De vier dertigers voelen zich Nederlander – drie van de vier mannen hebben een relatie met een Nederlandse vrouw. Farid heeft wel meteen een paar Marokkanengrappen gemaakt – „er komt op de foto toch wel een balkje over mijn ogen?” – maar dat was om het ijs te breken, zegt hij.

Het Marokkaanse voetbal volgen ze niet. „Als je mij vraagt tien Marokkaanse clubs op te noemen, dan lukt mij dat niet”, zegt Farid. „Wij zijn allemaal voor Ajax.”

Farid is ook weleens naar het Nederlands elftal geweest. En als Oranje een eindronde speelt, dan gaan de mannen op in de oranje polonaise. „Als Nederland speelt, is er saamhorigheid”, zegt Sofian Khottour. „Cultuur, religie is ineens niet belangrijk meer. Maar Nederland is helaas niet door.”

„Anders waren we naar Nederland gegaan”, zegt Farid.

„Dat is toch ons land”, roept Ismail aan de andere kant van de tafel.

Hakim Ziyech

Maar toch: nu het Marokkaanse elftal voor het eerst sinds 1998 een WK speelt, wilden ze er bij zijn. En heus niet alleen omdat sterspeler Hakim Ziyech toevallig een neef is van de achterneef van Sofian Khottour. Hun Iraanse vrienden Feryd en Jawad – ook uit Harderwijk – wilden ook graag naar Rusland. Juist daarom hebben ze de wedstrijd tegen Iran uitgezocht, legt Farid uitgegaan. „Anders waren we natuurlijk naar de wedstrijd tegen Portugal gegaan.” Maar de Iraniërs haakten op het laatste moment af.

En dus zitten er nu vier Marokkaanse ‘Harderwiekers’ in een klein appartement aan de Zesde Sovjetstaat in het centrum van Sint-Petersburg. Toen Sofian Khottour de bouwvallige staat van de negentiende herenhuizen zag, maakte hij zich wel enigszins zorgen. Maar het moet gezegd: de kamers zijn schoon. En trouwens, de sfeer in Rusland viel hen mee. „Van tevoren hebben we het er wel over gehad”, zegt Sofian Chakour. „Dat ze heel agressief zouden zijn in Rusland.”

„Voel je totaal niet”, zegt Farid.

Dat er vijf spelers van het Marokkaanse elftal in Nederland zijn geboren, vinden de mannen een kwestie van toeval.

„Voor het Marokkaanse elftal word je sneller uitgenodigd”, zegt Sofian Khottour.

„Turkse spelers uit de Nederlandse competitie zouden nooit voor Nederland kiezen”, zegt Farid. „Marokkanen wel.”

Maar spelen voor het Marokkaanse elftal is een grote eer. En je kunt nog zo goed geïntegreerd zijn, voor Nederlanders blijft je toch een Marokkaan.

„Als je ons vieren zou vragen wat we zijn, dan zeggen we: we zijn Nederlanders”, zegt Ismail.

Farid: „Maar mensen die ons op straat zien, zeggen: vier Marokkanen.” Ismail heeft toch maar het rode shirtje aangetrokken en Sofian Khottour heeft zijn haar nog even in de gel gezet.

„Het is al bijna drie uur”, zegt Sofian Chakour. „We moeten naar het stadion.”

    • Steven Derix