Recensie

Een scherpe, lichte hartdiagnose van de Verenigde Staten (●●●●)

Arjen van Veelen

Zijn reportages uit de moorddadigste stad van de VS gaan niet alleen over verval, maar ook over hoop.

De rand van het centrum van St. Louis, de moorddadigste stad van Amerika. Foto iStock

Denkend aan de Verenigde Staten ziet de gemiddelde Nederlander waarschijnlijk de iconen voor zich: het Vrijheidsbeeld, het Witte Huis, de wolkenkrabbers, wellicht de Golden Gate Bridge. Deze beelden zijn zo vanzelfsprekend dat het lijkt alsof we er zijn geweest. Dat gold ook voor journalist Arjen van Veelen (1980), voordat hij in 2014 naar de Verenigde Staten verhuisde, waar zijn vrouw in St. Louis een onderzoeksbaan krijgt. Een uitgelezen kans voor Van Veelen om rustig en geïsoleerd aan zijn debuutroman te werken.

De verwachte rust is van korte duur. In Ferguson, niet ver van St. Louis, wordt de ongewapende zwarte tiener Michael Brown doodgeschoten door de politie. De beelden van rellen die daarop volgen gaan de wereld over en Van Veelen ontpopt zich als correspondent voor de Nederlandse media. Ferguson blijkt het startschot voor een reeks reportage-essays, die gebundeld zijn in Amerikanen lopen niet.

Onvrijheidsbeeld

Van Veelen heeft zich ondergedompeld in de Amerikaanse geschiedenis en trakteert de lezer op wetenswaardigheden over St. Louis. Over de Gateway Arch bijvoorbeeld, de blikvanger en trots van de stad, maar met een schaduwkant van racisme: voor het monument moest een zwarte sloppenwijk plaatsmaken. De Arch als Onvrijheidsbeeld, zoals Van Veelen het noemt. Sterk zijn de hoofdstukken waarin Van Veelen doorsnee Amerikanen ontmoet. Zo gaat hij op pad met een zwarte dominee, die in de geest van Martin Luther King radicale liefde predikt . Elk weekend struint hij de gevaarlijkste straten van St. Louis af om jongeren ervan te weerhouden elkaar te vermoorden.

De vele schietpartijen in ‘de moorddadigste stad van Amerika’ zijn zo alledaags dat ze bijna triviaal worden. Van Veelen schrijft over de vele straataltaartjes die hij tegenkomt, met uitgeprinte foto’s van (vooral zwarte) slachtoffers, alsof het om vermiste katten gaat. Zwarte jongeren zijn gestopt bang te zijn voor de dood, tekent hij op. ‘Niet vanwege een of andere stoïcijnse filosofie, maar omdat ze niets te verliezen hebben.’

Lees ook de reportage die Van Veelen in 2014 vanuit Amerika voor NRC schreef: Het oorlogsgebied bleek best vriendelijk

Verwoed op zoek naar de Amerikaanse droom, vindt Van Veelen slechts verloren fragmenten. Op zijn zogenaamde ‘wereldreisjes’ langs plattelandsteden met namen als Cairo en Paris, die ooit de belofte van een nieuwe en betere wereld in zich hielden, treft hij vooral verlaten en vervallen plaatsen aan. Van Veelen praat er met inwoners, veelal witte Amerikanen, die met weemoed terugdenken aan vervlogen tijden van voorspoed en gemeenschapszin. Eerst verdwenen de banen naar lagelonenlanden, vervolgens werden fabrieken en kleine ondernemingen opgeslokt door miljardenbedrijven als Walmart en veranderde de bevolking door migratie uit het zuiden.

Immigranten

Kortom, een verhaal van stagnatie en verval, precies waar Trump op hamerde in zijn verkiezingscampagne. Wanneer Van Veelen een Trump-rally in de buurt van St. Louis bezoekt, merkt hij al gauw dat de anti-establishmentkandidaat bij het publiek de juiste snaren weet te raken. Angstaanjagend, schrijft Van Veelen, vooral omdat hijzelf begeesterd raakt door de onconventionele wijze waarop Trump zijn duidelijke boodschap de zaal inslingert. ‘Ik heb het gevoel dat ik zit te kijken naar de nieuwe president van de Verenigde Staten’, schrijft Van Veelen.

Lees ook de recensie van Van Veelens debuutroman uit 2017: In de slagschaduw van Icarus (●●●●)

Hoe goed hij ook de nostalgische sentimenten van de verarmde witte middenklasse begrijpt, apologetisch of cynisch wordt Van Veelen nergens, integendeel. Hij laat namelijk zien dat het verhaal van Amerika ook het verhaal van (nieuwe) immigranten is. Bij zijn bezoek aan het arme plattelandstadje Noel ontmoet hij een hippe, gesluierde Somalische vrouw. Vol energie zet ze zich in voor de lokale gemeenschap, door taallessen te geven aan vluchtelingen en op te komen voor de arbeiders in de grote plaatselijke kipverwerkingsfabriek. Zelf ambieert ze een carrière als fotomodel, mét hoofddoek. De racistische incidenten die ze in het stadje meemaakt maken haar alleen maar assertiever. Ook zij vertegenwoordigt de Amerikaanse droom.

Met Amerikanen lopen niet weet Van Veelen succesvol een hartdiagnose van de Verenigde Staten op te stellen. Met een open blik en een scherpe maar ook lichte pen laat hij zien waarom iedereen St. Louis zou moeten kennen.

    • Lotfi el Hamidi