Opinie

In Italië is ook het populisme schijn

Elke Italiaan weet dat Italië zonder Europa verloren is, schrijft . Geen paniek dus over de nieuwe populistische koers, die veeleer op continuïteit wijst.
Matteo Salvini, Lega-leider en minister van Binnenlandse Zaken in de nieuwe Italiaanse regering na een persconferentie in Milaan over zijn weigering een schip met 629 migranten toe te laten. Foto Flavio Lo Scalzo/EPA

Met de komst van een nieuwe volksregering in Rome, die alles anders gaat doen, wordt over Italië weer geschreven alsof het einde der tijden nabij is. Toegegeven; het land nodigt daartoe uit. In onze ogen is het dolce vita decadent en als we niet oppassen gebeurt dat straks op onze kosten.

Maar in Italië is niets wat het lijkt, dus ook het populisme niet. Italië loopt voor- én achterop. Voorop, omdat we alle moderne politieke agitatie, van Mussolini tot Berlusconi, in Italië het eerste hebben gezien. Achterop, omdat de noordelijke economieën al vijf eeuwen het tempo dicteren. Italië heeft alles al eens meegemaakt, maar dan groter en dramatischer. Het Romeinse Rijk is synoniem voor de ondergang, en een betere spindoctor dan Machiavelli – een zoon van de Renaissance – is er nooit geweest. Daarbij heeft de katholieke kerk Italië geleerd dat de macht altijd achter de schermen huist. Een realistisch inzicht, of je nu wel of niet gelooft.

Natuurlijk zijn dit clichés, maar daar staan de clichés tegenover van al diegenen die, met de nieuwe geheel uit populisten bestaande regering in Rome, het einde van de euro al voor zich zien. Ook de Italiaanse president had zijn twijfels, en blokkeerde in eerste instantie de benoeming van de eurosceptische en anti-Duitse professor Paolo Savona als minister van Financiën. Vier dagen dagen later ging de regering alsnog van start, mét de 81-jarige Savona als minister van Europese Zaken.

Was de blokkade van de 76-jarige staatspresident Sergio Mattarella louter stuntwerk voor de bühne? Wordt Italië ondanks de komst van nieuwe hemelbestormers nog steeds door oude mannen achter de coulissen geregeerd? Wie het weet mag het zeggen.

Geen charismatisch leider

Tegelijk bleef onopgemerkt dat de nieuwe regering het belangrijkste kenmerk van populisme mist: een charismatische leider.

Die had Italië wel. Na de ineenstorting van de oude politieke orde, begin jaren negentig, beheerste Silvio Berlusconi met zijn Forza Italia jarenlang het toneel. Hij werd in 2013 afgetikt, maar maakte dit jaar een comeback, die hem geen overwinning bracht, maar wel genoeg eerherstel om op rechts een rol als kingmaker te claimen.

Italië heeft al ruime ervaring met populistische leiders. Waar in de rest van de democratische wereld gevreesd wordt voor de toekomst van de oude volkspartijen, is Italië dat stadium allang voorbij. Het einde van de Koude Oorlog bracht er ook het einde van de almacht van de christen-democraten, die met Giullio Andreotti (1919-2013) als spin in het web vanaf 1945 onafgebroken in de regering zaten. Vanaf de jaren zeventig streefden de communisten onder Enrico Berlinguer (1922-1984) naar een ‘historisch compromis’ met de christen-democraten, dat formeel nooit echt van de grond kwam, maar informeel wel degelijk bestond.

Fiat en Lada

Rechts hield rekening met de linkse macht en pacificeerde die, ook door economische banden met Moskou (denk aan Fiat en Lada). Dit systeem verdampte in 1992, waarna Berlusconi met zijn grote schoonmaak kwam die al snel een zeepbel bleek.

Column Luuk van Middelaar: ‘Ongrijpbaar’ regeert met ‘helder’

Tegen deze achtergrond ziet de nieuwe regering in Rome, die ook weer Rusland-vriendelijk is, er minder revolutionair uit. Ze bestaat geheel uit populistische partijen (inclusief hoogleraren), maar met de rechtse Lega Nord en linkse Vijfsterrenbeweging kun je beter van een historisch compromis spreken. De ‘bovenmacht’ zal er zijn zegen aan hebben gegeven, omdat er even geen echt alternatief was en de machtigste Italiaan niet in Rome zit, maar bij de ECB in Frankfurt.

Met zijn geldpolitiek was Mario Draghi als onzichtbare hand voor Italië de laatste jaren al redder in nood en de nieuwe Italiaanse regering draagt de verschillen tussen noord en zuid in zich.

Afscheiding uit Italië

Ruim voordat dit sentiment in de eurozone speelde, klaagde de Lega Nord al over de spilzucht van de corrupte politici in Rome en wilde zij zich van Italië afscheiden. De Vijfsterrenbeweging heeft eenzelfde klacht, maar wil Italië bijeenhouden en doet een beroep op de solidariteit uit het Noorden.

Elke Italiaan weet dat Italië zonder Europa verloren is en dat het land dan alleen staat tegenover ‘Afrika’. Dan kun je afgeven op de dictaten van de Duitsers, maar iedereen doorziet dat meteen als bluf. Rechts Italië verkeert niet in de positie om Duitsers de les te lezen, omdat dan automatisch de link naar het fascisme wordt gelegd. Daarmee heeft Italië alleen zichzelf.

Is er dan niets nieuws onder de zon en is Italië helemaal niet te hervormen? Welzeker. De grootste hervormingen in Italië komen van buiten en dankzij de euro hebben de Italianen voor het eerst een stabiele munt. Dat Italianen kunnen rekenen en ook met de nul genoegen nemen, weten we van hun voetballers (die in Rusland ontbreken).

Italië zou wel gek zijn om terug te keren naar de lire, een munt die steevast minder waard werd en nu helemaal een avontuur zou zijn. Italië zelf is voor alles duurzaam. Je kunt veel zeggen van Italianen, maar ze gaan langer mee dan wie ook en suïcidaal zijn ze niet.