Elke dag een recruiter aan de lijn

Tekort Geen beroepsgroep zo gewild als IT’ers. Welke keuzes maak je dan, als je alles voor het kiezen hebt? „Ik kreeg meteen een auto.”

Illustratie Pepijn Barnard

Opzwepende filmmuziek, snel opeenvolgende beelden, aan het einde een explosie: een recent door ABN Amro gelanceerd filmpje doet denken aan een videospel. Dat moet ook – het is een trailer van een door de bank gemaakte ‘game-app’. Een virtuele escape room, waarbij je uit een kamer moet zien te ontsnappen door het oplossen van puzzels. Het spel heeft maar één doel: IT’ers werven voor een baan bij de bank.

Want op de Nederlandse arbeidsmarkt bestaat al een aantal jaren een enorm tekort aan, met name hoogopgeleide, IT’ers. In 2017 was in geen enkele andere beroepsgroep de krapte zo groot, aldus cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS). Uit UWV-onderzoek blijkt bovendien dat in dat jaar 53 procent van de IT-vacatures moeilijk opgevuld kon worden. Intussen stijgt de vraag naar IT-kennis binnen bedrijven nog steeds, maar verandert de vraag ook snel. Hoewel er meer IT’ers afstuderen, zijn het er nog lang niet genoeg.

En dus grijpen bedrijven naar noodmaatregelen. Van het inhuren van peperdure recruiters en het organiseren van wervingsevenementen, tot het opzetten van virtuele escape rooms. Hoe ervaren IT’ers zélf die overspannen arbeidsmarkt?

Lees ook: Kwart van ICT-bedrijven heeft last van personeelstekort

‘Ben je al afgestudeerd?’

„Mijn IT-vrienden en ik fantaseren weleens over onze loopbaan”, zegt Justin Verkuijl (27), software-ontwikkelaar bij Phillips. „Wat als we nu zouden stoppen? We komen altijd tot de conclusie dat we de volgende dag weer aan het werk kunnen.” Toen Verkuijl ontslag nam bij zijn eerste werkgever, solliciteerde hij bij zes bedrijven in een week. Hij werd bij alle zes aangenomen, volgens hem geen abnormaliteit. „Mijn oud-klasgenoten overkomt hetzelfde.”

Die gemoedsrust lijkt een gemene deler onder IT’ers. Toen Frank van Hest (34), werkzaam bij een webhostingbedrijf in Nijmegen, twee jaar geleden opnieuw op zoek ging naar een baan, nam hij een recruiter in de arm. Hij dacht dat een baan vinden zo vlak na de crisis moeilijk zou zijn. Maar binnen drie dagen had hij drie interviews. „Er ging echt een wereld voor me open”, zegt hij nu. „Ik solliciteer alleen als een baan me écht heel leuk lijkt”, zegt ook IT’er Remco Bakker (33), werkzaam bij een detacheerder in Woerden. „Je hebt de banen in mijn ervaring toch voor het uitkiezen.”

Dat gevoel wat waard te zijn, begint al vroeg. Op universiteiten of hogescholen wordt iemand met de juiste studierichting al vanaf het eerste jaar lastig gevallen door headhunters, legt Sako Arts (25) uit. „Zo van: wanneer ben je afgestudeerd?” Een aantal keer per week door een recruitmentbureau benaderd worden via LinkedIn, of zelfs gebeld worden op werk, is voor de gemiddelde IT’er niet vreemd.

Illustratie Pepijn Barnard

Goede basisvoorwaarden

Maar welke keuzes maak je, als je alles voor het kiezen hebt? Arts is zelf net klaar met zijn master computer science and engineering aan de Technische Universiteit Eindhoven, en pakt de banenjacht serieus aan. Op het moment oriënteert hij zich op twintig bedrijven, waaruit hij er vijf wil filteren voor verdere onderhandelingen.

Maar dat doet lang niet iedere IT’er zegt hij. „Ik zie om me heen dat mensen gewoon doorrollen vanuit een stage, of het eerste het beste bedrijf kiezen dat ze benaderd heeft. Nu die arbeidsmarkt zo goed is, kun je júist je droombaan vinden.” Arts wil niet per se voor de baan waarin hij het meeste kan verdienen gaan, inhoud staat voorop – zich specialiseren in deep learning is zijn wens.

Toch snapt Arts wel waarom niet iedereen dertig bedrijven bezoekt. Want waarom tijd steken in een lange zoektocht, als de basisvoorwaarden bij IT-banen overal goed of zelfs uitstekend zijn? „Een IT’er krijgt standaard flexibele uren, als je een beetje moet reizen komt daar een leaseauto bij”, zegt hij.

Annika Baars is (27) development- en operationsengineer bij een grote bank. Ze schoolde zich nog niet zo lang geleden om na een studie psychologie, bij een groot bedrijf dacht ze meer ruimte te hebben om door te groeien. „Voor mij is salaris geen reden om over te stappen”, zegt Baars. „Dat is overal prima.” Volgens de nationale beroepengids liggen de salarissen in de IT-sector doorgaans tussen de 2.000 en 5.000 euro per maand, afhankelijk van het opleidingsniveau.

Maar veel keus hebben, betekent volgens softwareontwikkelaar Verkuijl soms ook niet weten wát je precies wil. „Ik koos na zes sollicitaties voor detachering. Je krijgt daar meteen een auto onder je kont, dat voelde zo gaaf.” Maar na een tijdje bleek hij het reizen alleen maar vervelend te vinden en koos hij voor een baan dichter bij zijn woonplaats.

Lees ook: Help, er zijn geen technici meer!

Bovendien zijn IT’ers geen meesteronderhandelaars, vindt Bakker. „Als een baan vinden zo makkelijk ging, waarom vroeg je dan niet meer?, hoor ik vaak. „Ik zou ook wel wat meer lef mogen hebben”, zegt hij. „Dat ontbreekt techneuten wel vaker.” Ook Verkuijl typeert de gemiddelde IT’er als „ingetogen”, Arts noemt ‘de IT’er’ niet gehaaid genoeg.

Marlous (29) is ontwikkelaar bij een klein bedrijf in online-wiskundeonderwijs, en ziet dat anders. In haar vorige baan bij een groot accountantskantoor zag ze IT’ers die wél onderhandelden. „Mensen gaan soms zelfs weg bij een bedrijf, omdat ze ergens anders een beter bod krijgen.” Marlous zegt haar achternaam liever niet, want „recruiters lezen dit ook.”

Want voor wie fijn op zijn plek zit, kan die constante berichtenstroom heel vervelend zijn. Telefoonnummers worden gewoon verkocht, legt Marlous uit. Toen een headhunter in dienst bij haar vorige werkgever zelf van baan wisselde, kreeg ze een paar dagen later al een telefoontje. Of ze daar niet ook wilde komen werken. Arts gaf een paar weken geleden zijn nummer weg op een netwerkevenement van de universiteit, en wordt nu drie keer per dag gebeld door headhunters. Onbekende nummers negeert hij inmiddels.

Van Hest, die werkt in Nijmegen, maakte in het verleden gebruik van een recruiter, maar zou het nu liever zelf regelen. „Mijn vorige werkgever heeft 10.000 euro voor mij neer moeten tellen bij een recruitmentbureau. Dat vind ik een hoop geld voor een paar telefoontjes.”

En een smak geld gebruiken als lokkertje, werkt soms ook averechts. Bakker kreeg een paar jaar geleden het aanbod om te komen rallyrijden in Assen. „Zoveel geld, enkel en alleen om met je in contact te komen. Het voelde bijna wanhopig.”

    • Marit Willemsen