Opinie

Waarom het goed is dat Nederland Mali verlaat

Nederland stopt de deelname aan de VN-missie in Mali. Vijf redenen waarom dat een verstandig besluit is, volgens .
Nederlandse Apache-gevechtshelikopters worden in Mali gereedgemaakt voor transport naar Nederland. Foto ANP/Ministerie van Defensie

Toen de VN in 2013 de vredesmissie Minusma naar Mali stuurden, gloorde er hoop in het West-Afrikaanse land: blauwhelmen zouden burgers gaan beschermen tegen terreur van moslimextremisten. In praktijk kwam daar weinig van terecht. In 2013 maakten extremisten alleen het noorden onveilig, inmiddels zijn er in het hele land aanslagen. De 15.000 VN’ers komen zelden van hun zwaar beveiligde bases af. Ze zijn bang voor bermbommen en al meer dan 150 VN-soldaten kwamen in Mali om het leven. De ongemakkelijke waarheid is:

1 De vredesmissie is niet effectief. Vooral in het midden van Mali, rond de stad Mopti, is de situatie de laatste tijd verslechterd. Jihadisten, gelieerd aan Al-Qaida en IS, hebben in deze regio al meer dan 500 scholen gesloten. Net als Boko Haram in Nigeria beschouwen de Malinese extremisten westers onderwijs als bron van alle kwaad. Alleen koranscholen zijn toegestaan.

De Malinezen zijn diep teleurgesteld en hebben het gevoel dat ze op geen enkele manier profiteren van de 850 miljoen euro die de missie jaarlijks kost. „De blauwhelmen zijn vooral bezig met hun eigen veiligheid”, zei Bagna Djitteye, plaatsvervangend gouverneur van Mopti, toen ik hem dit jaar opzocht. „Gewone burgers laten ze aan hun lot over.”

2 De organisatie is stroperig. Nederlandse militairen in Mali verzamelen inlichtingen over terroristen en andere gewapende groepen. Maar actie blijft meestal uit, onder meer door de stroperige besluitvorming binnen de VN. Ondanks herhaalde pleidooien voor een pro-actiever optreden, onlangs nog door premier Mark Rutte in New York, verandert er weinig.

In een brief aan de Tweede Kamer schreef het kabinet dat stabiliteit in Mali belangrijk is om „dreigingen voor Europa, zoals terrorisme en irreguliere migratie tegen te gaan”. In de praktijk treedt de vredesmacht helemaal niet op tegen terrorisme en irreguliere migratie. Volgens cijfers van de VN nam de mensensmokkel in Mali vorig jaar sterk toe. Actief bestrijden van terroristen valt niet onder het mandaat. Zelfs het beveiligen van scholen lukt niet.

3 Franse operatie maakt de VN-missie overbodig. Naast de VN-missie zijn ook Franse militairen actief in Mali. Binnen ‘operatie Barkhane’ (actief in Burkina Faso, Tsjaad, Mali, Mauretanië and Niger) houden zij zich vooral bezig met het liquideren van islamitische extremisten, die in 2012 een soort kalifaat in Noord-Mali stichtten. Ze hebben hun eigen inlichtingendienst.

Als ex-koloniale bezetter kennen de Fransen het land goed. Frans is de nationale taal, wat de communicatie vergemakkelijkt. De meeste Nederlanders moeten tolken gebruiken. Wat voegen zij toe? De documentaire Achter de Linies, in april uitgezonden, doet het ergste vrezen over hun effectiviteit. Te zien was hoe Nederlanders bij dorpelingen informatie probeerden in te winnen over extremisten. Alsof die durven praten! Als de blauwhelmen weg zijn, weet iedereen, ruimen extremisten verklikkers uit de weg.

Er is kritiek op Barkhane, maar Malinese tegenstanders van de politieke islam beseffen dat ze niet zonder de Fransen kunnen; anders dan de VN maken die wel een verschil. Als zij hun missie staken is het kalifaat zo terug.

4 Nederlandse krijgsmacht heeft baat bij minder werkdruk. Deelname aan VN-missies is een van de oude pijnpunten. Illustratief was het ongeluk met een mortiergranaat, waarbij in 2016 twee militairen om het leven kwamen in Mali. De Onderzoeksraad voor Veiligheid, die het incident onderzocht, stelde vast dat er door tijdsdruk en gebrek aan mankracht ernstige fouten waren gemaakt. Voor zowel politici als de Defensie-top was in 2013 deelname aan de VN-missie naar Mali belangrijker dan de vraag of de krijgsmacht goed was uitgerust.

Lees ook: Nederlandse krijgsmacht kan missies niet aan

Het nieuwe kabinet heeft weliswaar 1,5 miljard euro extra beschikbaar gesteld voor de krijgsmacht, maar volgens kenners is er veel meer nodig. Vertrek uit Mali schept ruimte voor serieuze herstructurering.

5 Buitenlandse troepen voeden extremisme. Veel Malinezen beweren dat buitenlandse militairen een verborgen agenda hebben. Frankrijk zou azen op goud en olie. „Landen als Nederland hopen op een stuk van de cake”, beet een Malinese douanier mij dit jaar toe. „Door anarchie te creëren, hopen westerse landen grondstoffen te kunnen plunderen.” In de weken daarna hoorde ik veel Malinezen hetzelfde roepen.

Het is koren op de molen van islamitische extremisten, die al jaren roepen dat het Westen zich verrijkt over de rug van arme Afrikanen. Doordat de veiligheid verslechtert delen steeds meer Malinezen deze visie. De VN-missie bereikt daardoor het tegengestelde van wat ze beoogt. Van de eigen corrupte regering verwacht de bevolking al jaren niks meer. Al Qaida en IS zijn in de ogen van veel Malinezen de enigen die westers neo-kolonialisme actief bestrijden.