De grootste dansprijs ter wereld is te winnen in Rotterdam

Dans In Rotterdam begint 21 juni een concours voor duetten, waarmee choreografen 100.000 euro kunnen winnen voor een nieuwe productie. Daarmee is het meteen de grootste dansprijs ter wereld.

Don’t kiss van Fabio Liberti (Denemarken/Italië) en Alanda van Mario Bermudez Gil (Spanje) Foto Matija Lukicc

Waarom hebben wij dat eigenlijk niet? Die simpele vraag vormde het vertrekpunt voor het gloednieuwe choreografieconcours Rotterdam International Duet Choreography Competition, kortweg RIDCC. „Zeven jaar geleden is het idee geboren, toen we in Stuttgart bij het Solo Tanz Theater Festival waren. Superleuk.”

„En belangrijk. Het is voor jonge choreografen zó moeilijk om zonder subsidie hun werk te tonen. Een concours biedt een van de weinige mogelijkheden.”

Mischa van Leeuwen (40) en Maya Roest (30), de oprichters van RIDCC, vullen elkaar voortdurend aan. De twee Scapinodansers begonnen vorig jaar serieuze plannen te smeden en worden nu het bijna zo ver is van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat volledig beheerst door ‘hun’ project. Tenminste, als ze niet repeteren of optreden. Of zorgen voor het zoontje van Van Leeuwen. „Zij gaat ermee naar bed, ik sta ermee op”, lacht de kaalhoofdige vader.

Dans- en balletconcoursen zijn, in het buitenland althans, doodnormaal. Meestal zijn het wedstrijden voor dansers. Choreografiewedstrijden zijn schaarser, maar niet zeldzaam; in Europa zijn ze er in soorten en maten. Van 1988 tot 2000 huisvestte Groningen zeven maal het Internationaal Choreografen Concours.

Van Leeuwen en Roest begrepen al snel dat het zaak was een concours te organiseren met een onderscheidend karakter. Een duettencompetitie bleek nog niet te bestaan. „Onze eerste gedachten gingen uit naar solo’s”, vertelt hij. Zij: „Maar dat was er al. Duetten zijn aantrekkelijk, je kunt er meer mee vertellen.”

Geholpen door de zakelijk leider van Scapino Ballet Rotterdam werden contacten gelegd met stichtingen en fondsen en konden plannen worden gesmeed. Over de prijzen, bijvoorbeeld.

Roest: „Vooropstond dat je er als jonge choreograaf echt iets aan moest hebben. Dan kom je uit op een productieprijs. Dáár help je iemand mee, niet met een paar duizend euro. Ergens een stuk kunnen maken is veel beter.” Van Leeuwen: „Een paar duizend euro is leuk, maar voor dansers, muziek, decor en kostuums moet je dan nog altijd subsidie aanvragen.”

Oda Gada van Jinhwan Seok (Zuid-Korea). Foto Matija Lukicc

Om steun te krijgen voor een productieprijs hebben Roest, Van Leeuwen en Aukje Bolle, de kersverse zakelijk directeur van RIDCC, alle Rotterdamse gezelschappen aangeschreven. De respons was overweldigend: „Iedereen wilde meedoen!” Scapino Ballet Rotterdam bijvoorbeeld biedt de mogelijkheid een nieuw werk te maken, Norrdans ‘geeft’ een professionele dansfilm van het ingezonden duet, Conny Janssen neemt het duet van haar keuze op in het talentenprogramma Danslokaal en bij Codarts kan een van de finalisten met studenten aan de slag. Van Leeuwen: „Zo geef je een prijs waardoor mensen zich verder kunnen ontwikkelen.”

Ze moeten even nadenken hoe ze precies bij de Stichting Droom en Daad zijn terechtgekomen. In elk geval belden ze vorig jaar december ‘brutaalweg’ naar de stichting, met een uitnodiging aan directeur Wim Pijbes, de bekende voormalig directeur van het Rijksmuseum en Museum Voorlinden. Wilde hij eens de spreekwoordelijke kop koffie met hen drinken? Pijbes: „Dan zitten er ineens twee enthousiaste mensen aan je bureau, met een project dat aansluit bij wat deze stichting beoogt.” Volgens hem was de kogel gauw door de kerk: „Het gaat over talent, iets wat nog niet bestaat in de wereld, internationale uitstraling, kansen creëren door middel van competitie. Iets waarmee Rotterdam wordt gepromoot. Voor ons waren dat voldoende elementen om als fonds het groene licht te geven.”

Oda Gada van Jinhwan Seok (Zuid-Korea),. Foto Matija Lukicc

Zonder ingewikkelde procedures (de stichting werkt niet met aanvragen) werd zo een belangrijke nieuwe partner aan boord gehaald. „Daar is het concept wel wat door veranderd”, probeert Van Leeuwen onderkoeld. Het stel krijgt nog steeds grote ogen als ze terugdenken aan het moment dat het bedrag van de hoofdprijs voor het eerst ter tafel kwam. Want 100.000 euro is behalve de grootste dansprijs ter wereld wél een bedrag waarmee een volwassen productie met alles erop en eraan kan worden gefinancierd.

„Hij vroeg nog wat beter zou zijn, drie prijzen van 30.000 of een van 100.000”, herinnert Roest zich, nog licht naduizelend. Pijbes, nuchter: „Hun begroting was iets te voorzichtig, wij hebben die wat opgehoogd.”

Hij maakt zich weinig zorgen over het risico dat een dergelijk volledig nieuw project inhoudt. Kein Geschäft ohne Risiko, luidt zijn devies. Stichting Droom en Daad, dat wordt gefinancierd door de Rotterdamse familie Van der Vorm, verbindt zich voorlopig voor drie jaar met RIDCC. „Het is een enorm bedrag, maar het rendeert in iets nieuws. Met 320 inzendingen uit 40 landen is het eerste resultaat al geboekt. Uiteindelijk willen we natuurlijk dat het leidt tot een kwaliteitsimpuls voor de dans. Maar dat dit zo veel energie losmaakt, is wat mij betreft nu al de grootste up side.”

Rotterdam International Choreography Competition. Theater Rotterdam, 21 en 22 juni voorrondes, 23e finale. Alle avonden zijn toegankelijk voor publiek. Inl. en kaarten: theaterrotterdam.nl’, ridcc.nl
    • Francine van der Wiel