Kabinet stopt met missie in Mali

De Nederlandse bijdrage aan de Mali-missie zal niet worden verlengd. Die beslissing lekt uit aan de vooravond van een rapport van de Algemene Rekenkamer over de Nederlandse inzet in Mali.

De minister van Defensie en de Commandant der Strijdkrachten bezoeken de missie in Mali,15 maart 2018. Foto Jan Dijkstra

Na ruim vier jaar komt er een einde aan de Nederlandse bijdrage aan de VN-vredesmissie in Mali. Op dit moment zitten daar nog ongeveer 250 militairen. Dit besluit zal het kabinet komende vrijdag in de ministerraad nemen, zo bevestigen bronnen rond de coalitie de berichtgeving van RTL en NOS. De Nederlandse bijdrage loopt in principe tot 31 december van dit jaar. Hoe de missie zal worden afgebouwd, is nog onduidelijk.

Tegelijk met het beëindigen van de Mali-missie zal het kabinet vrijdag ook besluiten om de bestaande missie in Afghanistan uit te breiden met enkele tientallen extra militairen, zo zeggen ingewijden.

Inlichtingen

Aan de VN-operatie in Mali, die in 2013 begon, draagt Nederland vooral bij door het verzamelen van inlichtingen en het uitvoeren van verkenningen – Nederlandse militairen zijn de ‘oren en ogen’ van de missie. Nederland verlengde de missie, waaraan het initieel tot 2015 zou bijdragen, drie maal met een jaar.

De operatie verliep voor de Nederlandse krijgsmacht tamelijk rampzalig. Bij verschillende ongelukken kwamen vier militairen om. In 2015 bij een helikoptercrash, in 2016 tijdens een schietoefening met mortiergranaten.

Een uitgebreid onderzoek naar de toedracht van dat laatste ongeluk leerde dat Defensie de bewuste mortieren nooit had mogen gebruiken, omdat ze onveilig waren. De Onderzoeksraad voor Veiligheid concludeerde dat Defensie ernstig tekort was geschoten in de zorg voor de veiligheid van uitgezonden Nederlandse militairen

Naar aanleiding van dat onderzoek trad toenmalig minister van Defensie Jeanine Hennis (VVD) voortijdig af. Ook de hoogste militair, Tom Middendorp, stapte op. Dat was drie weken voordat het nieuwe kabinet-Rutte III aantrad.

Kabinet niet eensgezind

Het uitlekken van deze beslissing komt aan de vooravond van een rapport van de Algemene Rekenkamer over de Nederlandse bijdrage aan de militaire vredesmissie in het West-Afrikaanse land en de gevolgen van militaire missies voor de gehele krijgsmacht. Dat rapport verschijnt deze woensdag.

Bij een bezoek van Defensieminister Ank Bijleveld (CDA) aan Mali in maart zei de minister nog tegen De Telegraaf dat het „niet logisch” is de missie helemaal af te bouwen, „als je kijkt naar onze positie dit jaar in de VN.” Nederland heeft tot het eind van dit jaar een van de roulerende zetels in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties.

Voor de coalitiepartijen is het van belang dat Defensie na jaren van bezuinigen de tijd moet krijgen om op adem te komen. De missie in Mali heeft een zware wissel getrokken op zowel het personeel van de krijgsmacht als het materieel. Rutte III stelde geld beschikbaar voor achterstallig onderhoud en nieuwe investeringen, ruim 1,5 miljard euro structureel, maar het is volgens een bron in coalitie „realistisch en verstandig” om even een pas op de plaats te maken. „We moeten de krijgsmacht niet verder uitwonen”.

    • Floor Boon
    • Philip de Witt Wijnen