Opinie

    • Wim de Jong

Kweek op school niet alleen maar ‘nette burgers’

Bij burgerschapsonderwijs is het cruciaal dat je leerlingen ook leert dat ze in protest kunnen komen, schrijft .
Skynesher

Minister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, ChristenUnie), wil meer vorm en samenhang geven aan burgerschapsonderwijs. Een goed voornemen, maar we schieten het doel voorbij als we alleen ‘nette burgers’ willen kweken. Laat kinderen ervaren dat ze binnen een democratie zelf invloed kunnen uitoefenen.

Er is niet zoiets als een democratisch gen, zo stelt minister Slob. Niet iedereen krijgt democratische waarden thuis met de paplepel ingegoten. Bovendien blijft het burgerschapsonderwijs in Nederland internationaal achter: Nederlandse leerlingen scoren lager op politieke kennis, en waarden als respect, gelijkheid tussen seksen en bevolkingsgroepen. Sinds 2006 kent Nederland verplicht burgerschapsonderwijs, maar vanwege huiver voor staatspedagogiek is die eis tot nog toe weinig uitgewerkt. Zijn voorstel geeft de inspectie meer handvatten om op handhaving toe te zien. Met een paar uur gaan we het inderdaad niet redden. Op veel scholen is maatschappijleer terecht al een keuzevak voor het examen geworden.

Slobs voorstel gaat echter mank aan de neiging om alleen het gemeenschappelijke kader te onderstrepen waar iedereen zich aan moet conformeren. De angst is dat burgers zich niet gedragen volgens de normen van de maatschappij. Daarom wijst de inspectie op de noodzaak duidelijkheid te scheppen over ‘wat de samenleving verwacht’. De spelregels die over moeten worden gebracht liggen vast. De bewijslast ligt volledig bij de leerling die zich in de samenleving moet inpassen. Het wordt zelfs nog gekker: in het lijstje van redenen dat het Nederlandse burgerschapsonderwijs achterblijft, stelt Slob misprijzend: „naast kennis is ook de houding van leerlingen ten aanzien van verschillende sociale en politieke kwesties afwijkend. Nederlandse scholieren hechten – meer dan in andere landen – veel waarde aan het respecteren van het recht op een eigen mening.” Zelden is conformisme zo nadrukkelijk als wenselijk naar voren gebracht.

Het heeft geen zin om met kinderen over discriminatie te praten als ze weten dat ze geen stage kunnen krijgen vanwege hun achternaam

Pleidooien voor burgerschapsvorming komen zelden uitsluitend voort uit zorg voor het vermogen van jonge burgers om hun samenleving vorm te geven. Meestal moet burgerschapsonderwijs fungeren als brandweer voor maatschappelijke problemen. Zo ook hier: zorgen over polarisatie, integratie en diversiteit zijn het motief. En het WRR-rapport van twee weken geleden over diversiteit laat ook zien dat de diversiteit in Nederland – hoe dan ook een gegeven – problemen met zich meebrengt op het gebied van sociale cohesie in wijken en gemeenten.

Lees ook: Minister Slob wil strengere eisen burgerschapsonderwijs

Burgerschapsonderwijs wordt echter geen succes als leerlingen niet leren zelf vorm te geven aan de democratie, door ze te laten ervaren dat ze invloed kunnen uitoefenen op de gang van zaken. Juist als het wetsvoorstel actief burgerschap wil bevorderen, is het cruciaal dat het gaat over de invloed van jongeren op hun leefomgeving en de gang van zaken in de school. Pas als mensen ook zeggenschap ervaren, gaat democratie voor ze leven. In de Verenigde Staten is het besef van democratische waarden traditioneel sterker omdat kinderen van jongs af aan gewend zijn aan democratische vormen, zoals verkiezingen voor klasvertegenwoordiger.

De nadruk in het voorstel van Slob ligt te veel op het voorkomen van problematisch gedrag, terwijl onderwijs ook gaat over een kritische houding ten opzichte van het systeem. Het heeft bijvoorbeeld geen zin om met kinderen over discriminatie te praten als ze weten dat ze geen stage kunnen krijgen vanwege hun achternaam. En al brengt diversiteit problemen met zich mee, het heeft geen zin dan alleen maar te gaan benadrukken wat we gemeenschappelijk hebben. Om actieve burgers te kunnen worden, is besef van de eigen achtergrond belangrijk. Daarbij hoort ook dat je boos mag zijn over onrecht in de samenleving, en misschien wel een protestbeweging start. Democratische waarden zijn niet take it or leave it, maar leven en ontwikkelen zich dankzij onszelf. Als we alleen conformistische burgers kweken, brengen we de democratie juist om zeep.

    • Wim de Jong