Het Rotterdamse Zuidwijk, waar André Ouwehand op promoveert.

Foto Peter Hilz

‘Gemengde wijk leidt tot hogere waardering van buurtbewoners’

André Ouwehand Overheden en corporaties moeten blijven bijdragen aan een gemengde samenstelling van wijken, stelt de promovendus.

Het ‘mengen’ van mensen van verschillende afkomst en klassen is belangrijk voor de waardering die bewoners hebben voor hun eigen buurt. Het is daarom van belang dat overheden en corporaties hieraan via gebiedsontwikkeling blijven bijdragen.

Dat stelt wetenschapper André Ouwehand van de Technische Universiteit Delft in zijn proefschrift Menging maakt verschil. Maandag promoveert hij op het onderzoek naar wijkvernieuwing en de waardering daarvan door bewoners in de Rotterdamse wijk Zuidwijk.

Ouwehand nam in 2008 bij 84 huishoudens uit de wijk interviews af met de centrale vraag: hoe tevreden bent u met uw wijk en welke invloed hebben veranderingen in de bevolkingssamenstelling en door wijkvernieuwing daar op gehad?

Op welke manier heeft dat invloed op de buurtwaardering?

„Ik heb gekeken naar veranderingen in de wijk door verhuizingen in de bestaande voorraad sociale huurwoningen en de gevolgen van de sloop en nieuwbouw. Wat blijkt is dat de meerderheid van de buurtbewoners tevreden is. Maar zowel bewoners van Nederlandse als niet-Nederlandse afkomst hebben het idee dat telkens als er een sociale huurwoning vrijkomt, daar enkel bewoners met een migratieachtergrond en vaak zonder inkomen uit werk komen te wonen.

„Dat leidt volgens inwoners van Nederlandse afkomst tot het verlies van decorum, door bijvoorbeeld verwaarloosde tuinen en kranten voor de ramen. En het vergroot de kans op verloedering en overlast. Inwoners van niet-Nederlandse afkomst willen graag met mensen van Nederlandse afkomst wonen omdat dat hun integratie bevordert. Bij beide groepen leidt die instroom tot een lagere waardering van de buurt.

„Over de gevolgen van nieuwbouw zijn beide groepen wel tevreden. De mensen die de huur of aankoop van zo’n woning kunnen betalen, hebben meestal een baan en worden gezien als ‘nette mensen’.”

Vorige week concludeerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) dat in wijken met meer diversiteit minder sociale cohesie is, een groter onveiligheidsgevoel en dat er meer delicten gepleegd worden. U concludeert dat menging van wijken wel belangrijk is. Hoe komt u tot die conclusie?

„Als een wijk met veel sociale huurwoningen alleen maar bewoners met een migratieachtergrond en zonder werk of inkomen aantrekt, dan wordt de arme buurt verwaarloosd en leidt dat tot een lagere waardering van de bewoners. Wat bewoners van Zuidwijk eigenlijk bedoelen als ze zeggen dat ze in een gemengde wijk willen wonen, is dat ze meer buurtgenoten van Nederlandse afkomst willen hebben.”

Lees meer over het onderzoek van de WRR: Hoe diverser de wijk, hoe onveiliger de bewoners zich voelen :

U heeft de interviews in 2008 afgenomen. Is uw onderzoek niet achterhaald?

„Het proces van wijkverandering, door middel van verhuizingen naar sociale huurwoningen of het neerzetten van nieuwbouw, is van alle tijden. Daarom is dit onderzoek nog altijd actueel. De samenstelling van Zuidwijk is de afgelopen jaren nog diverser geworden. Maar waar in het rapport van de WRR mensen van Turkse, Marokkaanse, Antilliaanse of Surinaamse afkomst niet meer de immigratiecijfers aanvoeren, zijn het nog steeds de grootste aanwezige bevolkingsgroepen in deze wijk.”

U schrijft dat het maatschappelijk debat over diversiteit de tegenstellingen in Zuidwijk lijkt te vergroten. Wat bedoelt u daarmee?

„Mijn onderzoek toont eigenlijk twee mechanismen aan die tegen elkaar in werken. Het eerste is de normalisering van diversiteit: steeds meer mensen van niet-Nederlandse afkomst wonen al jaren in de buurt en behoren nadrukkelijk tot de ‘gevestigden’ in de wijk. Aan de andere kant zorgt het integratiedebat ervoor dat bewoners van niet-Nederlandse afkomst zich minder thuis voelen. Er ligt meer nadruk op hun andere afkomst, waardoor ze het idee hebben vaker gediscrimineerd te worden. Daardoor wordt de diversiteit van de wijk als minder normaal gezien.”

Lees ook de kritiek op het WRR-rapport van hoogleraar diversiteit Maurice Crul: In de grote en diverse stad is Marloes de nieuwkomer

De gemeente is verantwoordelijk voor wijkvernieuwing. Wat moet zij doen?

„De afgelopen jaren hebben overheden en ook woningcorporaties bezuinigd op voorzieningen die onderlinge contacten bevorderen, zoals het wijkgebouw en de bibliotheek, terwijl ze juist moeten blijven kijken hoe ze kunnen bijdragen aan dat mensen van verschillende afkomst en klassen elkaar ontmoeten. Als je dat niet doet, dan speel je ook politieke partijen die zich profileren met tegenstellingen op basis van etniciteit in de kaart.

„Op het gebied van wijkvernieuwing kun je dat doen door te blijven investeren in nieuwbouw en renovatie van ouder wordende sociale huurwoningen. Bovendien moeten er voldoende sociale huurwoningen zijn, zodat ook mensen met een bescheiden inkomen daarin terecht kunnen. Alleen zo voorkom je dat de buurt verpaupert.”

    • Sam de Voogt