Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Enthousiasme

Paul van der Kraan is er de mens niet naar om als een ingevet haantje het zonlicht op te zoeken. Hij had deze lente niet misstaan op het podium in het centrum van Sittard, waar Fortuna Sittard de promotie naar de eredivisie vierde, want hij was het die de club na een driedubbele sanering van de ondergang redde en wist te slijten aan de Turkse zakenman Isitan Gün. Ik leerde hem kennen als directeur van Vitesse, ook die club redde hij van de ondergang.

Pas nadat Paul ergens vertrok, braken de goede tijden aan. Ik vroeg me weleens af wat hem, behalve een goed salaris, dreef: het was zaaien, snoeien en eenzaam over de akker dwalen, maar nooit eens oogsten.

Vorige week belde hij of ik hem wilde helpen bij een spreekbeurt voor de Rotary in Den Bosch, want daar was hij inmiddels neergestreken om ‘hetzelfde kunstje’ nogmaals op te voeren bij FC Den Bosch.

Ik: „Iedereen eruit en dan maar hopen op een koper?”

Hij: „Nou, de meesten waren er al uit toen ik kwam. Ik wil een beetje enthousiasme voor FC Den Bosch kweken zonder langdradig te worden. Iedereen vindt het een rotclub, jij ook neem ik aan?”

Ik vertelde hem dat ik met Theo Bos een keer bij FC Den Bosch was geweest en dat we toen gelachen hadden om de stadionspeaker die het publiek op ludieke wijze opriep om de donkere spelers van de tegenpartij eens niet uit te schelden.

„De enige ‘oe’ die ik vanavond wil horen, is de ‘oe’ van Oeteldonk.”

De leden van de Rotary zaten aan de maaltijd: ze hadden niets met FC Den Bosch, eerder hadden ze iets tegen FC Den Bosch. Paul hoopte ze te vangen voor het idee om de harde kern van FC Den Bosch te laten adopteren door het plaatselijke bedrijfsleven.

„Het doel is dat ze allemaal een baan krijgen, dan zijn ze misschien wat minder obsessief met FC Den Bosch bezig.”

Behalve hij zelf – en ik, want hallo ik zat daar wel als halve vriend – was niemand enthousiast.

Paul, cynisch: „Gelukkig is onze harde kern niet zo groot.”

Iemand zei: „Ik koop liever een schilderij voor het museum.”

De uitdrukking trekken aan een dood paard dekte de lading. Ton Rombouts, de vorige burgemeester van Den Bosch, zei na afloop dat hij de club tot twee keer toe had gered, maar dat hij daar in de stad de handen niet voor op elkaar had gekregen.

Ik keek naar het uitdrukkingsloze gezicht van Paul, inmiddels gehard door optredens voor kansloze zaaltjes.

De hoop is dat iemand dit stukje bewaart en herleest als FC Den Bosch straks is overgenomen door een zoon van Merab Jordania of een andere gek en dat ze hem dan bij een feest in de binnenstad niet vergeten het podium op te hijsen.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.
    • Marcel van Roosmalen