De tirannie van het ontspannen

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: meten is weten; over het tellen van stappen en minuten slaap.

Het begon met een eenvoudige stappenteller. Tienduizend stappen besloot ik iedere dag te zetten. Dat viel niet mee. Maar de positieve feedback van het polsbandje werkt enorm stimulerend: Goed zo, je bent er bijna, nog even, gehaald, vuurwerk! Voeg daar een vleug competitie aan toe met het zestienjarig buurmeisje dat ’s ochtends om acht uur tijdens een rondje rennen zomaar zesduizend stappen zet en daar ga ik. Natuurlijk laat ik me niet kennen. Ik volg haar letterlijk op de voet. Ligt ze in bed, dan kan ik nog stiekem tien rondjes door de tuin lopen.

Het apparaat meet ook mijn hartslag en het aantal uren slaap. Ook daar viel nogal wat te winnen. Die hartslag moet regelmatig de hoogte in. Sporten dus. En slaap is dezer dagen een trending topic. Minstens acht uur hebben we nodig. Iedere ochtend krijg ik een gedetailleerd verslag van mijn nachtrust: dertien minuten gewoeld. O jee.

Daarna kon ik niet om een ademhalingsteller heen. Dit apparaatje, een klein steentje dat ik met een klemmetje in mijn kleren draag, doet precies wat het zegt. Het houdt het ritme van mijn ademhalingen bij. Dat deelt het vervolgens in vier categorieën in: ‘kalm’, ‘actief’, ‘focus’ en ‘gespannen’. Het geeft me een waarschuwing als ik langer dan twee minuten gespannen ben. Dat gebeurt trouwens elke keer als ik deze column begin te schrijven. Dan klinkt er een buzz in mijn ondergoed. Het helpt me met gerichte oefeningen rustig te worden. Ook hier een competitie-element: met mezelf, om het aantal gespannen momenten omlaag te krijgen. Dat in vergelijking met andere vrouwen van mijn leeftijd. Ik wil niet ergens onderaan de ontspanningsladder eindigen.

Maar het hield niet op bij mezelf. Onze nogal slome hond moest van de dierenarts meer bewegen. Ook daar bleek een apparaatje voor. Een hondenstappenteller, die ook meteen haar slaap meeneemt. O jee, het is al twee uur en Nala heeft pas tweeduizend stappen gezet. De hele familie volgt haar (gebrek aan) activiteit online. Ik bleek deze hondenstappenteller zelfs te kunnen koppelen aan mijn mensenstappenteller en krijg nu regelmatig een dubbele waarschuwing: „Let’s move, Nala en Pia.”

Nu vind ik mezelf al behoorlijk doorgeslagen, maar het kan natuurlijk altijd nog erger. Ik hoorde over een apparaat in huis dat de hartslagen van alle huisgenoten meet en hun bewegingen volgt. Dit om Parkinson en andere ziektes in een vroeg stadium te kunnen ontdekken. Zo houd je de hele familie in de gaten.

Er zitten vanzelfsprekend nadelen aan het verzamelen van al die gegevens. De eerste de beste werknemer bij een van die bedrijven weet alles van me. En dat kan tegen me gebruikt worden. Mevrouw de Jong gaat om tien uur slapen met haar uitgetelde hond. Ik moet er niet aan denken dat dit uitlekt.

Deze weken is mijn moeder op bezoek. Ik heb haar een polsbandje gegeven en ze al is even verslaafd aan het stappentellen als ik. Nu nog oma koppelen aan de rest van de familie. En aan de hond.

Het wachten is op een teller voor onze drie katten. Ik zie het dagelijks rapport al voor me. Gemoedstoestand: kalm. Slaap: ja, graag. Activiteit: laat maar zitten.

Reacties naar pdejong@ias.edu