Recensie

Tolstoj met Eurythmics in komische toneelbewerking ‘Anna Karenina’

Een groep radiomakers voert Anna Karenina op als een musical, met liedjes uit de jaren tachtig. Bij deze Tolstoj-klassieker valt heel wat te lachen.

Anna Karenina (Ute Hannig) en haar echtgenoot (Jan-Peter Kampwirth) in ‘Anna Karenina’ van het Deutsches Schauspielhaus Hamburg Foto Matthias Horn

De toneelversie van Anna Karenina door het Deutsches Schauspielhaus Hamburg is een mix van de roman van Tolstoj en jarentachtighits. „She’s fresh, exciting”, zingt graaf Vronski (Yorck Dippe), één van de hoofdrolspelers, vol overgave. Bij het zingen van dit nummer van Kool & The Gang schudt Vronski uitbundig met zijn heupen. In een strakke glitteroutfit met ruches weet hij Anna’s hart moeiteloos te veroveren.

Het decor van de voorstelling, die vorig in première ging in Hamburg en nu te zien is op het Holland Festival, is een radiostudio zo’n veertig jaar geleden. In dat retro-decor voeren zeven radiomakers vol overgave Anna Karenina op. In een zogenaamde live uitzending worden scènes uit de roman nagespeeld, compleet met kostuums en geluidseffecten. Tussendoor vliegen de jingles en reclames voor lijm of een groentesnijder je om de oren.

Voor regieduo Barbara Bürk en Clemens Sienknecht is dit een beproefd concept. Ze plaatsten eerder Effi Briest (2015) in zo’n radiosetting en Madame Bovary (2016) kreeg een soortgelijke muzikale aanpak. Net als deze voorstellingen heeft de nieuwe productie de ondertitel: ‘Allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie’.

De oorspronkelijke roman is de bron, maar de spelers slaan rustig honderden pagina’s over en kunnen hun emoties soms maar moeilijk verhullen. Als in een dialoog bijvoorbeeld keer op keer troostend handen worden vastgepakt, kan één van de acteurs zijn irritatie niet verbergen.

Hoewel de radiomakers hun uiterste best om de scènes zo goed mogelijk over het voetlicht te brengen, ziet het er lekker knullig uit. De combinatie van hun houtje-touwtje performance en de teksten van Tolstoj werkt op de lachspieren.

Net als de – niet altijd even zuiver gezongen – nummers van artiesten als Eurythmics en Queen, die bloedserieus worden begeleid op fluit of xylofoon. Ondertussen schuilt onder het gespeelde amateurisme een enorme muzikaliteit. Wanneer Kitty (Sienknecht) haar gebroken hart bezingt, worden tientallen liedjes aaneengeregen tot een razendsnelle medley. Ook Anna zelf (Ute Hannig) barst om de haverklap uit in slepende ballades.

Door de komische setting en stevig aangezette personages voert de lach in deze voorstelling de boventoon. Als een serieus moment in de lucht hangt, moet één van de dj’s nét de luisteraars waarschuwen voor een flitser. En als Levin (Friedrich Paravicini) zijn overpeinzingen wil delen, wordt hij rap tot stilte gemaand. Wie graag de diepte in wil met een Russische klassieker, kan wat gefrustreerd raken door deze bewerking. Maar wie wel eens een mooie, frisse Tolstoj-bewerking mét Pink Floyd wil beleven, is helemaal op z’n plek.

    • Elisabeth Oosterling