Aan de kunst van Monet is precies te zien waar en wanneer hij schilderde

Schilderijen Monet leek een fotograaf die schilderde, zo precies werkte hij. De National Gallery in Londen wijdt een tentoonstelling aan Monet en architectuur.

Canal Grande (Venetië) uit 1908. © Photo courtesy of the owner

Van veel schilderijen van Monet is bekend waar hij ze heeft gemaakt. Hij schilderde de Thames in Londen vanaf de vijfde en de zesde verdieping van het Savoy hotel, hij schilderde de Boulevard des Capucines in Parijs vanuit het atelier van fotograaf Felix Nadar en hij schilderde de kathedraal van Rouen onder meer vanuit de tweede verdieping van een damesmodezaak; in de paskamer was een scherm neergezet waarachter hij kon werken.

Monet schilderde vaak zo precies, dat nu nog, meer dan honderd jaar later, kan worden vastgesteld dat hij in het Savoy werkte vanuit kamer 610 en 611 en niet vanuit 612. Monet voegde de Naald van Cleopatra toe aan de voorgrond van twee van zijn weergaves van Charing Cross Bridge en de positie van de naald ten opzichte van de brugpijlers impliceert dat hij in 1899 de suite bestaande uit kamers 610 en 611 bezette en in 1900 en 1901 de suite daar direct onder, 510 en 511, berekenden onderzoekers van de universiteit van Birmingham in 2010. Het Savoy adverteerde toen met een ‘Monet Suite’ waar gasten van hetzelfde uitzicht als de schilder konden genieten, maar die was een kamer verderop gesitueerd (sindsdien is het hotel verbouwd en nu zit de suite wel op de juiste plaats).

De vraag is of het er wat toe doet. Maakt het Monets schilderijen beter dat hij de obelisk van Cleopatra precies op de juiste plaats schilderde? Had het wat uitgemaakt als hij voor het effect het monument wat korter had gemaakt of iets naar links of rechts had verplaatst? Een schilderij is toch geen foto?

Nee, zeker niet in de negentiende eeuw, toen lange sluitertijden voor stijfheid zorgden en kleur nog grotendeels ontbrak aan deze manier van het weergeven van de werkelijkheid. Monet lijkt uit te zijn geweest op het vastleggen van een moment, op een snapshot toen dat met een camera nog niet mogelijk was. Kijk eens naar een foto van de Boulevard des Capucines uit de jaren tachtig van de negentiende eeuw en kijk dan naar de twee schilderijen die Monet toen vanuit het atelier van Nadar maakte van dezelfde omgeving: de schilderijen lijken nu bijna fotografischer dan de foto. Je zou Monet een fotograaf die schilderde kunnen noemen. Momentopnames. Alleen daar en alleen toen.

Meteorologische gegevens

Van Monets schilderijen kan niet alleen precies worden bepaald waar ze werden geschilderd, maar ook wanneer. Van het beroemde schilderij Impression, soleil levant, het doek dat het impressionisme zijn naam gaf, is vastgesteld dat het de zonsopgang boven de Normandische stad Le Havre vastlegt op 13 november 1872 om 07.35 uur. De rookpluimen links op het schilderij, die wijzen op oostenwind, de azimut van de zon en nog wat meteorologische gegevens maken dit tijdstip volgens de Amerikaanse astronoom Donald Olson het meest waarschijnlijk, mits Monet zich ook hier strikt aan de werkelijkheid heeft gehouden.

Hij zag de werkelijkheid anders

Maakt het uit of Monet de zonsopgang van vijf over half acht schilderde of dat hij een zonsopgang verzon die achteraf lijkt op die van 13 november 1872? Het schilderij is ten slotte jarenlang foutief voorzien geweest van de titel Impression, soleil couchant, ondergaande zon, en toen vonden de meeste mensen het ook heel mooi. En als Monet zo precies was, waarom heeft hij die informatie over tijd en plaats er dan niet zelf bijgezet?

Maar Monet was een kunstenaar en het deed er voor hem misschien niet zo toe waar en wanneer en zelfs wat als wel dát iets zichtbaar was geweest. Tegen de Amerikaanse schilder Lilla Cabot Perry zei hij rond 1880: „Als je gaat schilderen, probeer dan te vergeten wat voor dingen je voor je ziet, een boom, een huis, en weiland of wat dan ook. Denk alleen: hier is een klein blauw vierkant, hier een roze rechthoek, daar een streep geel, en schilder het precies zoals het zich aan jou voordoet.”

Op de tentoonstelling Monet & Architecture die nu in de National Gallery in Londen is te zien, wordt Monet neergezet als toerist, die net als andere toeristen op zoek was naar het pittoreske. Hij kocht reisgidsen en legde in elke stad of streek die hij bezocht de beproefde hoogtepunten vast: de kathedraal in Rouen, het dogepaleis in Venetië, molens en huisjes in Zaandam.

© Museum of Fine Arts, Boston
Cathédrale de Rouenlinks: 1893/4: ‘bij zonsopgang’rechts: 1893/4, ‘ochtendeffect’
© Fondation Beyeler, Riehen/Basel, Beyeler Collection / Foto Robert Bayer
Cathédrale de Rouen. Links: 1893/4: ‘bij zonsopgang’. Rechts: 1893/4, ‘ochtendeffect’
© Fondation Beyeler, Riehen/Basel, Beyeler Collection / Foto Robert Bayer

Maar kijk eens naar zijn doek van het museum van Le Havre, uit 1873. Daar blijkt toch al dat Monet vaak ergens anders op uit was dan de meeste toeristen. Op een foto van Albert Wiltz uit 1870 is het museum goed te zien, Wiltz koos een moment dat de zeilboten het gebouw op de kade niet verhullen. Monet schilderde het museum juist toen het bijna geheel achter de zeilen schuilging. Het gebouw is nauwelijks te zien. Ook beïnvloed door Japanse prenten en de vernieuwende kaders van foto’s zag Monet de werkelijkheid anders; iets wat zijn schilderijen nog steeds verrassend kan maken.

Ragfijne scherpte

Monet was niet altijd zo zeilig. Soms was hij een echte toerist die andere toeristen niet wilde zien. In Venetië schilderde hij bijvoorbeeld niet op zondag omdat er dan te veel plezierboten waren. In Londen vond hij de fabriekssmog pittoresk; daar kon hij niet op zondag schilderen omdat de schoorstenen dan niets uitbraakten.

© Kunsthaus Zürich
Houses of Parliament, Londenboven: 1900/1, ‘zonsondergang’ onder: 1904, ‘stormachtige lucht’
© RMN-Grand Palais / René-Gabriel Ojéda
Houses of arliament, Londen. Links: 1900/1, ‘zonsondergang’. Rechts: 1904, ‘stormachtige lucht’.
© RMN-Grand Palais / René-Gabriel Ojéda

Het hoogtepunt van deze Monet-tentoonstelling is, zoals van veel Monet-tentoonstellingen, de serie doeken van de kathedraal van Rouen. Monet maakte er meer dan dertig, in de National Gallery zijn er zeven te zien. Het zijn geen doeken die je veel over de kathedraal vertellen, toeristisch voldoen ze noch als voorpret noch als geheugensteun. Toch staan er geen zeilen voor. Monet schilderde de kerk en alleen de kerk, hij staat er zo dicht op dat het ding er niet eens helemaal op past. Full frontal nudity in close-up.

Een zekere verzoening

Toch zag ik niet wat Monet zag toen ik de kathedraal voor het eerst in het echt zag. Wat opviel was juist de ragfijne scherpte van de steen in al zijn versieringen, als het spreekwoordelijke kant. Dat aspect van de kathedraal komt op de schilderijen van Monet in het geheel niet voor, alleen de dikte van de verfkorst geeft het soms een beetje aan.

Er zijn geen zeilen maar ze zijn er toch wel. Het is het licht dat Monet wil vastleggen, en waarop hij in deze serie zo schitterend reageert. „Andere schilders schilderen een brug, een huis, een boot”, zei hij in 1895 in een interview. „Ik wil de lucht rondom die brug, dat huis en die boot schilderen – de schoonheid van het licht waarin ze bestaan.”

Onlangs is een ongesigneerd schilderij toegeschreven aan Rembrandt. Kunsthistoricus Jan Six kwam er achter door als een Sherlock Holmes de kleding van de geportretteerde te bestuderen.

Monet worstelde met de kathedraal en het licht dat die grote kerk zowel onthult als verhult. Hij droomde wel eens dat het bakbeest op hem viel. In de catalogus wordt de verleiding weerstaan om het licht hier te interpreteren als goddelijk licht, dat juist op een kathedraal zo mooi zou schijnen. Monet zag de kathedraal niet als het huis van god maar vergeleek het met een rotswand, een klif. Het feit dat de kathedraal door mensen is gemaakt en er al in de dertiende eeuw aan begonnen werd, geeft wel een gegrond gevoel van continuïteit. Je kunt er nog steeds naar toe, je kunt nog steeds de verschillen en overeenkomsten gaan zoeken tussen wat Monet zag en wat je zelf ziet.

Er vindt dan zelfs een zekere verzoening plaats die de kunstenaar misschien niet heeft gezocht maar wel heeft bereikt. Schilderijen, hoe realistisch, naturalistisch of impressionistisch ook, zijn altijd illusies van meer dan ze afbeelden. Monet schilderde als een razende om een bepaald moment vast te leggen op een zeer bepaalde tijd en een zeer bepaalde plaats. En juist door dat te doen schilderde hij eigenlijk alles, al het licht en alle steen, van kliffen en kathedralen, samengebracht in die ene serie. Alleen daar en alleen toen. Altijd overal en altijd nu. Soleil levant is soleil couchant.

Monet & Architecture. National Gallery, Londen. T/m 29 juli. Info: nationalgallery.org.uk
    • Bianca Stigter