Geen harde aanpak EU tegen ‘oneerlijke concurrentie’

Onder de huidige regels is het mogelijk om een klacht in te dienen vanwege oneerlijke concurrentie. Maar het is lastig gebleken voor maatschappijen om te bewijzen dat misgelopen inkomsten het gevolg zijn van oneerlijke concurrentie.

Foto Christophe Ena/AP

De Europese Unie gaat vooralsnog geen actief beleid voeren tegen ‘oneerlijke concurrentie’ van niet-Europese luchtvaartmaatschappijen. Pas als bedrijven duidelijk kunnen aantonen dat ze financiële schade hebben geleden, kan de Europese Commissie ingrijpen. Dat blijkt uit een wetsvoorstel dat donderdag werd aangenomen door de Europese ministers van Transport.

Onder de huidige regels, uit 2004, is het al mogelijk om een klacht in te dienen vanwege oneerlijke concurrentie. Tot op heden heeft dat nog tot geen enkel onderzoek geleid. Dat komt omdat het lastig is voor maatschappijen te bewijzen dat misgelopen inkomsten het gevolg zijn van oneerlijke concurrentie.

Een groep Noord-Europese luchtvaartmaatschappijen, waaronder Air France-KLM en Lufthansa, wil daarom dat de drempel voor zo’n onderzoek omlaag gaat. Ze willen dat Brussel al in een vroeg stadium een onderzoek kan openen, zodat de schade voor maatschappijen zoveel mogelijk beperkt blijft.

De luchtvaartmaatschappijen waar de groep last van heeft, komen voornamelijk uit de Golfregio. Daar vliegen verschillende maatschappijen die staatssteun ontvangen. Volgens critici houden ze hun ticketprijs kunstmatig laag. Mogelijk maken bedrijven als Emirates, Etihad Airways en Qatar Airways zich daaraan schuldig.

Een grote groep lidstaten wilde geen harde aanpak. Zij vrezen dat strenge Europese regels zullen leiden tot „protectionisme”. Onder leiding van Bulgarije, de huidige EU-voorzitter, is daarom gekozen voor een afgezwakt voorstel. Hierin is het bijvoorbeeld niet langer mogelijk de landingsrechten van een maatschappij in te trekken. Voordat het voorstel definitief wordt goedgekeurd, moet het plan eerst nog langs het Europees Parlement. /p>

Lees ook: Staatssteun? Bewijs dat maar eens
    • Simone Peek