Foto Katrijn van Giel

‘Geen Belg heeft ooit gedaan wat van deze spelers verwacht wordt’

Roberto Martinez Hij staat voor de taak te oogsten met de beste groep Rode Duivels ooit. NRC volgde bondscoach Roberto Martinez in de aanloop naar het WK 2018. „Soms voelt ‘gouden generatie’ bijna als aanklacht.”

Er wordt gezegd dat Roberto Martinez (44) de laatste weken kribbiger is geworden, maar de glimlach op zijn gezicht afgelopen woensdagavond laat kan onmogelijk groter. Vermoedelijk heeft de 3-0 oefenoverwinning op Egypte daar van alles mee te maken, wellicht ook omdat het voor het eerst in twee weken niet over randzaken gaat.

„Heb je dat meegekregen van die matrassen?”, vraagt Martinez als we even later in de catacomben van het Koning Boudewijnstadion staan. Hij begint er zelf over. Het relletje rond de matrassen die naar Rusland worden verscheept leek even een pijnlijke affaire te worden. Op een filmpje waren naamkaartjes te zien van 23 spelers, daags vóór de definitieve WK-selectie van België bekendgemaakt werd. Het Laatste Nieuws maakte ervan dat de selectie al uitgelekt was. Martinez: „Hoeveel [afvallers] hadden ze er goed? Twee?”

Het bleek een opgeblazen non-issue, passend bij de WK-koorts en de opgefokte sfeer in het land nadat Martinez eerder publiekslieveling Radja Nainggolan besloot thuis te laten. Het is de intensiteit nu het WK voor de deur staat. Mooi? „Ja, dit is wel wat het is hè”, zegt de bondscoach van de Rode Duivels. Hij geeft een hand. „Ik ben benieuwd naar het interview.” En weg is Martinez, hoop van een aan hem twijfelende natie.

Maandag 18 juni moet de ploeg er staan als het WK voor de Belgen begint tegen Panama. Zijn taak is geen geringe: oogsten met een toplichting Belgische topspelers. NRC sprak in februari en april dit jaar uitgebreid met de Spanjaard die de gebutste Belgische ploeg overnam na het EK 2016, na de uitschakeling in de kwartfinale tegen Wales. Hij ontvangt in een kantoor op het trainingscentrum in Tubeke, net onder Brussel. Perschef Stefan Van Loock schuift beide keren aan. „Nederlanders zijn altijd welkom hier”, zegt Van Loock zonder een spoor van leedvermaak. Op de achtergrond de blakende velden van het trainingscomplex van de KBVB. Zelf woont Martinez in Waterloo, op een half uurtje rijden.

De halve wereld over

Hij dompelt zich onder in het Belgisch voetbal, maar het leven als bondscoach voert hem in deze fase, het is dinsdag 17 april, de halve wereld over. Die avond nog bezoekt hij Gent-Genk in de Belgische play-offs. Hij dreunt uit zijn hoofd het schema op dat hij heeft uitgestippeld om zoveel mogelijk internationals aan het werk te zien. Standard - Anderlecht, Charleroi – Club Brugge, Mönchengladbach – Wolfsburg op vrijdag, dat weekend halve finales FA Cup Tottenham – United en Chelsea - Southampton op Wembley. „In Londen wil ik ook nog naar een training van Crystal Palace. En ik hoop nog even Michy Batshuayi te zien die bij Chelsea herstelt van een blessure.” Daarna Everton – Newcastle, Liverpool – AS Roma en woensdag terug naar België. Donderdag vergaderingen op het bondskantoor en door naar China, ook daar zitten Belgen. Eerst Tianjin tegen Hebei, zondag Shanghai tegen Dalian.

Roberto Martinez met Thierry Henry (links). Foto Geert Vanden Wijngaert/AP

Zo gaat dat. Vrienden en bekenden die voor dit interview gebeld werden kunnen eigenlijk geen andere interesses noemen naast voetbal. Martinez kijkt veel en vaak. Om niet ook nog thuis in afzondering te leven heeft hij twee schermen in de huiskamer hangen. Zijn vrouw Beth volgt haar programma’s op het ene scherm, hij kijkt voetbal met een koptelefoon op. In de hoek van de L-vormige bank kruipen ze tegen elkaar aan. „Anders zie je elkaar nog geen half uur per dag”, zegt hij. Interessante vondst. „Eén tip: zorg dan wel dat zij het grootste scherm krijgt.”

Martinez geniet in Engeland, waar hij zeven jaar in de Premier League coachte, de reputatie van een aimabele coach die positief management en verzorgd voetbal voorstaat. Met Wigan Athletic won hij 2013 sensationeel de beker, maar hij degradeerde ook voor hij naar subtopper Everton overstapte. Sympathiek en stijlvol – hij introduceerde de bruine riem boven bruine schoenen aan de Engelse zijlijn. Ook trendsettend, zegt hij zelf, was hij met zijn 3-4-3 formatie bij Wigan. „Dat is lastig, om iets als eerste te doen. Mensen pikten de tactiek erachter niet zo op, maar zo versloegen we Manchester City in de FA Cup-finale.” Ook België speelt, ruwweg, in die formatie. „Het ideale systeem om een tegenstander uit te rekken.”

De eenvoud van Cruijff

Roberto Martinez werd in 1973 geboren in Balaguer, Catalonië. Als speler werd hij opgeleid op de voetbalacademie van Real Zaragoza, waar hij in de jeugd tegen Jordi Cruijffs Barcelona speelde. Ze raakten bevriend toen beiden als speler in de omgeving van Manchester woonden, Jordi was getuige op zijn bruiloft. Johan Cruijff noemde hem in zijn biografie „de broer die Danny en ik niet aan Jordi konden geven”. Martinez de voetballer reikte niet verder dan de Engelse eerste divisie, waar hij als technische middenvelder gerespecteerd werd om zijn voetbalintellect. Bij Swansea ving zijn trainerscarrière aan, waar hij de basis legde voor de stijl die later de term ‘Swansalona’ zou inspireren.

„Iedereen in voetbal is uiteindelijk door Johan Cruijff beïnvloed. Zij die hem volgden, zoals ik, en zij die tegen zijn manier van spelen tegenmaatregelen moesten treffen. Ook defensieve coaches moesten zich door Johan doorontwikkelen”, zegt Martinez. „Als speler een genie. Als coach een genie. Je ziet vaak dat een topspeler niet begrijpt waarom anderen de dingen niet kunnen uitvoeren zoals hij. Dat is omdat ie de eenvoud niet ziet, of niet onder woorden kan brengen. Anders had je het wel kunnen overbrengen op anderen. Johan kon dat. Eigenlijk het omgekeerde van wat je verwacht als je met iemand als Johan spreekt. Hij bracht voetbal terug tot simpele termen. Dat je denkt: waarom kon ik die eenvoud niet zien?”

Martinez zoomt ongevraagd uit, filosofeert over voetbal en heeft aan een halve vraag vaak genoeg voor een hele verhandeling. Kritische vragen smoren in een warm bad van volzinnen; Mark Rutte in de gedaante van een gedrongen voetbaltrainer. Zijn optimisme is onwankelbaar. Veel is ‘phenomenal’, terwijl het dat niet altijd is. Martinez: „That’s football. Als ik won, was het omdat ik zo positief ben. Als ik verloor, was het omdat ik te positief ben.”

Hij ontziet zijn voorganger Marc Wilmots in zijn analyse van waar het misging op het EK 2016, tegen Wales. „Blessures in de defensie speelden een rol, maar in breder perspectief zie je op grote toernooien vaak confrontaties tussen teams met niets te verliezen en met heel veel te verliezen.” België kwam met 1-0 voor, doelpunt Nainggolan. „Toen werden die rollen ineens heel duidelijk. Wales had een geweldig toernooi met een manier van spelen waar spelers van genoten. Zonder verwachtingen. Dat was bij de Rode Duivels compleet tegenovergesteld. Dan kom je 1-0 voor, met een once in a lifetime opportunity om de halve finale te halen en ineens is die rol heel moeilijk te dragen.”

Voetbal – even uitzoomen – is volgens Martinez een sport waarbij teams hun ‘beter zijn’ nu eenmaal minder makkelijk vertalen in een winstgarantie. Lage score, grote invloed van de scheidsrechter. „Het moeilijke aan teamsport met je voeten is dat extra aspect van reageren op fouten, van anticiperen op wat de bal in de vrije ruimte doet. Dat is anders dan een balsport die je met je handen beoefent, met meer controle en structuur. Daarom wint in basketbal normaal gesproken de beste ploeg altijd. In voetbal niet noodzakelijkerwijs.”

Foto Geert Vanden Wijngaert/AP

Elf jongens op straat

Hoe gaat hij om met de torenhoge verwachtingen rond de nationale ploeg, die derde staat op de FIFA-ranking? „Het mooie concept van voetbal is dat je elf hersenen hebt die samenwerken. En daarnaast heb je alles dat in de weg kan zitten van het simpelweg genieten van je rol in de ploeg en van je spel. We moeten alles eromheen afpellen”, zegt Martinez. „Als we elf jongens kunnen zien, genietend van voetbal zoals ooit op straat, maar dan in een WK-stadion, dan weet je dat ze gaan brengen wat ze kunnen brengen. Al die verwachtingen moeten we in een verantwoordelijkheid gieten die prettig is om te dragen, in plaats van een druk die er toe leidt dat als het tegen zit we de oplossingen niet meer kunnen vinden. Het talent is er, overduidelijk. Maar geen Belg heeft ooit gedaan wat men nu van deze spelers vraagt.”

Topspelers, topgeneratie – het zegt allemaal weinig. „Het WK heeft geen respect voor generaties, voor schitterende individuen”, zegt Martinez. „Het WK respecteert alleen winnende teams. En winnende teams worden winnende teams door toewijding, arbeid voor het team, omgaan met tegenslagen. En zes weken als individu helemaal opgaan in een team.”

Hij heeft met de Fransman Thierry Henry, Premier League-grootheid en WK- en EK-winnaar, bewust een grote ex-speler in de staf opgenomen. „Hoe meer je iemand erbij kan betrekken die als het ware al naar de maan is geweest, hoe beter. Thierry heeft het WK in vergelijkbare omstandigheden gewonnen, als lid van een zeer getalenteerde generatie waarvan in Frankrijk iets verwacht werd na een lange tijd waarin weinig was bereikt.”

Want hoe vleiend ook, „soms voelt de term gouden generatie een beetje als een aanklacht”, zegt Martinez. „Oké, zeggen mensen, jullie hebben de sleutel tot het winnen van het WK. Maar zo makkelijk werkt het niet. Voor andere landen is die deur namelijk al geopend door een eerdere generatie. In Duitsland trekken spelers het shirt van die Mannschaft aan en ze weten: ik moet winnen. Brazilië ook, Spanje nu na het WK van 2010 en de twee EK’s eromheen. België heeft niet die richtinggevende generatie. Dat is een enorme psychologische barrière die je moet overwinnen.”

Foto Katrijn van Giel

Overgave

De kwetsbaarheid van België is in zijn analyse niet anders dan van al die nationale ploegen waarbij spelers elkaar maar op enkele momenten per jaar treffen. „Gebrek aan synchronisatie, onbegrip. Niet aanvoelen wanneer je bepaalde ruimtes trekt of dichtloopt, welke beslissingen je neemt. Daar moeten we in de weken richting het WK keihard aan werken. Maar die tijd hebben we.” Daarin eist hij totale overgave. „Hoeveel wil je leren, hoeveel ben je bereid om voor elkaar te doen om een homogeen team te worden?”

De veilige omgeving die hij creëert voor zijn spelers is een handelsmerk geworden. Wie in zijn plaatje past, is onaantastbaar. Als De Bruyne een voor zijn doen matige pot speelt tegen Egypte, begint Martinez over diens leiderschap en „lichaamstaal die opzwepend” is. Hij duldde de opvallend openlijke kritiek van de sterspeler over de tactiek, afgelopen najaar. „Hij sprak uit zijn hart, daar heb ik geen problemen mee.” Hij wil in dit gesprek niet ingaan op de inhoud van die kritiek. „Dat houden we intern.” Bij verder doorvragen, zegt hij: „Dit hoort bij groepsdynamiek. We moved on.”

Op zoek naar Martinez’ kwetsbaarheid leg ik hem een citaat voor van voetballer Steven Pienaar, uit het Everton-boek Faith of our Families. Bij Everton bracht Martinez qua punten in zijn eerste jaar het beste seizoen voor de club sinds de invoering van de Premier League, voordat hij in twee seizoenen daarna de publieke steun verloor. En de kleedkamer. Pienaar getuigt over zijn laatste jaar onder coach Martinez, die de ploeg continu complimenteert terwijl er weinig van klopt op het veld. ‘Fucking hell, that was shit from us’, dacht Pienaar. ‘Zeg dat gewoon, we zijn volwassenen.’ Daar ging het mis. „Hij was te aardig voor ons.”

Martinez schudt na het lezen zijn hoofd. „Ik herken dit niet, hij zal zoiets misschien eens ervaren hebben. Ik denk niet dat dat een juiste weergave is van hoe je gedurende een seizoen werkt, als een team.” Wel zegt hij dat hij „geen coach is die de schuld bij anderen” neerlegt. „Wat is het nut van het hameren op een fout die iemand maakt? Het is omgekeerd: wat kun je doen om iemand die fout niet nog eens te laten maken. Daar bouw je op door.”

Volkssentiment

Na het thuislaten van Radja Nainggolan torst Martinez het volledige volkssentiment op zijn schouders mee, mocht de missie in Rusland straks in een vroeg stadium stranden. „Als je verliest, dan maakt het niet uit wat je deed, want dat wat je deed is de reden dat je verloren hebt. Dat alle vingers naar mij wijzen bij een nederlaag, daar heb ik geen enkel probleem mee. Net als dat ik mijn hele carrière altijd de spelers alle lof gun als we winnen.”

De beslissing om de middenvelder van AS Roma te passeren was ten tijde van deze gesprekken nog niet genomen, al was helder dat het de meest prangende kwestie was in de aanloop naar het WK. Het applaus toen de middenvelder met de mohawk inviel in de oefenwedstrijd tegen Saoedi-Arabië was zo luid in maart „dat de bovenste bol van het Atomium er bijna vanaf trilde”, zegt VRT-presentator Karl Vannieuwkerke.

Lees ook onze reportage vanuit Brussel: De Belgen eisen succes op het WK, maar de sfeer raakt verhit.

Het zou Nainggolans laatste interland zijn. Hij zit er niet bij. De heftige reacties op de keuze van Martinez, wiens contract de week daarvoor was verlengd met twee jaar, bewoog de Belgische bond twee weken geleden zelfs tot een persbericht waarin opgeroepen werd tot eenheid. Martinez, twee maanden terug: „Ik snap dat Radja heel populair is, maar ik zou niets waard zijn als coach als ik me daardoor zou laten leiden.”

Dat Nainggolan een rafelrandje heeft en eens te laat kwam op een tactische bespreking? „Dat wordt uit zijn verband getrokken”, zegt de bondscoach. „Uiteindelijk telt het zwaarst wat je op het veld doet. Het is makkelijk om wat je daarbuiten doet te veranderen als je bij de ploeg zit. Veel moeilijker is te veranderen wie je bent op het veld als schakel in die ploeg.”

En wat als twintig spelers hem erbij willen in het strijdperk van het WK? Martinez: „Dan zouden ze geen coach meer nodig hebben. Dan kunnen ze er met elkaar uitkomen. Natuurlijk luister ik, maar het voordeel dat ik heb is dat ik neutraal ben en over een enorme hoeveelheid informatie beschik. Zo kan ik het finale oordeel vellen op basis van wat het team nodig heeft.”

Afgelopen woensdagavond in het Koning Boudewijnstadion is de woede gaan liggen. De rauwheid is eraf, Nainggolan is er niet bij, het zij zo. De overwinning op Egypte voltrekt zich in duidelijk cijfers, 3-0, maar de Duivels tonen zich ook een bij tijd en wijle rommelig ensemble. Martinez zag bovenal een „togetherness” die hij nog niet had gezien. „Ik waardeer de fans altijd”, zegt hij op de persconferentie, gevraagd naar de attitude van de supporters. „Alles wat we doen is voor hen. Als ploeg zijn we zo sterk als ons vermogen om samen om te gaan met tegenslagen. Met deze steun zoals vandaag zullen we ons onverslaanbaar voelen.”

    • Bart Hinke