Opinie

    • Joyce Roodnat

Parelvissen op het Holland Festival

Column Joyce Roodnat

Parels op het Holland Festival pik je er gaandeweg uit. Dat is Joyce Roodnat te romantisch: zij heeft haar toegangskaarten al gekocht en uitgeprint.

Vier maal Pessoa in ‘Faust - Eine subjektive Tragödie’. In 1995 geprogrammeerd door het Holland Festival. Foto Schauspielhaus in Hamburg

Schrijf een column over het Holland Festival, zeggen ze. Je stukje staat in een bijlage met álles over het Holland Festival, vandaar. Maar wat dan? vraag ik. Dat mag ik helemaal zelf weten. Okay, maar wat zal ik doen met het festival dat ternauwernood begonnen is? Dat sinds 1947 bestaat en dat Holland-Festival-chroniqueur Jessica Voeten definieerde als „Een Nederlands wonder”? Vertellen dat ik mijn toegangskaarten al gekocht en uitgeprint heb? Dat heet saai, het idee is dat je je gaandeweg laat verrassen en de parels eruit pikt. Dat is mij te romantisch. Ik ben een controlfreak en dus een vroege besteller. Want oppe kaarten, daar houd ik niet van.

Ik blader door mijn bestellingen en zie dat ik twee keer ga naar iets van en met Steve McQueen – de beeldend kunstenaar die besloot dat hij ook een filmer was en die prompt een Oscar kreeg voor zijn meesterlijke 12 Years a Slave. Ik stel me veel voor van zijn Holland Festival-video-installatie End Credits, over de zwarte acteur, zanger en activist Paul Robeson. Wie zijn naam nu nog kent, begint acuut ‘Ol’ Man River’ te neuriën, veel meer komt er niet sinds Robeson eind jaren 50 bruut het vergeetboek in werd gewerkt door de perverse senator McCarthy en zijn communistenjagers.

Met film heeft het Holland Festival trouwens een moeizame verhouding. Ze programmeren het vooral als er een link is met een van de andere kunsten, zelden om zichzelf. Zo ga ik natuurlijk naar de vertoning van Der müde Tod, een legendarische film uit 1921. Maar deze klassieker van Fritz Lang is hier niet te zien omdat hij onlangs gerestaureerd is, waarbij de oorspronkelijke, sensationele, kleuren hersteld zijn. Het gaat het festival om George Benjamin, ‘focuscomponist’ van dit jaar, die deze film à l’improviste op de piano zal begeleiden. Vast enerverend, maar ik ga voor die film.

Voor de muziek zoek ik het bij het Metropole Orkest, met de solisten van de eerste Syrische bigband en trompettist Eric Vloeimans. Het begint vroeg, zodat de Syriërs bij zonsondergang klaar zijn en ogenblikkelijk kunnen gaan eten, qua ramadan. Het stuk Tiefer Schweb van Christoph Marthaler zou ik zeker zijn gaan zien, als ik het niet al gezien had. Ik houd van die Zwitserse theater-Catweazle, heeft hij een nieuwe voorstelling dan reis ik er subiet naartoe. En eerlijk is eerlijk, die liefde dank ik aan het Holland Festival. Daar zag ik 23 jaar geleden voor het eerst een van zijn stukken. Het heette Faust – Eine subjektive Tragödie, maar het ging over de dichter Fernando Pessoa. Met vier identieke Pessoas, in regenjas en gleufhoed aan vier Lissabonse cafétafeltjes. Zo begon het. De caféklok liep achteruit en ik was verkocht.

    • Joyce Roodnat