Opgevoed: Hoe voed ik mijn ouders op?

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen. Deze week: lastige ouders.

Illustratie Martien ter Veen

Zoon: „Hoe voed ik als volwassen kind mijn ouders op? De directe aanleiding is mijn vader. Hij heeft longemfyseem, maar rookt toch stug door. Eerst probeerde ik hem met wat grapjes te corrigeren, later door serieus op hem in te spreken, tot nu toe tevergeefs.

„Dit soort dilemma’s zullen volwassen kinderen vaker hebben. Ouders die onbeleefd tegen vreemden doen, slechte gewoontes hebben, erg ouderwetse of racistische opvattingen hebben. Hoe kan je dat als volwassen kind corrigeren?”

Naam is bij de redactie bekend. Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl.

Een indirecte aanpak kan werken

Wim Meeus: „Volwassen kinderen kunnen vaak het gedrag van hun ouders wel corrigeren. Onderzoek laat zien dat ouders in de eerste helft van de adolescentie – tot ongeveer 16 jaar – hun opvattingen en gedrag op kinderen overdragen. Daarna, als de band tussen ouder en kind gelijkwaardig wordt, wordt die beïnvloeding tweerichtingsverkeer. Er zijn zelfs studies die suggereren dat kinderen vanaf 25 jaar hun ouders meer beïnvloeden dan andersom. Dan gaat het bijvoorbeeld om nieuwe maatschappelijke kwesties zoals hoe we omgaan met privacy op internet. Ouders blijven bij de tijd door de beïnvloeding van hun kinderen.

„Dat betekent niet dat het gemakkelijk is om ouders aan te spreken. Kinderen voelen in de adolescentie hoe essentieel het is dat ze privacy en autonomie krijgen van hun ouders. Dat recht op eigen beslissingen en denkbeelden respecteren ze dan vervolgens ook van hun ouders, ook al zijn ze ouderwets.

„Een indirecte aanpak kan goed werken. Misschien kan deze zoon samen met vader naar het NOS-filmpje kijken waar artsen op rokers afstappen met de mededeling: ‘Als je kanker krijgt kun je me bellen.’ Zo maakt hij een punt, maar geeft zijn vader wel de benodigde ruimte.

„En zelf het goede voorbeeld geven natuurlijk, net als ouders bij hun kinderen doen.”

Opvoeden kan niet

Liesbeth Groenhuijsen: „Je ouders opvoeden kan niet. Opvoeden is dat wat volwassenen ter beschikking stellen aan kinderen die anders zouden verkommeren. Kinderen zijn overtuigd dat hun ouders het goede voor ze willen, en staan daarom open voor die opvoeding. Tot een bepaalde leeftijd willen ze zijn en doen zoals pappa en mamma.

„Pedagogisch gezag wordt verworven en opgebouwd door het goede te doen en zorgzaam en betrouwbaar te zijn. Geen van deze elementen zijn omgekeerd, in de relatie van kind tot ouder aan de orde.

„Wat de zoon hier bedoelt is ‘corrigeren’, en dat is maar een heel klein stukje van opvoeden. En over die boeg zou ik het niet gooien. Dit gaat niet over ‘corrigeren’, dit gaat over liefde en zorg: de zoon is bezorgd dat zijn vader een vreselijk ziekbed krijgt en doodgaat. In plaats van vader vermanend toespreken, zou ik zijn echte intentie laten zien: ‘Pap, ik ben bang dat je nog zieker wordt, en ik wil je nog niet kwijt.’ Gekoppeld aan een aanbod: ‘Hoe kan ik je steunen? Kan ik iets voor je doen?’

„Als je ouders wilt aanspreken op iets, onderstreep dan het gezamenlijk belang. Ouderen willen nog wel eens voordringen, of mopperen. Dan kun je zeggen: ‘Mam, als je je zo gedraagt, schaam ik me een beetje, maar ik maak me óók zorgen dat mensen je straks gaan mijden omdat ze moeite hebben met je gedrag. En dan zit je in je uppie.”

    • Annemiek Leclaire