Opinie

    • Menno Tamminga

Krijgen we na Brexit straks de Quitaly?

Het is er de tijd van het jaar voor. De een heeft hooikoorts, de ander kampt met een uitbraak van politieke risico’s. De populistische regering van Italië begint waar voorgangers (Berlusconi) waren gebleven. Je kon hun economische programma op hoofdlijnen wel uittekenen. Leuke dingen voor volkse mensen. Geniet nu, betaal later. De rekening is voor een groeiend begrotingstekort.

Maar geldbeheerders en speculanten zagen die politieke risico’s pas toen president Sergio Mattarella hen daar vorige week op had gewezen met een veto op de beoogde minister Paolo Savona (Economische Zaken), een euroscepticus. Toen sloeg de vlam in de pan op de financiële markten. Dump Italiaanse staatsobligaties. Als obligatiekoersen dalen, stijgt de rente. Dat kost Italië geld, want de schuldenlast is 130 procent van het binnenlands product (Nederland: minder dan 60 procent).

Resultaat van de marktrel: kwaaie koppen in Rome, spanning in Brussel. In Rome kocht het ministerie van Financiën zelf ook maar wat obligaties om een rentestijging te temperen. Niet slim. Dat kan de opmaat zijn naar een kapitale krachtmeting. Wie is sterker en beheerst de Italiaanse rente: buitenlandse speculanten of de Italiaanse staat?

In Brussel zei de Duitse eurocommissaris Günther Oettinger te hopen dat de ontwikkelingen op de financiële markten de Italianen tot inkeer zouden brengen om niet op linkse of rechtse populisten te stemmen. Ook niet slim. Geen mooiere tegenstander voor een populist dan een buitenlandse eurocraat die het grootkapitaal als bondgenoot opvoert.

Lees ook: deze analyse van Wolfgang Münchau: Tip voor Cente: hervorm de euro van binnenuit

Moet je die dagkoersen van vorige week serieus nemen? Toen de populistische coalitie in licht gewijzigde samenstelling toch als nieuwe regering aantrad, was ‘de markt’ al weer van mening veranderd. Koersen van de obligaties stegen, de rente daalde.

Financiële markten worden wel als baken gezien. Zij weten waar het naartoe gaat. Ze dicteren beleid en toekomst. Maar resultaten uit het verleden …

Hun naam en faam ontlenen ze aan de theorie. Alle beschikbare informatie wordt door een schare van financieel belanghebbenden in een fractie van een seconde verwerkt in de koersen. Een voorbeeld van de wisdom of crowds. Kan zijn, maar bij de Italiaanse staatsobligaties leek het deze keer nergens op. Weinig handel, grove uitslagen, interventie door de overheid zelf. Weinig wisdom, eerder madness of crowds.

Wat was (of wordt) de angst? Dat Italië uit de euro stapt? Na de Brexit een Quitaly? Dat zou dom zijn. De Brexit heeft de Engelsen alleen onderhandelingen, politieke patstellingen en papierwerk opgeleverd. Dat is niet wat populistische partijen populair maakt. Dat maakt regerende partijen juist zo impopulair dat kiezers andere oplossingen kiezen.

Italië heeft de euro nodig om geld te kunnen blijven lenen. Desnoods tegen stijgende rente. Een begrotingstekort dat boven de norm uitstijgt van 3 procent van de nationale economie hoeft geen beletsel te zijn. Andere grote landen (Frankrijk, Duitsland) konden dat ook straffeloos volhouden. Daarvoor gebruik je slimme, in Brussel acceptabele argumenten. Zoals: hier is ons hervormingsprogramma voor de arbeidsmarkt en de pensioenen. Maar met zoveel zuur moeten we de burgers ook wel iets zoets geven, dus Brussel, laat ons extra geld uitgeven. De nieuwe Italiaanse premier Giuseppe Conte hamerde deze week al op zijn sterke onderhandelingspositie.

Italië heeft meer aan de euro dan de euro aan deze regering. Wie dat in Berlijn, Den Haag of Frankfurt (ECB) over een tijdje niet meer kan aanzien heeft twee opties. Politieke powerplay om een regeringswisseling (regime change) in Italië te forceren. Of een euro alternatief verzinnen.

Menno Tamminga schrijft over ondernemingen en economie.
    • Menno Tamminga