André Hazes-aansteker en een metalen libelle

Spullen

Een korte serie van over rommelbakjes. Deel 2: de trofee van Irene Stengs.
Foto Warna Oosterbaan

Irene Stengs (59) rookt niet, maar ze is heel blij met haar André Hazes-aansteker. Een trofee, vindt ze. „Die heb ik gekocht in het DeLaMar Theater na afloop van de musical Hij gelooft in Mij.”  Ze is bijzonder hoogleraar Antropologie van ritueel en populaire cultuur aan de VU en als onderzoeker verbonden aan het Meertens Instituut. André Hazes en alles wat hem omringde was en is een van haar onderzoeksobjecten. „En hij was natuurlijk zelf wel een stevige roker.”

Ze doet ook onderzoek in Thailand en daarvan zijn ook sporen in haar bakje te vinden: vijf kleurige elastiekjes. „Je kunt daar hele mooie elastiekjes kopen, ze zijn breed en de binnenkant heeft een andere kleur dan de buitenkant. Er is daar een soort schattigheidscultuur, en meisjes doen die om hun vlechtjes. Ik neem altijd een zakje mee.” En die doorzichtige dopjes tussen de I Read Banned Books-button en die aansteker? „Die zijn voor de bijzondere vulpotloden die ze in Thailand verkopen. Heel handig systeem, ik koop er altijd een paar.”

Een reuzenpincet, een bonuskaart van Albert Heijn, een gifgroene clip om plastic zakjes mee te sluiten, een plastic munt voor een supermarktkarretje, paracetamol, paperclips.

En die twee kroonkurken uit München? ,,Gewoon in Nederland gekocht. Ik heb een vriendin, die slaat ze plat en maakt er oorbellen van. Ik heb ze voor haar bewaard.” En die krugerrand? „Overgehouden van een congres in Zuid-Afrika. Er lagen al een paar munten in het bakje, en dan leg je die erbij. Geld trekt geld aan.” Er ligt ook een Deense kroon in haar bakje. Volgende week ziet ze een collega uit Zuid-Afrika en als ze eraan denkt neemt ze die krugerrand mee.

Waarom ligt die armband met Wilhelminakwartjes in het bakje? „Die heb ik ooit van mijn vriend gekregen. Maar hij is te wijd … en eigenlijk niet zo mijn stijl.” heeft ze geen kistje met bijouterieën waar zo’n armband in hoort? „Ja, maar daar bewaar ik alleen broches in. En alleen broches in de vorm van een insect.” Op de bodem van het bakje ontdekt Irene nog een metalen libelle. „Maar dat is weer geen broche. Dus die gooi ik misschien wel weg.”

    • Warna Oosterbaan