Kabinetsstandpunt

Geen vuurwerkverbod, gebrek draagvlak

Er komt geen algeheel verbod op knalvuurwerk en vuurpijlen. Het kabinet vindt dat er onvoldoende draagvlak voor is onder de bevolking, aldus persbureau ANP op basis van een Kamerbrief van minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) en staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66). De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) adviseerde eind 2017 een verbod. De OVV noemde de jaarwisseling „het onveiligste feest van het jaar” vanwege de 11.000 incidenten – van letselschade tot openlijke geweldpleging – die er jaarlijks plaatsvinden. Naast gemiddeld één dode zijn er ook zo’n vijfhonderd gewonden. Daarom adviseerde de raad de onveiligste soorten vuurwerk te verbieden, zoals vuurpijlen. Ook knalvuurwerk als rotjes zou volgens de OVV verboden moeten worden omdat dit soort vuurwerk uitnodigt tot roekeloos gedrag. Ook is voor de politie lastig vast te stellen of het gaat om illegaal knalvuurwerk. Een algeheel verbod zou de gewenste duidelijkheid bieden. Het kabinet wil eerst andere maatregelen uitproberen, zoals verplicht meegeven van vuurwerkbrillen en aansteeklonten bij aankoop van vuurwerk. Volgens Grapperhaus en Van Veldhoven ligt een verbod „pas in de rede als andere maatregelen niet werken”. In de coalitie verschillen de meningen over een algeheel verbod. De ChristenUnie is voor, VVD en CDA zijn tegen. Eerder lieten de gemeenten aan minister Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) weten alleen iets te zien in een vuurwerkverbod als dat landelijk wordt geregeld. Anders bestaat het risico dat het probleem van de ene naar de andere gemeente wordt geschoven.

    • Jorg Leijten