Kloof arm en rijk blijft gelijk in Europa

Gezondheid Hoogopgeleiden leven jaren langer dan laagopgeleiden. De kredietcrisis heeft die kloof vergroot in de VS, maar niet in Europa.

Een groep arme Amerikanen wacht op tandartszorg in de staat Virginia. Foto Joshua Roberts/Reuters
Door onze redacteur

Na de financiële crisis die de wereld in 2008 trof zijn lageropgeleiden in de Verenigde Staten nog ongezonder geworden vergeleken met de hoogopgeleiden. Maar in Europa is de kloof tussen hoog- en laagopgeleiden niet gegroeid. De Europese cijfers zijn maandag gepubliceerd in de PNAS, met volksgezondheidsonderzoekers van het Rotterdamse Erasmus MC als eerste en laatste auteur.

De gezondheidsverschillen komen duidelijk tot uiting in de levensverwachting. In Nederland worden hoogopgeleiden gemiddeld een jaar of zes ouder dan laagopgeleiden. In andere Europese landen is die gezondheidskloof vaak breder: „tot wel 10 jaar”, zegt eerste auteur en hoogleraar maatschappelijke gezondheidszorg Johan Mackenbach. In Nederland blijft dat verschil al een jaar of 20 vrijwel constant. De levensverwachting neemt voor iedereen toe, maar de kloof blijft.

In de Verenigde Staten gaat het anders. Ruim twee jaar geleden lieten Amerikaanse collega’s van Mackenbach zien, ook in de PNAS, dat in de periode van 1999 tot 2013 het verschil in levensverwachting toenam tussen hoog- en laagopgeleiden. Voor laagopgeleide witte Amerikanen van middelbare leeftijd (45 tot 55 jaar) liep de levensverwachting zelfs terug.

„Dat de kloof bij ons niet groeit komt waarschijnlijk doordat in Europa de sociale zekerheid en de gezondheidszorg in grote lijn in stand is gebleven”, zegt Mackenbach over de Europese studie met gegevens uit 27 landen.

Zelfs in de vijf landen die het hardst door de crisis zijn getroffen (Spanje, Griekenland, Portugal, Cyprus en Ierland) verslechterde de gezondheid van de armere, laagopgeleide mensen niet, vergeleken met de hoogopgeleiden. Mackenbach: „In Spanje was bijvoorbeeld een enorme toename van de werkeloosheid. In veel Europese landen heeft de overheid snel en diep ingegrepen, bijvoorbeeld door mensen vaker te laten bijbetalen voor medische ingrepen en door verlaging van de pensioenen. Maar we zien geen invloed op de sterfte.”

Een financiële crisis heeft vaak tegengestelde gezondheidseffecten. Er is tegenwoordig bijvoorbeeld meestal een toename van het aantal zelfdodingen, maar een afname van verkeersongelukken.

Traditioneel, zegt Mackenbach, neemt de levensverwachting toe tijdens een crisis. Die toename stagneert bij snelle welvaartsgroei. Mackenbach: „In Nederland is de levensverwachting bijvoorbeeld nooit zo snel toegenomen als tijdens de crisis in de jaren 30 van de vorige eeuw.”

Opioïden-epidemie in de VS

Daarbij is altijd gekeken naar de hele bevolking. Tegenwoordig zijn er uitgesplitste cijfers voor hoog- en laagopgeleiden, voor leeftijdsgroepen, en, in de VS, voor witte en zwarte niet-Latijns-Amerikanen en Latijns-Amerikanen. Daar rolde niet alleen de toenemende kloof tussen laag- en hoogopgeleiden uit, maar ook de toegenomen sterftekans van 45- tot 55-jarigen. Bij volwassenen van alle leeftijden steeg de sterfte door drugs, zelfdoding en alcoholvergiftiging, vonden de Amerikaanse onderzoekers. Bij de 45- tot 55-jarigen werd dat niet helemaal gecompenseerd door een afname van de sterfte aan bijvoorbeeld longkanker.

Mackenbach: „Naast de recessie is een belangrijke oorzaak in de VS het verkeerd gebruik van pijnstillers die door het slecht functionerende zorgsysteem makkelijk verkrijgbaar zijn en daardoor op de zwarte markt terechtkomen en als drugs misbruikt worden. Het gaat om fentanyl en andere opioïden.” Die opioïden-epidemie bestaat in Europa niet.

Het onderzoek in 27 Europese landen leverde een onverwachte verrassing op. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991 daalde in veel Oost-Europese landen de levensverwachting van laagopgeleide mannen. Die heeft zich de afgelopen jaren sterk hersteld. Mackenbach: „In absolute zin was dat de opzienbarendste ontwikkeling. Het was ons tot nu toe ontgaan dat er weer gunstige trends zijn. Oost-Europa heeft misschien ook iets minder last van de financiële crisis gehad. Maar niet overal. De Baltische staten zijn bijvoorbeeld hard getroffen. In veel nieuwe lidstaten van de EU in Oost-Europa is de crisis echter verzacht door harmonisatie en grote investeringen van de EU in infrastructuur en volksgezondheid. Daardoor is bijvoorbeeld de verkeersveiligheid toegenomen. Dat zijn krachtige maatregelen geweest die grote invloed hadden op sterfte en morbiditeit.”

    • Wim Köhler