Het penispark viel een beetje tegen

en wandelen door Zuid-Korea. Afl. 2. „Het volgende moment duwde hij het diertje in mijn mond"
In het Haeshindang Park staan tientallen op de penis geïnspireerde sculpturen. Foto Anita Janssen

Het Penispark viel eigenlijk een beetje tegen. De fallus-sculpturen waar het beroemde park vol mee staat, zijn allemaal groot en van hout, als je er eentje gezien hebt, heb je ze allemaal gezien. We konden er ook onze drone niet oplaten, want het waaide te hard.

En we hadden er nog wel een dag voor in de trein gezeten. Iets wat achteraf helemaal niet had gehoeven, want het stikt in Zuid-Korea van de Penisparken. Hoewel de Koreanen een preuts imago hebben, rijden de vrouwen er gierend van de lach op de levensgrote penissen.

De reden dat Zuid-Korea zo rijk is aan tampeloeres-tuinen is dat er belastingtechnisch groot voordeel te behalen valt uit het openen van een museum en dan kom je natuurlijk al snel uit op een klok en hamerspeeltuin of natuurlijk een teddyberenmuseum. Maar daar durven wij niet in. Wat wij verder niet (meer) durven is schaal-en schelpdieren eten want Annie gaat ervan projectielkotsen.

Daar zijn we als volgt achter gekomen. We zaten in zo’n uitgestorven badplaatsje, want het is nog net off season en het regende een beetje en dan kom je al snel terecht in het enige geopende visrestaurantje. Voor je het weet zit je achter een ‘hotpot met seafood’. Wat dat ook moge wezen, het is maar net wat er die dag aan komt zwemmen of kruipen en wat er nog in het aquarium voor de deur rondbeweegt. Gelukkig kwam alles gewoon uit de keuken. Echter, vlak voor de heftig pruttelende pot op tafel kwam, liep de eigenaar nog even met een mes naar het aquarium en stak op iets in. Nu heb ik zelf ook een aquarium gehad en zou zoiets nooit gedaan hebben om mijn gasten te imponeren.

Ik zag Annie er ook met afschuw naar kijken. „Wat moeten we nu?” fluisterde ik schor.

Maar de hete pot werd al voor ons neergezet en in het midden dreef een schelp met een gekarteld diertje erin dat doorgekookt werd. „In zijn eigen tranen”, huilde Annie. Het volgende moment, pakte de eigenaar van het restaurant het diertje op en duwde het in mijn mond, ik spuugde hem meteen uit op Annies bord maar ik denk dat ze hem later toch ongemerkt heeft opgegeten. Met als gevolg dat projectielkotsen van haar de hele nacht.

Het kan trouwens ook aan een ander diertje gelegen hebben in de hete pot. Een herrie dat ze er bij maakt trouwens. Ik schrok me rot, ze leek wel een middellangeafstandsraket. „Hou je een beetje in Annie”, riep ik, „je maakt iedereen wakker, direct zien ze het nog als provocatie.”