Opinie

    • Marcel van Roosmalen

All you can eat

Marcel

Als we ooit echt uit eten wilden, vertelden dorpelingen ons ongevraagd, moesten we naar de ‘all you can eat’ in Assendelft.

Assendelft is twee dorpen verderop.

De ‘all you can eat’ zat naast het zalencomplex waar de vriendin in een vorig leven afdanste.

We betraden een complex met verschillende eetzalen. Het was zaterdag, 17.00 uur, er zaten al honderden mensen zoveel te eten en te drinken als ze op konden.

„Dit is nog niks”, zei de ons toegewezen ober, „over een paar uur is het stouwen. Het kan nog veel voller.”

We liepen achter hem aan.

Tafels vol eten met mensen ertussen. We werden op twee plastic banken tegenover elkaar gezet, de muren waren ook van plastic. De ober: „Vanwege de kinderen.”

We kregen een tablet met een timer, die ging tweeënhalf uur later af, dan moesten we ophouden met eten.

De ober: „Want anders…”

Ik: „Ja?”

De ober: „Nou ja, dat wil je niet.”

Hij legde uit: vast bedrag – non-stop eten en drinken – gewoon op de plaatjes drukken, dan kwam het binnen vijf minuten. Tip om het eruit te krijgen: sterkedrank was inbegrepen.

Onze buren, ze gingen elke week: „Gewoon op alles drukken!”

De specialiteiten van het huis waren sushi en grill, maar het was ook mogelijk om tweeënhalf uur friet en frikandel te eten.

In het begin, toen de eerste gerechten meteen kwamen, zag ik nog pluspunten. Geen gewacht en gehonger, maar gewoon aan de slag. De kinderen waren op hun manier ook enthousiast. De kleinste wroette met blote handjes in een bakje bami, terwijl de oudste kipspiesjes naar een ander tafeltje bracht omdat ze dacht dat de mensen daar minder hadden dan wij.

„Nee lieve schat, dank je wel”, zei een man, „wij ontploffen zelf zowat.”

Het eten bleef maar komen. We spraken af niet meer te drukken, de oudste begon de plastic muur te versieren. Onze buurvrouw zei dat ze ‘de weelde’ waarschijnlijk niet kon dragen en dat we d’r ‘met een half bordje’ naar de kidscorner moesten slepen, had zij met die van haar ook gedaan. De kidscorner was een vierkant naast de toiletten waar kinderen elkaar, zichzelf en het plastic speelgoed besmeurden met eten.

Het was eten om het eten, liefdeloos. Obers zetten borden op tafel en namen halfvolle borden mee terug. Waar bleef al dat voedsel? Vraag aan ons: „Zit u al vol?”

Ja, we waren al wel klaar met de formule.

De volgende dag roken we nog steeds naar all you can eat. Ik dacht dat de mensen het ook aan ons konden zien dat we daar geweest waren, maar dat was niet zo.

    • Marcel van Roosmalen