Amerika begint een serieus voetballand te worden

Voetbal in de Verenigde Staten

Amerika ontbreekt bij het WK. Het zal de opmars van soccer niet stuiten in de VS, dat samen met Mexico en Canada het toernooi zal organiseren in 2026.

Het Mercedes Benz-stadion in Atlanta werd vorig jaar geopend en breekt alle toeschouwerrecords in de Major League Soccer. Foto Kevin C. Cox/Getty Images

Het U.S. Soccer House, gelegen in het chique Prairie Avenue Historical District in Chicago, illustreert treffend de staat van het voetbal in de Verenigde Staten. Het bondsbureau, twee aan elkaar geschakelde 19e-eeuwse herenhuizen, is net als het beleid under construction. Een aantal muren is al doorgebroken voor meer ruimte en transparantie, maar eigenlijk is het voetbalhuis veel te klein en onpraktisch voor de organisatie die de afgelopen paar jaar haar personeelsbestand heeft verdubbeld.

Het kabaal van de bouwvakkers is zo luid dat gastheer Michael Kammarman zijn bezoek naar een andere kamer leidt om zich verstaanbaar te kunnen maken. De perschef van het nationale mannenteam (sinds 2001), en wandelende US Soccer-encyclopedie, kon tijd vrijmaken aangezien ‘zijn’ team zich niet heeft geplaatst voor het WK – voor het eerst sinds 1990. In de laatste voorronde verloor het al zo goed als zeker gekwalificeerde Amerika tot ieders verrassing van het nietige Trinidad en Tobago, dat stijf onderaan stond. Een paar jaar geleden zou het een enorme terugslag hebben betekend, maar voetbal heeft in de VS nu een stevige basis.

Zoals de cijfers staven. De Amerikaanse bond heeft ruim 4 miljoen leden, maar volgens wereldvoetbalbond FIFA zijn er in de VS zo’n 25 miljoen beoefenaars. En het aantal tv-kijkers blijft groeien, vertelt Kammarman. „Toen wij in op de WK van 2002 in de achtste finale Mexico versloegen, keken er vijf miljoen Amerikanen, in 2014 keken er 25 miljoen naar het groepsduel tegen Portugal.” De vraag of voetbal het gaat redden in de VS, is allang een gepasseerd station. De missie van US Soccer: van voetbal de belangrijkste sport in het land maken.

Nooit massaal omarmd

Tot nog maar enkele jaren geleden leek dat doel volstrekt onrealistisch. Voetbal werd in de VS al vóór 1850 gespeeld, maar nooit massaal omarmd. Door de alomtegenwoordige sporten basketbal, American football en honkbal, maar ook door de gebrekkige organisatie. De sport begon in vijftig verschillende staten, op ongeveer vijftig verschillende manieren en zo is het gegroeid. Nog steeds bestaan ontelbare competities, die er soms zelfs hun eigen regels op nahouden. Kammarman: „We proberen dat nu meer te verenigen. Dat valt niet mee in zo’n groot land met zoveel verschillende klimaten, tijdzones en culturen.”

Lange tijd, zo geven ze grif toe in het Soccer House, was er ook geen visie en een gedegen jeugdplan. Bij de jeugdteams waren het vooral de ouders die training gaven en coachten, zonder enige voetbalachtergrond. Voetbal bleef zo decennialang een sport voor etnische groepen, vrouwen en de jongste jeugd, die na een paar jaar de sport de rug toekeerde.

Wat ook niet hielp was een profcompetitie met wereldsterren als Johan Cruijff en Pelé, die in hun nadagen nog wat miljoenen bij elkaar speelden in immense en vaak lege honkbal- of footballstadions. Na zestien jaar verdween de North American Soccer League in 1984.

Het nationale voetbalteam wist zich tot 1990 veertig jaar niet te kwalificeren voor een WK-eindronde. De organisatie van het WK in 1994 luidde in de VS de ommekeer in. Mede dankzij de goede prestaties van het nationale team, dat de groepsfase doorkwam, stond het mannenvoetbal op de kaart in de VS.

Fans van de nieuwe club Atlanta United buiten hun stadion, eerder dit jaar. Foto Kevin D. Liles/Hollandse Hoogte

Major League Soccer

In 1996 zag de nieuwe profcompetitie Major League Soccer (MLS) het levenslicht. Wederom leek die uit te draaien op een fiasco, met een verlies van 250 miljoen dollar in de eerste vijf jaar. Maar er was dit keer wel degelijk goed nagedacht, bleek in 1999 bij de opening van het nieuwe onderkomen van Columbus Crew, het eerste stadion in Noord-Amerika dat speciaal voor voetbal was gebouwd. Hetzelfde gebeurde in een tijdsbestek van enkele jaren in Los Angeles, Dallas, Chicago en Toronto. Stadions van bescheiden omvang, met tribunes veel dichter op het veld. Inmiddels zijn er negentien voetbalstadions gebouwd.

In de slipstream van de succesvolle voetbalvrouwen (sinds 1991 drievoudig wereld- en vier keer olympisch kampioen) presteerden de mannen ook steeds beter. Tot en met 2014 leken de VS een abonnement te hebben op de WK-eindronde. „De media besteedden er meer aandacht aan en de Amerikanen begrijpen de sport veel beter”, zegt Kammarman. „Ze kunnen nu zelfs genieten van een 0-0.”

Het aantal clubs in de MLS verdubbelde binnen tien jaar, er zijn er nu 23. Een franchise fee, om een club te mogen oprichten, kan oplopen tot 150 miljoen dollar. Maar steden en ondernemers staan ervoor in de rij. Het is tegenwoordig een goede investering. Stilaan wordt Amerika een voetballand. En dat is een verdienste. „In de rest van de wereld gaat dat vanzelf. Wij moeten er heel hard voor werken, wij moeten een voetbalcultuur opbouwen”, zegt Kammarman.

WK met 48 landen

De organisatie van het WK in 2026, waaraan voor het eerst 48 landen mogen deelnemen, zou de sport een enorme push geven. Of de enige concurrent Marokko het grootste sportevenement ooit (tachtig wedstrijden) überhaupt aankan, daar laat Kammarman zich niet over uit. „Maar wij zouden het morgen al kunnen organiseren.” Samen met Canada en Mexico, die elk tien wedstrijden mogen organiseren. De toewijzing gebeurt op 13 juni.

Tijdens de rondleiding in het kruip-door-sluip-door Soccer House ontmoeten we Nederlanders, een Italiaan, Fransman, Duitser, Belg. Experts die allen recentelijk zijn aangesteld om de nieuwe ambitieuze doelen te realiseren. „Het begint natuurlijk met een duidelijk plan, maar wij wilden per se een internationale staf,” zegt Ryan Mooney, directeur Sport Development. „Wij misten ervaring en geloofwaardigheid.” Sinds februari deelt hij zijn functie, en een minuscuul kantoor, met Nico Romeijn, voormalig hoofd trainersopleiding van de KNVB.

„In Nederland is het pad dat een voetballer aflegt heel duidelijk”, legt Romeijn uit. „Hier niet. De verschillen per staat of stad zijn enorm. Veel talenten haken af als ze ver moeten reizen of zelfs verhuizen. Dus er moet méér kwaliteit op méér plekken komen.” Mooney: „Wij willen voetbal zo toegankelijk mogelijk maken. Het netwerk wordt steeds fijnmaziger, er komen steeds meer goede clubs. Wij willen dat voetballers hun hele leven blijven spelen; dat is onze grootste uitdaging.”

De nationale jeugdteams presteren steeds beter. Maar de overgrote meerderheid van de Amerikaanse ploeg speelt het liefste in Europa, ook vanwege het geld. Veel MLS-clubeigenaren zetten nog steeds graag in op wereldtoppers-in-hun-nadagen, die soms de helft van het beschikbare spelersbudget beuren.

Geesten uit het verleden

Op een ijskoude dag in april lijken de geesten uit het verleden de kop op te steken in Bridgeview. Alleen fanatieke fans zijn naar de troosteloze voorstad van Chicago gereden voor de wedstrijd Chicago Fire-Columbia Crew. Voor nauwelijks drieduizend toeschouwers wint Chicago met een grijze, fletse Bastian Schweinsteiger onverdiend met 1-0.

In het Soccer House gaat de maandag daarop een mail rond met de laatste MLS-statistieken. Amerikaanse spelers hebben het afgelopen weekeinde 37 procent van het totaal aantal speelminuten in de MLS gespeeld. Het is een percentage dat al enige tijd daalt en de bond zorgen baart.

Dat de MLS het ook zonder vedetten-op-hun-retour kan, blijkt een week later bij Atlanta United-New York City FC, clubs uit respectievelijk 2017 en 2015 en de nummers een en twee in de Eastern Conference. Het is een confrontatie tussen twee coaches van naam: de voormalige Franse topspeler Patrick Vieira en de Argentijn Gerardo ‘Tata’ Martino, die hiervoor Barcelona en Argentinië leidde.

Op de parkeerplaats vlak bij het stadion is het voor de wedstrijd al feest met vuurwerk, gezang en getrommel van de grote latino-fanschare. Het voetbalvolk stroomt massaal naar het Mercedes Benz-stadion. De sporttempel in de binnenstad van Atlanta (kosten: 1,6 miljard dollar) werd vorig jaar geopend en breekt alle toeschouwersrecords in de MLS.

Het Mercedes Benz-stadion in Atlanta:

Multimiljardair Blank

Met dank aan multimiljardair Arthur Blank, tevens eigenaar van het plaatselijke footbalteam Atlanta Falcons en de populairste inwoner van de miljoenenstad. In het stadion spelen de Falcons ook hun thuiswedstrijden, maar daar merk je niets van op deze zondagavond. Geen American-football-lijnen op het veld en het publiek dicht bij de actie, eiste Blank, die werkt volgens het motto ‘the best, or nothing’.

„Dit stadion is onwerkelijk”, zegt Tony Annan, hoofd jeugdopleiding van Atlanta United. De Engelsman woont en werkt al decennia in de VS. „Ik had nooit gedacht dat ik dit in de States zou meemaken. Een thuiswedstrijd hier is luider dan elk ander Amerikaans sportevenement dat ik heb bezocht. Je zult het zien.”

Er zijn geen 72.035 toeschouwers, zoals enkele weken eerder, maar de bovenste ring is fraai afgedekt met doek, zodat elke plaats bezet lijkt. De ruim 45.000 zéér aanwezige toeschouwers bevestigen de woorden van Annan. Atlanta United biedt Amerikaans amusement , een zinderende wedstrijd op hoog technisch en tactisch niveau, en op de volle tribunes Zuid-Amerikaanse hartstocht en publiek dat de sport begrijpt. Het wordt, on-Amerikaans, een gelijkspel (2-2), maar na afloop is iedereen opgetogen. „Dit was vijf jaar geleden niet mogelijk,” zegt Vieira. „En ik denk dat dit nog maar het begin is.”