Accountants overschatten zichzelf, en onderschatten het probleem

Rapport

Accountants maken nog altijd te weinig werk van verandering, blijkt uit een nieuw rapport. Ze zijn voor „behoud van de status quo”.

Foto Olaf Kraak

De accountants hadden aangedrongen op een „overwegend positief rapport”, zo wordt verklapt in het rapport. Ze hadden behoefte aan rust, was het argument. Niet aan nog meer heisa rond hun vak.

De Monitoring Commissie Accountancy heeft daar echter geen gehoor aan gegeven. De accountants maken namelijk nog steeds te weinig werk van de noodzakelijke verandering. Dat concludeert de commissie in haar nieuwste rapport over de verbetermaatregelen die de accountants in 2014 zelf hebben voorgesteld.

Sinds dat jaar staan accountantskantoren onder grote druk om zichzelf te verbeteren, als gevolg van schandalen en slechte beoordelingen van de toezichthouder. Ze bedachten 53 maatregelen die tot verbetering zouden moeten leiden, zoals een verplichte raad van commissarissen en minder bonussen. De onafhankelijke Monitoring Commissie Accountancy, met daarin onder meer een aantal accountants, werd ingesteld om de invoering en het effect te controleren.

Dat heeft de commissie nu voor de tweede keer gedaan, bijna vier jaar nadat de 53 maatregelen werden opgesteld. Er zijn weliswaar „flinke vorderingen” gemaakt met de invoering, stellen de commissieleden vast, maar „bewijs voor de werking” is er niet. De effecten zijn „nog onvoldoende aantoonbaar”.

De commissie benoemt verschillende problemen. In de eerste plaats overschatten de accountants zichzelf: ze zijn „te optimistisch”. Ze strooien wel met termen als ‘kwaliteit’ en ‘cultuurverandering’, maar dat worden „inhoudsloze begrippen” als deze woorden geen duidelijke effecten hebben. Het positieve zelfbeeld van de accountants is volgens de commissie onterecht.

Jonge accountants vinden de werkdruk veel te hoog. Lees ook: Wie wil er nog accountant worden?

Aan de andere kant ónderschatten ze de „complexiteit” en „ingrijpendheid” van de veranderingen die nodig zijn. Accountants zijn onvoldoende in staat om „afstand te nemen” en „buiten bestaande kaders” te treden.

Dat leidt er onder meer toe dat ze niet écht bereid zijn hun heilige huisjes ter discussie te stellen. Neem het partnermodel en het verdienmodel, waarvan critici al jaren zeggen dat ze niet in het maatschappelijk belang zijn, maar vooral in het belang van accountants zélf. Die blijven er echter krampachtig aan vasthouden. Hun houding is er een van „the system fights back, ter behoud van de status quo”.

Ook heeft de commissie gemerkt dat fraude „geen topprioriteit” is. De accountant moet scherp letten op signalen van fraude bij zijn klant, maar „de aantoonbare wil” om die op te pikken valt tegen.

Problemen zelf oplossen

Je zou er onderhand moedeloos van kunnen worden: al veel vaker is in de afgelopen jaren vastgesteld dat het niet opschiet. Vorig jaar constateerde de Autoriteit Financiële Markten wederom dat de kwaliteit van de accountantscontroles door de grootste vier kantoren (KPMG, EY, PwC en Deloitte) onder de maat is.

Lees ook dit interview met de toezichthouder op accountants: ‘Voorthobbelen’ door accountants kan nu echt niet meer

Eind 2016 concludeerde de Monitoring Commissie Accountancy ook al dat de accountants te weinig hadden gedaan. Ook toen werden ze opgeroepen om nu eens kritisch naar hun partner- en verdienmodel te kijken.

Destijds adviseerde de commissie geen „politiek ingrijpen” – de accountants moesten het zelf proberen op te lossen. Ook nu, ondanks de tegenvallende resultaten, vragen de leden niet om wetgeving. Extra regels hebben volgens de commissie geen zin. Volgend jaar volgt weer een nieuw rapport over de voortgang.

Overschatten accountants zichzelf inderdaad, zoals de commissie stelt? „Dat herken ik misschien wel een klein beetje”, zegt Pieter Jongstra. Hij is voorzitter van de Nederlandse Beroepsvereniging van Accountants (NBA) en was partner bij EY. Maar Jongstra vindt het eigenlijk wel goed dat accountants „met een zekere positiviteit” te werk gaan. En onderschatten ze de complexiteit van het probleem? „Dat herken ik niet.” Het kómt juist door de complexiteit, legt Jongstra uit, dat het lang duurt.

Ondanks de harde kritiek leest de NBA-voorman het rapport als een „bevestiging dat we de weg omhoog hebben gevonden”.

Lees ook hoe de commissie vorige keer oordeel over de accountants: Opnieuw harde kritiek op accountants
    • Teri van der Heijden